Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Passen en meten: op zoek naar het juiste zadel

Waar moet je op letten bij de keuze van je zadel? En wat voor gevolgen heeft een slecht zittend zadel voor je paard? De redactie van ROS vroeg het aan de zadelmaker.
  
Tekst: Julia Schay-Beneke / Foto’s: Ilja v.d. Kasteele
 
Stel het is een mooie lentedag en je wilt een heerlijk lange buitenrit maken. Je haalt je paard van stal en borstelt hem eens grondig. Op het moment dat je het zadel op het paard wilt leggen, slaat de ontspannen stemming van je paard opeens helemaal om: hij bijt, slaat en legt zijn oren plat in zijn nek. Hij pompt zichzelf helemaal op, zodat je de singel niet vast kunt gespen. Duidelijker kan bijna niet: het zadel past niet (goed) en veroorzaakt pijn. “Paarden zijn namelijk slim”, waarschuwt Ariane Prehn, fysiotherapeute en osteopaat voor paarden. “Als je gevoelig bent voor hun stemmingen, merk je bij het opzadelen meteen dat er iets niet goed zit.”
 
Zonder zadel
Het zadel is een van de belangrijkste onderdelen van het harnachement. Een goed zadel moet niet alleen perfect passend zijn voor de gevoelige paardenrug, maar moet ook worden afgestemd op het lichaam en de rijstijl van de ruiter. Een niet passend zadel veroorzaakt pijnlijke drukplekken, verkramping van de spieren en rugklachten. Bovendien blokkeert een niet passend zadel de bewegingen van het paard. Reden genoeg om je bij de aanschaf van een zadel goed te laten adviseren.
 
Tijdens het rijden moet de paardenrug zoveel mogelijk worden ontlast. De ruiter moet ontspannen en veilig boven het zwaartepunt van het paard zitten. Zijn gewicht moet over een zo groot mogelijk oppervlak worden verdeeld, waarbij het paard over voldoende bewegingsvrijheid moet blijven beschikken. Of jouw zadel aan bovenstaande basisvoorwaarden voldoet, kan alleen een ervaren zadelmaker beoordelen. Klaus Schwecht, zadelmaker in Zülpich, in de buurt van Keulen, kijkt altijd eerst naar het paard zelf en naar hoe hij wordt gereden. Ook kijkt hij kritisch naar de paardenrug en naar de stand van de hoeven. “Als de hoeven niet helemaal recht staan, vallen al een hoop zadels af.”
De zadels die overblijven worden in overleg met de klant geselecteerd op onder andere grootte, prijs en pasvorm. Vervolgens worden de zadels gepast, waarbij Schwecht nauwkeurig checkt hoe de verschillende onderdelen van het zadel op de paardenrug liggen. “Om te beginnen moet de zadelboom perfect passen,” begint Schwecht. “Heeft het paard een wat meer gewelfde rug? Of is de rug min of meer recht?” Het voorste deel van de zadelboom moet netjes achter het schouderblad liggen en moet voldoende bewegingsruimte geven.
Wanneer de zadelboom past, kijkt Schwecht naar de bespiering van het paard, waar de maat van het zadelkussen van wordt afgeleid. “Voor een paard met een behoorlijke bespiering is een vlak zadelkussen geschikt. Een ouder paard met minder spieren heeft echter een wat dikker kussen nodig. Anders komt het zadel te dicht op het paardenlijf te liggen, waardoor het kopijzer op de monnikskapspier drukt.”
 
Te wijd of te nauw
Wanneer fysiotherapeute en osteopaat Ariane Prehn paarden met zadelproblemen behandelt, kijkt ze vooral naar de verschillen tussen de rechter- en linkerkant van het paard. “In tachtig procent van de gevallen die ik behandel, blijkt de rechterschouder sterker ontwikkeld dan de linker, waardoor de zadelboom niet goed past. De zadelkamer, de ruimte tussen de zadelboom en de schouder, is daardoor aan een kant te nauw of juist te wijd. Onvoldoende bewegingsvrijheid leidt tot pijn en spierproblemen. Maar ook te veel bewegingsvrijheid, veroorzaakt door een te wijde zadelkamer, is niet goed voor het paardenlichaam. Het gewicht van de ruiter drukt in dit geval namelijk te veel op de wervelkolom van het paard. “Op sommige plekken wordt de druk zelfs zo groot, dat paardenharen geen pigment meer aanmaken, met witte haartjes tot gevolg,” aldus Prehn.
 
Zadelpas
Het is verstandig om bij het passen van een zadel niet alleen te kijken naar hoe het zadel ligt op de rug van een stilstaan paard, maar om ook te testen hoe goed het zadel past wanneer je alledrie de gangen rijdt. Het liefst volgens je eigen rijstijl. Onze tip: leg hierbij geen sjabrak onder het zadel. Je kunt dan namelijk na het rijden controleren of het zweetbeeld op alle plekken onder het zadel gelijk is. Waarom? Droge plekken op de huid tonen aan het zadel de paardenhuid hier niet geraakt heeft, of dat het zadel op deze plek juist teveel op de paardenhuid drukt. In deze gevallen past de zadelmaker het zadel iets aan, waarna deze opnieuw getest dient te worden.
 
Voor het aanmeten van een zadel kan de zadelmaker gebruik maken van verschillende hulpmiddelen, bijvoorbeeld van flexibele linialen die de rug van het paard opmeten waarna de rug kan worden nagetekend. Klaus Schwecht geeft de voorkeur aan beweegbare, loden linialen die met leer zijn omhuld. Uit ervaring weet hij dat voor echte probleempaarden meetpads met sensoren, die onder het zadel moeten worden gelegd, ideaal zijn. Deze pads sturen via een draadloze verbinding informatie over de zadeldruk naar een computer. “Op het computerscherm kan ik dan precies zien op welke plekken op het paardenlichaam het zadel druk opbouwt,” aldus Schwecht.
Wanneer een paard bijzonder gevoelig blijkt voor drukplekken, kan een speciale latex onderlegger uitkomst bieden. “Een dergelijke ontlastende onderlegger kan echter nooit een (goed) passend zadel compenseren,” benadrukt Schwecht. Het zadeldek moet glad op de paardenrug liggen, anders ontstaan er vouwen die op hun beurt weer pijnlijke drukplekken kunnen veroorzaken. “Het zadeldek mag niet verschuiven en moet groot genoeg zijn. Het zadel mag op geen enkele plek nog contact maken met de paardenhuid.” Het zadeldek mag echter ook niet te dik zijn, omdat een zadel dat perfect past dan opeens wel heel strak komt te zitten. “Dikke onderleggers hebben als doel om een zadel wat hoger op te tillen, er zijn maar weinig paarden die daarbij gebaat zijn.”
Erg populair op dit moment zijn gelpads, maar ook die bieden helaas niet altijd het gewenste resultaat. De pads vangen wrijvingen op, voorkomen schuurplekken en verzachten de pijn van insectensteken of verstopte talgklieren, maar verminderen ook het contact tussen ruiter en paard. Schwecht raadt het dan ook af om deze pads te gebruiken in de dressuur.
 
Regelmatige controle
Wanneer je een perfect passend zadel hebt aangeschaft, is het van belang om regelmatig te controleren of het zadel perfect blijft zitten. Bij paarden die ouder zijn dan zes jaar en die regelmatig worden getraind, raadt Schwecht aan om jaarlijks het zadel door een erkende zadelmaker te laten controleren. Bij paarden die jonger zijn dan zes jaar, is het verstandig om tweemaal per jaar een check te laten uitvoeren. Bij deze paarden is het skelet namelijk nog niet volgroeid en ook de bespiering van het paardenlichaam is nog in volle gang. Laat indien nodig het zadel aanpassen.
Andere redenen om de pasvorm van het zadel te controleren zijn ziekte, duidelijke gewichtstoename of –afname, lange pauzes en spieratrofie. In het laatste geval knelt het zadel de spieren rond de schoft af, waardoor de spieren niet voldoende voedingsstoffen kunnen opnemen en daardoor kunnen afsterven. In dit geval is het belangrijk om snel je dierenarts en paardenfysiotherapeut te waarschuwen.
Alleen door een goede, doelgerichte training van de rug- en buikspieren kan atrofie namelijk de kop in worden gedrukt. Daarnaast moet de doorbloeding in de rug worden gestimuleerd, met bijvoorbeeld massages, acupunctuur of acupressuur. Volgens Ariane Prahn kan het wel een half jaar duren voordat de paardenrug weer in optimale conditie verkeert. Dat onderstreept nog maar weer eens het belang van een goed passend zadel.
  
Hoe goed past mijn zadel?
- Klopt de maat van het zitvlak? De afstand van je eigen zitvlak tot de rand van de achterboom moet een handbreedte bedragen.
- Ga eens na of het zwaartepunt klopt: als dat te ver naar achteren zit, lijkt het alsof je bergop rijdt. Als je te ver naar voren zit, rijd je bergafwaarts. Het laagste punt moet samen met het zitvlak van het zadel precies in het midden op de paardenrug liggen.
- Is er voldoende ruimte tussen de kamer (bij de voorboom) en de schoft? Het absolute minimum is als volgt: links en rechts moet er een vinger tussen passen. Controleer dit nog eens na een half uur rijden.
- Voel met je hand onder het zadel als deze nog niet is aangesingeld of er al ergens drukplekken zijn ontstaan. - Breng van bovenaf een beetje druk op het zadel en voel met je hand onder deze plek.
 
Vijf feiten over de aankoop van een zadel
- De hoogte van de schoft: als de schoft erg hoog is, is een zadel met een teruggesneden kamer het meest geschikt, zodat de voorkant niet op de schoft drukt. Als het paard weinig schoft heeft, moet het zadel precies worden aangepast, omdat hij anders makkelijk naar achteren glijdt.
- De breedte van de paardenrug: bepaalt de wijdte van de kamer.
- De lengte van de rug: korte rug = kort zadel. Een lang zadel zou anders namelijk op de lendenwervels drukken. Belangrijk: een kort zadel verkleint het zitvlak van de ruiter.
- De welving van de rug: als het zadel hier niet goed past, ligt hij maar op één plek op de rug of er ontstaat een soort brugeffect.
- De positie van het schouderblad: als dat te ver naar achteren zit, moet het zadel meer schoudervrijheid toestaan, om de bewegingsvrijheid niet te beperken.