Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Pas op voor ziektes

Insectensteken en tekenbeten zijn niet altijd zonder gevaar. Ze kunnen allergische reacties, bacteriële infecties of gevaarlijke ziektes veroorzaken.
  
Tekst: Julia Schay-Beneke / Foto’s: www.slawik.com
  
Ze zijn maar vijf tot tien millimeter groot (klein dus). Ze leven in de buurt van water, op een mesthoop of in het gras. En ze zijn dol op paarden. Zodra de lente er is, zijn zij er ook. Ze brommen, ze zoemen en ze kruipen. Insecten en teken zijn weer actief op stal en in de wei. Sommigen steken, anderen zuigen zich in de huid vast en weer anderen gaan via de slijmvliezen dieper het lichaam in. In Nederland, België en Duitsland profiteren vooral de steekmug, knutten, kriebelmuggen en herfstgrasmijten van hun gastheer, het paard. Soms brengen ze virussen en bacteriën mee of veroorzaken ze een allergische reactie. Dit kan ernstige gevolgen hebben voor het paard.
 
Afhankelijk van het soort insect, het aantal steken en de aanleg van het paard kan er een allergische reactie ontstaan. Die verloopt precies zo als bij een mens, vertelt dr. Helge Kampen, hoofd van het Laboratorium voor Entomologie van het Institut voor Infectieziekten. “Eerst ontstaan er bulten, jeuk, oedemen, dermatitis en eventueel secundaire bacteriële ontstekingen. Maar bij een zware allergie zijn de zwellingen over grote vlakken verdeeld aan hoofd, lichaam en benen en het welzijn van het paard is zwaar aangetast.”
Het gevaar van insecten is afhankelijk van het soort insect en vooral van de dosis gif die hij (of zij) achterlaat, benadrukt dr. Kampen. “In extreme gevallen kan bij meerdere duizenden steken van kriebelmuggen per dag zelfs de dood intreden als gevolg van simulio toxicose (een allergische reactie op de inhoudsstoffen van het muggenspeeksel).” Normaal gesproken geldt het volgende: bijtende insecten veroorzaken meestal een lokale reactie met lichte symptomen, stekende insecten daarentegen geven gif af en de gevolgen ervan kunnen veel ernstiger zijn. De reacties kunnen al binnen enkele minuten na de steek optreden.
 
Zomereczeem
Zomereczeem neemt een bijzondere rol in waar het gaat om allergische reacties. De aanleg voor zomereczeem is erfelijk, waarbij algemene haar- en huidproblemen, stress, verkeerd voer en hormonale veranderingen de allergische reactie versterken. Ook hierbij reageert het paard op het speeksel van bepaalde muggen: knutten, kriebelmuggen, steekmuggen of zandvliegen die zich met name ophouden in de buurt van stromend water.
Symptomen zijn vooral zichtbaar rondom de manenkam, de staartaanzet, het kruis, de schoft, het hoofd en onder de buik. In het begin zie je alleen maar verdikkingen onder de huid, die tot drie centimeter groot kunnen zijn. Na korte tijd zie je dat je paard jeuk heeft en onrustig wordt. Daar waar de mug steekt, wil het paard alleen maar eindeloos schuren en dat kan fatale gevolgen hebben. De huid raakt door het constante schuren kapot en de wond is ontvankelijk voor bacteriën en schimmels. In de herfst of op het moment dat het paard weer op stal komt, worden de symptomen minder, maar het duurt wel tot acht weken voor de wond volledig is genezen. Er bestaat geen afdoende bescherming tegen de steken. Je kunt alleen als preventie een deken over je paard leggen of hem met een lotion inwrijven om de steken te voorkomen.
  
Bacteriële infecties
Vliegen steken niet. Zij leggen hun eitjes op de mesthoop, in resten voer of direct op de paardenmest. Binnen enkele dagen komen de larven uit. Deze zuigen zich vast aan ogen, neusgaten of aan open wonden. Soms zie je hele trossen vliegen rondom het hoofd van je paard. Dat zorgt voor onrust en irritatie van de ogen. Bovendien brengen vliegen bacteriën en wormlarven over. Deze veroorzaken ontstekingen van het bindvlies. Ook steken van andere insecten kunnen bacteriële infecties veroorzaken.
Horzels leggen hun eitjes tussen juni en september langs de haarpunten van het paard – vooral op de benen, schouders en de flanken. Door te knabbelen en likken, activeert het paard de larven om uit te komen. Zij gaan via de vacht naar zijn mond waar ze in eerste instantie in het neus- en keelgebied gaan zitten. Langs de tong en het gehemelte bereikt het ongedierte de maag van het paard, waar het zich vastboort in het slijmvlies en van de inhoud van de maag kan leven. “De symptomen zijn hoesten, niezen, ontstekingen, zwellingen van de lymfeknopen en vermagering”, aldus dr. Kampen. Er kunnen ontstekingen, zweren of koliek ontstaan.
 
In het voorjaar worden de parasieten met de ontlasting uitgescheiden, ze verpoppen en komen als geslachtsrijpe horzels weer te voorschijn. Let er bij een wormkuur op dat sommige middelen niet werkzaam zijn tegen de horzel. Eens per jaar moet je een wormkuur geven die speciaal ook tegen deze insecten werkzaam is. Bovendien is goede stalhygiëne en voorzorg de beste maatregel om je paard te beschermen.
  
Gevaarlijke ziektes
Soms brengen insecten een ziekteverwekker over op een paard, dat tot gevaarlijke ziektes kan leiden. De Equine Infectieuze Anemie verloopt altijd dodelijk. Geïnfecteerde paarden die verder geen symptomen laten zien (tot negentig procent) zijn levenslang drager van het virus en kunnen andere paarden daarmee besmetten. De ziekteverwekker wordt door insecten in moerasachtige gebieden overgebracht – meestal door dazen, muggen of steekvliegen. “Het virus is slechts vijftien tot dertig minuten infectieus aan de mondwerktuigen van het insect”, benadrukt dr. Patricia König van het Nationale Referenzlabor für EIA van het Instituut voor Virusdiagnostiek. “Daarom wordt het virus door insecten niet over grotere afstanden overgebracht.”
Zieke paarden krijgen hoge koorts, een onzekere gang en ze vermageren opvallend. Belangrijk is dat bij verdenking op EIA een meldplicht geldt. “Dieren met onduidelijke symptomen (bijvoorbeeld behandelingsresistente en koortsaanvallen) dienen zo snel mogelijk door een dierenarts te worden onderzocht”, waarschuwt König. “De arts moet de besmette dieren, waar de ziekteverwekker via de Coggins-test is aangetoond, helaas laten inslapen.”
 
Borreliose
Borreliose is de meest voorkomende infectieziekte die door teken wordt overgebracht. “De ziekte kan bij het paard maar zelden klinisch-diagnostisch worden aangetoond”, licht dr. Jochen Süss van het Laboratorium voor door teken overgebrachte ziekten toe. Hoe langer geleden de teek is gaan vastzitten – bijvoorbeeld 24-72 uur – hoe hoger het risico van overdracht. Als de teek niet vakkundig met een pincet wordt verwijderd (maar bijvoorbeeld met plaksel, nagellak of olie) of als ze uitgedrukt wordt, stijgt het gevaar dat de teek vanwege de stress Borreliabacteriën afgeeft.
De symptomen van een infectie zijn aspecifiek. Het paard neigt tot gezondheidsproblemen zoals kreupelheid, koorts, stijfheid of een houding waarbij het paard zijn hele lichaam spaart. Heel typisch is een onbestendige kreupelheid waarbij het paard soms goed loopt en dan weer kreupel. De benen zwellen vaak op, de gewrichten zijn ontstoken. Behalve het bewegingsapparaat kunnen ook de huid (haaruitval, eczeem), de ogen (hoornvliesontsteking, lidoedeem) en het spijsverteringsapparaat zijn aangetast. Het paard is gevoelig voor infecties en storingen van het centrale zenuwstelsel. Het scheef houden van het hoofd, problemen met slikken en verlammingsverschijnselen zijn duidelijke indicaties. In veel gevallen wordt er te laat een diagnose gesteld en inmiddels is de aandoening chronisch geworden.
  
West-Nijlvirus
Ongecoördineerde bewegingen zijn een van de typische symptomen van het West-Nijlvirus. Vogel, mens of paard: de steekmug brengt het ziekteverwekkend micro-organisme van een gastheer over op een volgend slachtoffer.
Het West-Nijlvirus is een acute virusziekte. De belangrijkste overbrengers van deze ziekteverwekkende micro-organismes zijn vogels. Het overbrengen van het virus gebeurt doordat een mug een geïnfecteerde vogel steekt. Het virus circuleert enkele dagen in het bloed van de mug en gaat dan in haar/zijn speekselklieren zitten. De geïnfecteerde mug steekt vervolgens een mens of een paard en zij kunnen daar behoorlijk ziek van worden. Na de incubatietijd van twee tot veertien dagen wordt het paard apathisch, zwak, hij vertoont ongecoördineerde bewegingen (ataxie), struikelt vaak en heeft verlammingsverschijnselen en spiertrillingen. Het paard kan op stal niet rustig blijven staan en heeft de neiging om tegen de stalmuur te leunen.
Bij een zware hersenontsteking duwt hij zijn hoofd tegen de muur, daar moet je hem goed tegen beschermen. Het enige middel om hem hiervoor te behoeden is inenten en dat moet dan jaarlijks worden herhaald. In het algemeen wordt er in Nederland en België nog niet geadviseerd om alle paarden tegen deze ziekte te vaccineren, maar beperkt dit advies zich tot paarden die naar endemische gebieden reizen of die voor wedstrijden veel naar het buitenland gaan.