Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Plaaggeesten in de zomer

De zomertijd brengt niet alleen vreugde en zonneschijn, maar is ook de tijd van vliegen, muggen, teken en knutten. Een overzicht van de meest voorkomende plaaggeesten in de zomer.
  
Tekst: Inga Dora Meyer / Foto’s: Blickwinkel, pa/dpa
  
In de lente en de zomer stijgt de temperatuur. Iedereen is buiten, iedereen is blij, maar dat heeft ook een nadeel: de vliegen zijn er ook weer. Helaas. Ze verpesten niet alleen het leven van ons ruiters, maar vooral dat van onze vierhoevige vrienden. Vooral de insecten vallen je overal lastig: of je nu op stal bent, een lekker buitenritje maakt, in de buitenbak oefent of in de weide bent. Met name daar zijn onze paarden aan deze plaaggeesten overgeleverd. En gewone stal- en weidevliegen zijn niet eens de enige lastige beesten. Ook horzels, luisvliegen, dazen, knutten, steekmuggen en kriebelmuggen zijn erg actief. Vanaf de zomer tot in de herfst maken ze ons en onze paarden het leven zuur. En dat terwijl de vertaling van het Oudgriekse woord ‘parasiet’ zo schattig klinkt: tafelgenoot. Zo noemde men toentertijd de voorproevers die bij grote offerfeesten zonder tegenprestatie voor een maaltijd kwamen opdagen…
 
Op zoek naar bloed
Vaak zijn de lastige insecten maar enkele millimeters groot en meestal zijn ze niet gemeen. Ze hebben het bloed van het paard gewoon nodig als voedingsbron of voor het voortplanten van hun soort. Maar – en dat is het gevaarlijke aan deze profiteurs – ze brengen ziekteverwekkers over zoals bacteriën, virussen en wormen en ze veroorzaken allergieën (bijvoorbeeld zomereczeem), ontstekingen van de huid of slijmvliezen en in het ergste geval valt het paard er letterlijk van om, bijvoorbeeld door de kriebelmug: als deze in grote zwermen op het paard afkomt en op de minder behaarde plekken (oorschelp, mond of neus) steekt. Deze steken kunnen een toxische shock bij het paard veroorzaken die tot problemen in de bloedsomloop en in het ergste geval tot hartfalen kan leiden.
Elk van de plaaggeesten heeft zo zijn eigen voorkeur wat de maaltijd betreft: dazen prefereren de hals of het kruis van het paard om aan hun voeding te komen. Ze zijn in aantocht als het in de zomer lekker vochtig en warm is. Dazen zijn met name laat in de ochtend en tegen de vroege avond actief. Vliegen kruipen rond de ogen van het paard en in zijn neusgaten. Je ziet ze vooral tegen de middag of in de namiddag. Vliegen houden ook van open wonden.
Luisvliegen bevinden zich net als dazen in de buurt van bossen en drinken uitsluitend bloed. Als zij zich aan de binnenkant van het dijbeen of aan zijn romp vasthaken, worden ze vaak verwisseld met teken. De steken van de luisvlieg zijn voor paarden erg pijnlijk. Daarom reageren ze ook extreem door te steigeren of zich op de grond te gooien. De eitjes van de horzel probeert het paard af te likken of af te knabbelen. Het paard krijgt de eitjes via zijn speeksel binnen en als de larve uitkomt, dringt hij in de mondholte van het paard. Daar boort hij zich met kleine weerhaakjes vast. De symptomen reiken van een zwelling van het gehemelte tot vermagering en koliek.
 
Een andere plaaggeest in de zomer is de steekmug. Deze zit langs beken en vijvers, op mesthopen of aan bosranden op haar slachtoffer te wachten, vooral als het warm weer is, zonder wind en zonder directe zon. Bij een steek kunnen virussen, bacteriën of parasieten worden overgebracht, waaronder het West-Nijlvirus en de Infectieuze Anemie. Ook knutten/knijten zitten het liefst in de buurt van water. Deze kwelgeesten zijn rond de schemering actief. Ze steken het paard het liefst rond de staartaanzet of op de manenkam, juist daar waar het haar van onze paarden rechtovereind staat.
 
Bloedmaaltijd: niet storen!
Een bijzonder irritant beest is de teek. De teek behoort namelijk niet tot de insecten maar tot de spinachtigen. De teek wordt met recht gevreesd, want deze blinde en dove parasiet kan Borreliose (Ziekte van Lyme) overbrengen – een uiterst gevaarlijke ziekte met veel symptomen. Het ziektebeeld is vaak onduidelijk en wisselend. Alleen een bloedtest geeft uitsluitsel.
Veel insecten zijn zeer hardnekkig, vooral dazen laten zich maar moeilijk bij hun bloedmaal storen. Het paard probeert het insect door reflexachtig spiertrekkingen, hoofdschudden, stampen, rollen of schuren kwijt te raken. En soms helaas ook door in paniek te vluchten – meestal zonder succes. Na een paar seconden is het leger insecten weer terug, om opnieuw aan te vallen. De enige oplossing hiertegen is een insectenspray of -deken. De steun en toeverlaat voor ros en ruiter tijdens de hete zomermaanden.
Er zijn veel beschermingsmogelijkheden om het leven van ons paard tijdens de warme dagen draaglijk te maken. Maar je moet weten met welke parasiet je te maken hebt voor je daartegen kunt vechten. Op de volgende pagina’s staat een beknopt overzicht van de meest voorkomende plaaggeesten. Je kunt in de grafieken zien waar deze parasieten je paard het liefst steken.
  
Tekentijd
Teken behoren niet tot de insecten, maar tot de klasse der spinachtigen. Ze zijn voornamelijk tijdens de zomermaanden actief. De tot vier millimeter grote bloedzuiger zit het liefst langs bosranden in het hoge gras. Let dus op als je weide in de buurt van een bos ligt. En hoewel teken blind en doof zijn, herkennen ze hun slachtoffer direct als hij langskomt en ze aanraakt. En teken haken zich dan ook gelijk vast. De teek reageert op mechanische, thermische en chemische prikkels. En voor ze met hun maaltijd beginnen, scheidt de teek een afscheiding in het paardenlijf af, dat de plek van de steek ongevoelig maakt. Na een waarlijk feestmaal kan een teek tot drie centimeter groot worden! Voor paarden kan een tekenbeet erg gevaarlijk zijn, want deze achtbenige profiteurs brengen borreliose over.
 
Download hier het insectenoverzicht.