Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Past jouw zadel?

Waar moet je op letten bij de aanschaf van een nieuw zadel? En welke gevolgen heeft een slecht passend zadel voor je paard?
 
Tekst: Inga Dora Meyer / Foto’s: Holger Schupp
 
Twee houten planken, twee touwtjes – en klaar was het zadel. De paardenzadels van vroeger waren ideaal om veel bagage op het paard te bevestigen en tegelijkertijd zijn rug te ontlasten. Bovendien was het zadel geschikt voor lange afstanden. De planken waren namelijk oorspronkelijk als paktas bedoeld en het paard als lastdier. Pas later begon men paarden ook te berijden. Daarmee begonnen ook de moeilijkheden, want de rug van het paard moest wel beweegbaar zijn, bovendien heeft een ruiter houvast nodig. Ergo: het zadel dwingt bij elkaar wat niet bij elkaar hoort. Het is de verbinding tussen bovengenoemde aspecten. Als die verbinding verstoord raakt, is er geen harmonie.
Stel, je maakt een leuke wandeling. Je kijkt vanaf het dal naar de top van de Matterhorn, glashelder water weerspiegelt de contouren van de natuur. De zon schijnt. Een adembenemend moment in de prachtige bergwereld van de Alpen. Puur genieten. Of toch niet? Je volgepakte rugzak drukt onaangenaam in je rug. De stalen waterfles slaat bij iedere stap tegen je nieren en die stomme verrekijker voel je voortdurend tussen je schouderbladen. Wat moet dat ding nou toch in die rugzak? Kortom, frustratie staat je plezier in de weg.
Ditzelfde ervaart ook je paard, wanneer hij een zadel op zijn rug heeft dat niet (goed) past. Voor je paard is het ongemak zelfs nog groter, aangezien hij zijn zadel niet alleen draagt tijdens de wandeling in de zomervakantie, maar het hele jaar door, vaak zelfs dagelijks. Bovendien moet hij niet alleen stappen, maar ook een versterkte draf en een ruime galop tonen. Je wilt dat je paard met een ontspannen rug loopt en ook tegen een relaxt buitenritje zeg je geen nee. Maar ben jij weleens vrolijk lachend met een loeizware rugzak hard gaan lopen in de natuur? Vast niet. Het aanbod aan paardenzadels is vandaag de dag zo groot, dat je je paard veel ongemakken kunt besparen.
  
Voor elk wat wils
Zadelmaker Josef Hackenbroch maakt bij het aanmeten van een zadel onderscheid tussen jonge paarden die meer vlees op hun botten hebben, zieke paarden die een opbouwtraining nodig hebben en getrainde paarden met een uitstekende spiermassa. Elk paard heeft andere behoeftes en dus ook een ander zadel nodig. “Voor jonge paarden adviseer ik een tweedehands zadel met een vlak kussen. Het zadel moet zacht en soepel zijn, zodat het houvast heeft op de rug van het paard. Het is immers nog niet duidelijk hoe het paard zich gaat ontwikkelen”, aldus de expert. “Voor een ziek paard dat zijn spieren weer moet opbouwen zoek ik een liever een breed zadel met een goede vulling.”
Voor het aanmeten van een zadel neem je het exterieur van je paard als uitgangspunt. Is de rug kort of lang? Heeft je paard een karperrug of een extreem holle rug? Is hij overbouwd? En gaat het om een klein of een groot paard? “Maar het exterieur is niet alleen doorslaggevend voor een perfecte pasvorm. De bewegingsafloop van het paard is minstens zo belangrijk”, gaat Josef Hackenbroch verder. “Hoe loopt het paard? Zet hij zijn achterbenen ver onder zijn zwaartepunt neer? Toont hij veel ontspanning en heeft hij ruime gangen? In dat geval zou ik kiezen voor een zadel met een diep zitblad, met het zwaartepunt verder naar achteren. Dan kun je, als het paard zijn rug welft, goed zitten”, licht de vakman toe.
 
Behalve het juiste zwaartepunt is ook de vorm van het kussen en de lengte hiervan belangrijk. “Veel mensen denken nog steeds dat de inches iets zeggen over de juiste pasvorm. Maar dat klopt niet. Ook de alom bekende vier-vinger-regel, die de ruimte tussen de schoft en de zadelkamer uitdrukt, is achterhaald. Dat geldt eveneens voor het principe dat een zadel niet over de laatste borstwervel mag uitsteken.” Waarom? “De wijze waarop zadels worden gebouwd, is in de laatste vijftien jaar nogal veranderd”, verklaart Hackenbroch. “De zadels van de verschillende fabrikanten hebben ieder hun eigen vorm. En daar begint ook meteen het probleem voor de koper. Niet alle modellen zadels passen bijvoorbeeld op een paard met een hoge schoft.” De zadelmaker laat daarom altijd veel verschillende modellen aan zijn klant zien. “Soms moet je als zadelmaker toegeven dat de modellen zadels die je in huis hebt, niet passen op het paard van de klant. Maar niet alle zadelmakers doen dat. Ook een zadelmaker heeft brood op de plank nodig, terwijl hij toch het beste met het paard voor zou moeten hebben.”
 
Perfecte pasvorm
Hoe weet ik dan of een zadel echt goed past bij mijn paard? “Ik zou liegen als ik zeg dat je dat als leek voor honderd procent zeker zou kunnen zeggen”, reageert de zadelmaker. “Wat je wel kunt zien en voelen, is of er tussen de schoft en de zadelkamer een paar centimeter ruimte zit, of dat het zadel vlak op de rug van het paard ligt. Je kunt ook zien of de schouder van het paard vrij is en of het laagste punt van het zadel precies in het midden zit. Als het zadel aan de achterkant los zit en zich als zodanig tegen het ritme van het paard in beweegt, is het zadel meestal aan de voorzijde te breed, te rond of wordt het zadel te vast aangesingeld. Het is dan nuttig om ook de plek van de singelbanden te controleren.”
Maar ook tijdens het rijden merk je of een zadel al dan niet geschikt is. Zo kunnen aanleuningsfouten, problemen bij de drie basisgangen of onverklaarbaar weerbarstig gedrag van het paard symptomen zijn voor een slecht passend zadel. “Mensen zeggen dan: ‘ik heb sinds de laatste negen maanden het idee dat het niet meer zo goed lukt met rijden’. Zoiets maakt me boos. Het paard heeft dan al die tijd met een slecht zittend en misschien zelfs drukkend zadel rond moeten lopen”, aldus Hackenbroch. “Maar ook de zadelmaker valt te verwijten dat hij een verkeerd zadel heeft verkocht.”
 
Het komt in de praktijk ook voor dat een slecht passend zadel het paard niet lijkt te storen. Sommige paarden lopen jarenlang met een wippend zadel maar vertonen geen klachten, omdat ze geen drukpunten voelen. Hackenbroch vermoedt dat elk paard zijn eigen pijnbeleving heeft. Kijk daarom altijd kritisch naar je zadel als je onregelmatigheden constateert.
Wie een paard rijdt met een gevoelige rug of een ziek paard dat zijn spieren nog moet opbouwen, is volgens Hackenbroch gebaat bij een lamsvacht. “Ik vind deze vachtjes erg goed, mits ze van goede kwaliteit zijn, waardoor ook na drie jaar gebruik de vezels nog rechtop staan. Zo’n vacht dient direct op de rug van het paard te worden gelegd. Ook een gelpad is geschikt. Deze moet tussen de sjabrak en het zadel komen te liggen en moet in elk geval zo groot zijn dat het hele zadel wordt bedekt.” Het is belangrijk dat het zadel is afgestemd op de onderlaag, benadrukt Hackenbroch: “Als je een elegante lakschoen koopt, kun je die dragen met nylon of met dikke handgebreide sokken. Dat verschil is snel merkbaar. Datzelfde geldt ook voor zadelonderlagen.”
 
Tip van Annemarie van der Toorn:
Bij enkele zadelmakers kun je gebruikmaken van meetapparatuur die precies weergeeft of de druk van het zadel goed verdeeld is over de rug van het paard en of het zadel dus goed past. Dat geeft een goed en betrouwbaar beeld.
  
Sjabrakken
De keuze van een sjabrak is eveneens belangrijk voor een goede ligging van het zadel. Bij voorkeur kies je voor een deken van katoen, in welke kleur dan ook. “Ik bekijk dat allemaal een beetje kritisch. Tegenwoordig is de kleur van het dekje belangrijker, zo lijkt het wel. Zo ook de glitters en alle andere poespas. Maar vaak is zo’n deken niet in staat om al het zweet op te nemen dat het paard afgeeft. Daardoor verstoppen de talgklieren en het gevolg is dat het paard pijn heeft. Dat kun je voorkomen als je na het rijden de plek waar het zadel op de rug heeft gelegen, met een natte spons afneemt”, adviseert Josef Hackenbroch.
Een andere tip van de zadelmaker is een vilten deken. “Ik heb jarenlang de bereden politie in Keulen, Bonn en Aken van vilten dekens voorzien. En niemand zei ooit dat zijn paard pijn in zijn rug had.” Ook een speciaal geweven en gewalste wollen deken, die opgevouwen als zadeldekje wordt gebruikt, is een alternatief voor paarden met rugklachten of voor vierhoevers die hun spieren na een ziekte eerst weer moeten opbouwen. De lagen van de wollen deken bedekken oneffenheden, zodat het zadel goed op de rug kan liggen.
Wat als het zadel, ondanks een goede onderlaag, niet op zijn plek blijft liggen? “Goed aangemeten zadels schuiven over het algemeen naar de plek waar ze horen te liggen – namelijk op het laagste punt van de rug”, zo beschrijft de zadelspecialist de situatie. Maar bij rondere pony’s met weinig schoft heb je behalve een staartriem geen mogelijkheid om het zadel op zijn plaats te houden. Bij een paard met een lage wervelkolom wil een voortuig nog wel eens helpen. “Je ziet dat veel springruiters een voortuig gebruiken, terwijl dat niet nodig is, het ziet er echter prachtig uit”, denkt Hackenbroch. “Maar bij het Z-springen, waarbij het paard in de vliegfase stijl omhooggaat en bijna verticaal stijgt, is een voortuig wel degelijk aan te raden. Dat geldt ook voor het rijden in heuvelachtige gebieden, als je bijvoorbeeld aan veelzijdigheidsrijden doet. Verder is het voortuig vaak niets anders dan een versiering…”, aldus de zadelmaker.
En hoe zit het met de singel? “Springruiters adviseer ik een singel met elastiek. Springpaarden moeten hun rug boven de sprong sterk welven (bascule). Dan heb je een flexibele singel nodig, een singel die meegeeft. Alle anderen ruiters raad ik het gebruik van een gewone, zachte singel aan. Eentje die goed schoon te houden is. Probeer uit welke singel het best bij je paard past.”
 
Tip van Annemarie van der Toorn:
Hoe dik een sjabrak ook is, hij kan het niet goed passen van een zadel niet verhelpen!
 
Gewicht
Als je met al deze punten rekening hebt gehouden, rest er nog één vraag: hoe zwaar mag het zadel zijn? Je hebt het toch al gauw over een gewicht van tussen de vier en acht kilo. “Dit is mede afhankelijk van de bijkomende onderdelen. Zo zijn kunststof beugels lichter dan metalen beugels. Uiteindelijk is het gewicht van het zadel niet de doorslaggevende factor, veel belangrijker is het gewicht van de ruiter.” Als bijvoorbeeld een vrouw van negentig kilo een klein paard koopt, dan past dat simpelweg niet bij elkaar.” 
 
Tip Annemarie van der Toorn:
Bij jonge paarden die ingereden worden, kun je beter even wachten met het kopen van een nieuw zadel. Het paard krijgt steeds meer bespiering waardoor het nieuwe zadel na vijf maanden misschien al te klein is geworden!