Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Help je paard van zijn wormen af

Zelfs de beste wormkuren halen niets uit wanneer het paard weigert het ontwormingsmiddel door te slikken. Maar daarnaast zijn andere factoren ook belangrijk voor een geslaagde wormkuur, zoals goed stalmanagement, het regelmatig verwijderen van mest uit de weide en de houding van paarden in gelijkwaardige groepen.

Tekst: Dominique Wehrmann / Foto’s: Horses im Media/Brandel, PR, Marc Rühl, Frabk Sorge, www.slawik.com


Een opmerking vooraf: ongeacht of het gaat om een pensionstal met honderd paarden, een stal met fokmerries of een opfokbedrijf – hygiënische maatregelen ter bestrijding van parasieten (zowel endo- als ectoparasieten) zijn alleen dan effectief, als deze op elkaar zijn afgestemd. Bovendien is voor een dergelijke maatregel het advies van de dierenarts raadzaam. Vooral het concept van de selectieve ontworming dient uitsluitend onder controle van een dierenarts te worden uitgevoerd en moet uiteraard met toestemming van alle paardeneigenaar gebeuren.

TIP van Annemarie van der Toorn:
Het toedienen van een ontwormingspasta is een noodzakelijke en regelmatig terugkerende handeling. Helaas reageren niet alle paarden even makkelijk op het geven van deze spuit. Wat kun je proberen als je iedere keer veel moeite hebt om je paard te ontwormen?
• Zorg ervoor dat je je paard goed over zijn hoofd kunt aaien, ook rondom zijn mond. Trekt hij zijn hoofd weg? Probeer dan je hand bij zijn hoofd te houden en die pas weg te halen zodra hij ontspant. Werk rustig steeds verder door in de richting van zijn mond.
• Neem een lege wormenspuit die je goed hebt schoongemaakt. Raak het hoofd van het paard nu weer aan, maar dit keer met de wormenspuit in je hand.
• Terwijl je met je hand en de wormenspuit aan het aaien bent, duw je kort je vinger in de mond van het paard op de plek waar het bit zit. Haal hem ook weer direct weg. Werk zo verder tot je gemakkelijk met je vinger in zijn mond kunt komen met de lege wormenspuit in je hand.
• Doe iets lekkers in de wormenspuit zoals appelmoes. Werk door met je vinger in zijn mond en breng rustig de wormenspuit met appelmoes een stukje in zijn mond. Spuit wat appelmoes in zijn mond. Als je dit doorzet, zal je paard steeds gekker worden op de wormenspuit. Helaas zit er één keer in de zoveel tijd geen appelmoes in, maar een wormenkuur…
• Mocht het echt niet lukken, dan zijn er tegenwoordig ook alternatieven voor de traditionele wormenkuur op de markt zoals een kuur in poedervorm voor over het eten. Voor sommige paarden is dit de ideale oplossing.

Wanneer moet mijn paard worden ontwormd?
Stalpaarden: volwassen paarden die uitsluitend op stal worden gehouden, moeten telkens in de lente, zomer en herfst onderzocht, getest en behandeld worden.
Fokmerries: merries dienen onmiddellijk na de geboorte van hun veulen tegen veulenwormen te worden behandeld met behulp van macrocyclische lactonen (ivermectine of moxidectine) zodat deze niet via de tepels op het veulen kunnen worden overgebracht. Aansluitend moeten merrie en veulen tot het spenen circa om de acht weken met pyrantel of benzimidazol worden behandeld.
Jonge paarden: jonge paarden die net gespeend zijn en jaarlingen moeten vooral tegen spoelwormen worden beschermd. Veulens moeten op een leeftijd van vijf tot acht weken voor het eerst tegen deze gevaarlijke parasiet worden behandeld. Deze parasiet kan negatieve gevolgen voor de ontwikkeling van het veulen hebben. Daarna zouden deze paarden om de acht weken moeten worden behandeld.

Hoe zien de wormmiddelen eruit?
Pasta: dat is het meest gangbare middel. En in principe prima, als je het goed doet. In de juiste dosering bereikt het medicijn direct de plek van bestemming: de maag en darmen. Let op dat je paard echt alles binnenkrijgt. Daarom geldt:
1. Zorg ervoor dat de paardenmond leeg is, omdat het paard de pasta anders samen met het voer weer uitspuugt.
2. Houd onmiddellijk nadat je de medicijnen in de paardenmond hebt gespoten de paardenmond omhoog en masseer zijn strottenhoofd, om een slikreflectie uit te lokken.
Tabletten:
dit is een alternatief voor pasta, vooral voor paarden die iets tegen de bekende wormspuit hebben. Van Virbac bijvoorbeeld kun je een wormkuur in pilvorm krijgen tegen rondwormen, lintwormen en paardenhorzels. Je koopt een buisje met acht kauwtabletten. De dosering bestaat uit één tablet per 100 c.q. 110 kilo lichaamsgewicht. Een wormkuur is daarmee voldoende voor een paard van 770 tot 800 kilogram gewicht. Volgens de fabrikant smaken de tabletten prima en de paarden eten ze uit je hand. Op die manier heb je een goede controle wat de dosering betreft. Als je paard wantrouwig is, zou je het om en om kunnen doen: een brokje, een tablet, een brokje… en als het echt niet anders kan, kun je de pillen ook klein maken en door het voer mengen. Dat is helaas niet de beste manier, omdat je zo geen controle over de hoeveelheid wormkuur je paard echt binnen heeft gekregen.
Gel:
vroeger werd het wormmiddel vaak in pelletvorm met het voer vermengd. Ook hierbij geldt dat je niet weet hoeveel je paard echt binnen heeft gekregen.
Pellets: nieuw op de markt is een spuit met gel. Dat glijdt beter, omdat het bij contact met de slijmvliezen vloeibaar wordt en je paard dit minder snel weer uitspuugt dan de dikke pasta.
Injectie: gebeurt nog wel eens, maar is verboden. Deze toediening van een antiwormmiddel is wettelijk niet toegestaan.

Gewicht controleren
Uit onderzoek is gebleken dat de paarden van tegenwoordig aanzienlijk of aanmerkelijk zwaarder zijn dan een aantal jaar geleden. De sterke bespiering is hiervan de oorzaak. Wie het gewicht van zijn paard niet kent, doet er goed aan het bij een van de aanbieders van mobiele paardenwagens regelmatig te laten controleren. Immers, om parasieten effectief te bestrijden en ervoor te zorgen dat ze niet resistent worden, moet de dosering aangepast worden aan het gewicht van het paard. Vaak zijn wormkuren slechts toereikend voor paarden met een gewicht tussen de 500 en 600 kilo. Is je paard zwaarder? Gebruik dan liever twee wormkuren tegelijk om het gevaar van een te lage dosering te vermijden.

Risico’s en bijwerkingen

Wie bang is voor bijwerkingen door een teveel van een wormkuur te geven, kan gerust zijn. Professor Thomas Schnieder: "Net als elke medicijn hebben ook wormkuren werkingen en bijwerkingen. Maar de werkzame stoffen zijn zeer specifiek en hebben een brede veiligheidsmarge. Bij een correcte toepassing kan er niets gebeuren. In principe hoef je, waar het de training betreft, niet speciaal rekening te houden met een recent toegediende wormkuur. Weet wel dat er zich processen in het organisme afspelen die de prestatie van het paard kunnen beïnvloeden. Kijk bewust naar hoe je paard reageert en train desnoods gedurende een of twee dagen na een ontworming wat minder intensief.”

Hygiëne op stal
Dagelijks uitmesten en de natte of vochtige ondergrond verwijderden is echt noodzakelijk. Daarnaast is het raadzaam de stal een tot twee keer per jaar met een geschikt desinfectiemiddel te behandelen voor het verwijderen van hardnekkige spoelwormeitjes.
Bij jonge paarden is dat laatste vooral heel belangrijk, omdat zij vaak last hebben van spoelwormen. "Als groepen jonge paarden veel last hebben van spoelwormen, moet de stal vaker dan gebruikelijk gedesinfecteerd worden”, aldus parasitoloog dr. Gotthard Ilchmann. Daarbij is het belangrijk dat het water minstens zeventig graden heet is en dat je een desinfecteermiddel op cresol-basis gebruikt. Die combinatie doodt ook de hardnekkigste spoelwormeitjes. Waar moet je meteen na de wormkuur op letten? "Maak de stal elke dag schoon en zorg ervoor dat mest en vochtige strooisel worden verwijderd. Na de wormkuur kun je het beste al het stro, zaagsel et cetera verwijderen. Stallen met jonge paarden dienen daarnaast gedesinfecteerd te worden.”

Ilchmann vindt het vooral zinvol om paarden twee tot drie dagen op stal te houden na een behandeling tegen lintwormen. Dat geldt ook voor een behandeling tegen spoelwormen. Bij de kleine strongyliden maakt het niet uit, omdat paarden de eitjes permanent uitscheiden en de wei als gevolg daarvan besmet is. Daartegen helpt alleen het regelmatig verwijderen van de mest uit de wei. Als je paard in een andere box wordt ondergebracht, moet je die helemaal leeg halen en desinfecteren. Als er een nieuw paard op stal komt, raden experts aan het paard als eerst te ontwormen met een middel dat vele soorten wormen aanpakt. De ideale combinatie hiervoor is praziquantel en macrocyclische lactonen. Het is van groot belang om te voorkomen dat er vreemde parasieten binnen gebracht worden, bijvoorbeeld tegen benzidamozol resistente kleine strongyliden of lintwormen. Daarna dient de nieuwe aanwinst minstens twee dagen op stal te blijven en mag hij niet in de wei.

In de wei:
1. Niet teveel paarden bij elkaar in de wei zetten. Als vuistregel geldt: twee tot drie paarden per hectare weide. Als het er meer zijn, eten paarden ook van de ‘toiletplekken’ die ze anders zouden mijden.
2. Je doet er verstandig aan om paarden die een wei delen, samen te ontwormen.
3. Zorg ervoor dat de paarden (na een wormkuur) elke drie maanden in een nieuwe weide komen te staan. Let wel: een wei heeft minstens zes weken rust nodig om ervoor te zorgen dat de wormlarven door zon of vorst kunnen afsterven.
4. Zet de paarden in bij elkaar passende groepen in de wei, dus volwassen paarden (vanaf vier jaar), jonge paarden en fokmerries telkens bij elkaar.
5. Maak twee keer per week de weide schoon, om het aantal besmettelijke larven laag te houden.
6. Zorg voor afwisseling van het weidegebruik, zet daarom ook schapen of runderen op de wei. De larven van de kleine en grote strongyliden kunnen in een schapen- of runderlichaam niet overleven.
7. Wees voorzichtig met contact met ezels. Ezels kunnen paarden met de zelden voorkomende longworm besmetten.

De alternatieven voor het ontwormen:
Kruiden en homeopathie: het doel van bepaalde kruiden en homeopathische middelen is om de maag en darmen van het paard voor wormen onaantrekkelijk te maken. Daarbij wordt
1. De toestand van het hele organisme versterkt.
2. Het milieu van het spijsverteringsapparaat dusdanig beïnvloed, dat de wormen niet worden gedood, maar dat ze vanzelf worden uitgescheiden.
Daarnaast raden homeopaten een wortel-appel-kuur in de lente en herfst aan voor gevoelige paarden. Die heeft een laxerende werking. Bepaalde kruiden met scherpe of bittere stoffen, aroma’s en structuren zorgen er bij een plantaardige wormkuur voor dat in het spijsverteringsapparaat van paarden een klimaat heerst waar parasieten niet blij mee zijn. Die worden als zodanig op natuurlijke wijze uitgescheiden. Daarnaast hebben de kruiden een positief effect op het spijsverteringssysteem. Henrika Höges, eigenaresse van een stal met 22 paarden in Berlijn, heeft goede ervaringen met deze vorm van ontworming. Uit een mestanalyse die tien dagen na de laatste kruiden-wormkuur werd uitgevoerd, bleek dat er nog maar drie wormeitjes aanwezig waren. Dat bewijst weliswaar niet dat de wormen ook daadwerkelijk uitgescheiden zijn, maar Höges vertelt dat haar paarden ook uiterlijk veranderden: magere paarden kwamen aan en hadden minder problemen met de vachtwissel. En paarden met chronische hoest werden na de kruidenkuur duidelijk beter.

Alternatief diergeneeskundige Monika Heike Schmalstieg, lid van de raad van toezicht van de Verband Deutscher Tierheilpraktiker, licht toe: "Kruidenmengsels als alternatieve begeleiding van gebruikelijke wormkuren zijn prima. Maar vanwege paardenhorzels en lintwormen kun je niet helemaal zonder geneesmiddelen.” Daarom adviseert zij om zowel bij de toepassing van kruiden als ook bij de voorzorgsmaatregelen tegen parasieten op homeopathische wijze de hulp van een expert in te roepen. Als leek kun je een heleboel verkeerd doen.

Wedstrijdruiters moeten er overigens rekening mee houden dat sommige middelen en werkzame stoffen op de dopinglijst staan.