Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Rijden in de winter

Als het buiten kouder wordt, moeten niet alleen voorzorgsmaatregelen worden getroffen voor het paard, maar ook voor de ruiter.
 
Tekst: Julia Schay-Beneke / Foto’s: Horses im Media/Bölts, Brandel, IMAGO, Ilja v.d. Kasteele, Gabriele Metz, Holger Schupp, www.pferdegotoarchiv.de

 
1. Warme handen, voeten en oren …
… dat is een wens die je met veel andere ruiters in de winter deelt. Vooral tijdens een buitenrit, als de ijskoude wind je om de oren slaat. Soms verwens je zelfs het idee van een buitenrit. Manfred Gelf uit Zuid Tirol heeft zich in trektochten te paard gespecialiseerd. Hij adviseert om je handen met licht gevoerde handschoenen te beschermen. Deze handschoenen mogen de bewegingsvrijheid echter niet beperken.
“Ikzelf vind fleece en wollen handschoenen niet echt geschikt”, aldus de vakman. Voor je voeten zweert hij bij matige winterse temperaturen bij schoenen met lamsvacht en dikke, lange wollen (ski)sokken. Voor kortere buitenritten kun je opwarmbare zolen met oplaadbare batterijen gebruiken. Die zijn helaas vrij duur. Koop winterschoenen een maat groter en draag meerdere, niet te strak zittende, sokken over elkaar heen (het uienprincipe). Zo ontstaan namelijk verwarmde luchtkamers. “Als de temperatuur nog verder daalt of als je langere buitenritten maakt, misschien zelfs in combinatie met een looptraject en in diverse soorten buitengebieden, zijn bergschoenen en een lange thermo-onderbroek met voeten aan te raden”, licht Manfred Gelf toe. “Slobkousen zitten fijn en knellen niet. Ter bescherming van mijn oren draag ik onder mijn cap een muts.”
 
2. Verlichting
Als je ‘s winters in de namiddag gaat rijden, wordt het al gauw donker. En als je in het donker langs openbare wegen rijdt, gelden voor paard en ruiter strikte verkeersvoorschriften. Paarden moeten, net als bijvoorbeeld fietsen en brommers, goed verlicht zijn; aan de voorzijde een wit en aan de achterzijde een rood licht. Je kunt een laarslamp aan je linkerbeen gespen. Gebruik ook reflecterende beenbeschermers voor je paard. Auto’s verlichten namelijk alleen de benen van het paard. Het is raadzaam om een lichtgevend veiligheidsvestje over je jas te dragen. Manfred Gelf gebruikt altijd rode knipperlampjes (die je op de fiets veel ziet), die hij aan het bovenste stuk van zijn bagage vastmaakt. Bovendien heeft hij altijd een LED-zaklamp bij zich.
 
3. Alleen het beste materiaal
Piet Rott verzorgt trails in de Eifel. Hij houdt zich in de winter vast aan drie principes: “Ik draag alleen winddichte jassen, gevoerd met fleece. Verder bieden thermobroeken met chaps een uitstekende bescherming tegen de kou.” En, als iemand het ondanks deze voorzorgsmaatregelen nog koud krijgt tijdens een rit te paard, dan helpt een oud middel het best, namelijk beweging. “We lopen dan gewoon een stuk totdat iedereen het weer warm heeft”, aldus Rott. Manfred Gelf gebruikt al jaren uitsluitend thermo-ondergoed en -kleding uit alpinesportwinkels. “Deze kleding is licht en dun en je kunt er meerdere lagen van over elkaar dragen, zonder dat je bewegingsvrijheid beperkt wordt of dat je er opgeblazen uitziet”, verklaart hij. “Bovendien is dit ademende kleding die uitstekend beschermt tegen kou, wind en nattigheid én die snel droogt. Helaas is deze speciale kleding erg duur, maar de aanschaf loont beslist.”
 
4. Verzorging van het leer
Het leer van je zadel en rijlaarzen wordt vooral in koude of verwarmde lucht broos en vochtdoorlatend, als je het niet regelmatig goed verzorgt. “Daarom worden mijn zadels eens per jaar grondig schoongemaakt en ingeolied”, vertelt Gelf. “De resterende verzorging gebeurt in de loop van het jaar: bijvoorbeeld het insmeren met wax. Vroeger gebruikte ik in de winter altijd van dat soepele leervet dat je in een warme ruimte op het leer aanbrengt en laat intrekken. In de zadelkamer zijn de zadels altijd voorzien van een hoes die het zadel beschermt tegen stof.” Het is belangrijk dat je leren gerei niet te koud of te vochtig bewaart. Temperaturen rond de 15 graden Celsius zijn optimaal. 
 
5. Paardentrailer: onder een afdak of niet?
“Onze paardentrailer staat het hele jaar door zonder hoes onder een afdak”, vertelt Manfred Gelf. “We zijn namelijk vaak onderweg en dan is het in- en uitpakken van de trailer lastig. Als uitgangspunt geldt: zon, wind, regen en sneeuw tasten de paardentrailer op den duur aan, net als bij andere voertuigen het geval is. Het materiaal wordt vies en gaat roesten en als het inregent, gaat het langzaam maar zeker rotten.” Als je de paardentrailer onder een afdak kunt zetten of als je hem kunt voorzien van een speciale beschermhoes, verleng je zijn gebruiksduur. “Zorg er op zijn minst voor dat de trekhaak van de trailer en de handrem tegen vocht worden beschermd. En als je de trailer langere tijd niet gebruikt, let dan extra op de staat van de banden en smeer de metalen scharnieren in met vet.”
 
6. Het juiste impregneermiddel
Gebruik voor outdoormateriaal een impregneermiddel dat het aan elkaar plakken van de vezels voorkomt. Zo houd je je kleding waterafstotend. Daardoor blijft je kleding in staat om het zweet naar buiten te leiden. Voor gebruik van het impregneermiddel moet de kleding eerst worden gewassen, want vet en vuil kunnen de werking van het middel beïnvloeden. Breng het middel met name aan op de naden, want hier dringt het vocht het makkelijkst binnen.
 
7. Zo blijven je handen zacht
Als de temperatuur daalt, verlaagt je huid zijn vetproductie en verliest hij zijn natuurlijke zelfbescherming. Het is erg belastend voor de huid als je vaak moet wisselen tussen ijskoude en extreem warme temperaturen. Dat geldt vooral voor de ´blote´ delen van je lichaam: je handen en gezicht. Veel ruiters kennen dat probleem heel goed. Je handen worden steeds droger, gaan schilferen en krijgen kloven. En in het ergste geval gaat de huid bloeden en jeuken. In zo´n geval kun je alleen met regelmatige verzorging van de huid verdere irritaties voorkomen. Gebruik geen agressieve zeep of afwasmiddelen en was je handen alleen met lauwwarm water. Draag buiten altijd handschoenen. Wie altijd al last heeft van droge handen of zelfs kloven, kan het best elke avond een handmasker maken: veel vethoudende crème (bijvoorbeeld melkvet of uierzalf), katoenen handschoenen eroverheen en een nacht laten intrekken doet wonderen.
 
8. Bescherming tegen een druipneus
Zowel twee- als viervoeters kunnen verkouden raken. Je hebt het koud tijdens de buitenrit en in de stallen en op de poetsplaats tocht het als een gek. Als je dan ook nog gaat zweten, zijn een verkoudheid en hoest bijna onvermijdelijk. Helaas kun je alleen maar de symptomen bestrijden, bijvoorbeeld met huismiddeltjes of met medicijnen. Daarom is preventie zo belangrijk. Kleed je na de rijles lekker warm aan of verkleed je als je bezweet bent. Ga tocht uit de weg en gun jezelf na een bezoek aan de stal een rondje sauna of neem een warme douche. Regelmatige saunabezoek en afwisselend koud en warm douchen is goed voor het gestel. Dat geldt ook voor sporten en beweging in de frisse lucht. Ga een keer met je paard wandelen of hardlopen, zodat je je uithoudingsvermogen traint. Buiten zijn is ook goed voor je slijmvliezen: die blijven vanwege de luchtvochtigheid lekker soepel. Dat is vooral belangrijk als je vaak en langere tijd in verwarmde ruimtes bent. Eet bovendien voldoende vitamines, het liefst dagelijks minstens 600 gram fruit en groente en leer omgaan met stress. Dat is goed voor je immuunsysteem.
 
9. Niet uitglijden!
De hoeven van de paarden van Piet Rott zijn vanaf medio of eind november voorzien van hoefgrip sneeuwringen, omdat je dan in de Eifel al de eerste sneeuw kunt verwachten. “Ik gebruik ook weleens hoefnagels met Widia stiften. Die hebben namelijk meer grip op een bevroren ondergrond.” Hij waarschuwt ervoor door een bevroren beek te rijden: “Het gevaar van verwondingen door brekend ijs met scherpe hoeken is veel te groot!” Manfred Gelf gebruikt al drie jaar uitsluitend duplo beslag en in de winter de van spikes voorziene uitvoering. “De laatste duplo versie maakt het mogelijk de spikes zonder problemen te vervangen, zodat ik, afhankelijk van de ondergrond, tussen de verschillende hoogtes van spikes kan kiezen.” 
 
10. De verveling tegengaan
Lage temperaturen, buiten is het nat en koud en de wegen zijn modderig. Met dit weer krijg je niemand vrijwillig naar buiten. En toch moet je je paard elke dag bezighouden. Hem gewoon ergens in de paddock parkeren is niet voldoende. Als je over een rijhal kunt beschikken, is dat aan te bevelen, ook al moet je je paard dan eerst per trailer vervoeren. Je kunt met relatief weinig inspanning een vaardigheidsparcours voor hem bouwen. Dat is een leuke en leerzame afwisseling voor paard en ruiter. Maak een smalle gang met stangen of bouw een labyrint. Zo kun je zowel wendingen oefenen als de concentratie van je paard verbeteren en hem gecontroleerd laten bewegen. Veel paarden zijn ook gek op oefeningen uit de vrijheidsdressuur (bv. het compliment, zitten, op een verhoging staan). Sommige paarden doen graag aan balspelletjes. Dat is goed voor de belastbaarheid van de zenuwen en het verhoogt het zelfvertrouwen. Je kunt ook werken met een zeil dat geluid maakt of met een paraplu die je open en dicht doet. De paarden van Manfred Gelf blijven in de open stal zodra de grond voor buitenritten te gevaarlijk is. “We brengen veel tijd in de rijbaan door, bijvoorbeeld aan de hand of we doen vrijheidsdressuur of herhalen de Linda-Tellington-Jones oefeningen nog eens.”