Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Madeleine Witte-Vrees: ‘Ik zou graag deelnemen aan een EK of WK’

Madeleine Witte-Vrees heeft een droomleven. De amazone is getrouwd met paardenman in hart en nieren Nico Witte, heeft een prachtig zoontje én heeft een toppaard op stal staan, van wie we in de toekomst nog veel zullen horen. Een portret.
  
Madeleine was nog jong toen ze begon met rijden op de manege in Rosmalen. “Hoewel ik pas zes was, waren mijn zus en ik al tal van keren van sport gewisseld. Ik heb echt van alles gedaan, van judo tot beat-ballet. Tot mijn vader genoeg had van onze wispelturigheid. We mochten nog een sport kiezen, wat we minimaal een jaar moesten blijven doen. Ik koos voor paardrijden, wat aanvankelijk een straf bleek. Niet dat ik de paarden niet leuk vond, maar tijdens de eerste les lag ik al herhaaldelijk op de grond. Maar ja, opgeven mocht natuurlijk niet. Achteraf gelukkig maar, want na een paar lessen begon ik het rijden echt heel leuk te vinden.”
Vlak voordat Madeleine en haar zus hun eerste rondjes in de manege rijden, stappen ook hun ouders voor het eerst op het paard. Niet veel later wordt de eerste pony aangeschaft. “In het begin was ik een beetje bang voor deze pony. Hij was ook zo groot! De Shetlanders op de manege pasten mij veel beter. Hier heb ik dan ook heel wat kilometers op gereden.” Op haar veertiende maakt Madeleine de overstap naar de paarden. En dan blijkt al snel dat ze talent heeft, binnen een jaar start ze al bij de Z. “Toen werd al regelmatig tegen mijn ouders gezegd dat ze een goed paard moesten aanschaffen voor mij en dat ze moesten zorgen dat ik betere lessen zou krijgen, omdat ik een heel eind zou kunnen komen in de sport.”
 
Werken aan de basis
Op haar zeventiende stopt Madeleine met haar studie Levensmiddelentechnologie en vertrekt ze naar Engeland, waar ze gaat werken bij de stal van Sandy Pfleuger (nu: Sandy Phillips). “Ik heb echt een hele leuke tijd gehad in Engeland. Maar het was ook heel hard werken. Ik reed tien, elf paarden per dag en deed ook op stal de nodige dingen. Bovendien woonde ik voor het eerst op mezelf. Ik moest zelf boodschappen doen, koken en wassen… ik maakte echt heel lange dagen.”
Madeleine zegt in Engeland vooral aan haar basis te hebben gewerkt. “Ik kreeg de kans om op heel getalenteerde paarden te rijden. Sandy heeft natuurlijk een aantal keer de Olympische Spelen gereden, en ik mocht ook haar voormalige Olympische paard rijden. Ik heb in die tijd een gevoel ontwikkeld voor de hogere rubrieken, maar ook voor de meer getalenteerde paarden. Je leert niet alleen goed paardrijden doordat je alleen het beste van het beste krijgt, maar ik denk dat het voor je basis wel heel belangrijk is om te voelen hoe een goed paard voelt. Iemand die alleen maar slechte paarden rijdt, houdt daar toch slechte poses aan over. Die paarden zijn vaak sterker en stugger, waardoor je zelf ook stugger wordt in je bewegingen. En dan is het heel moeilijk om de verfijning terug te vinden.”
 
Op eigen benen
Wanneer Madeleine na anderhalf jaar terugkeert naar Nederland, gaat ze voor zichzelf aan de slag. “Mijn zus reed inmiddels op mijn paard, maar vroeg mij om een deel van de training op mij te nemen. En er kwamen nog meer mensen naar mij toe of ik hun paard wilde africhten. Op deze manier ben ik ook bij Nico, mijn man terechtgekomen. Ook voor hem heb ik veel paarden gereden, evenals voor Eugene Reesink. Voor Eugene heb ik onder andere Just Mickey gereden, die onder Tinne Vilhelmson negende werd in Athene.”
Naast het africhten van diverse paarden vindt Madeleine nog tijd om les te geven aan een aantal lesklanten én om te werken aan haar eigen carrière. “Doordat ik altijd alles alleen heb gedaan, heb ik mezelf heel goed kunnen ontwikkelen. Ik heb mezelf geleerd om de proeven te rijden. Voor de verfijning kreeg ik les van Jo Willems en later van Bert Rutten, Edward Gal en Tineke Bartels. Op dit moment les ik bij Anky van Grunsven, voor wie ik echt heel veel bewondering heb. Wat zij allemaal heeft bereikt in de paardensport, ik ben benieuwd of er ooit nog iemand opstaat die dat kan evenaren.”
 
Talent in de dop
Madeleine maakt op haar twintigste kennis met de grotere, nationale toernooien wanneer zij met een paard van René Hagemeijer mag starten bij de Young Riders. Vanaf dat moment gaat het snel. Met Feliki (v.Aktion) groeit ze door naar Grand Prix niveau en verschijnt ze aan de start van onder andere Indoor Brabant en Jumping Amsterdam. “Aanvankelijk hoefde ik de merrie van Maarten van Engelen alleen maar op te lappen omdat ze best lastig was, maar ik heb haar nooit teruggegeven”, lacht Madeleine. “Tot 2000 heb ik Feliki mogen uitbrengen, toen werd ze verkocht aan Tammy Hoag, een bekende schrijfster.”
Op het moment dat Madeleine start in de Grand Prix, krijgt ze nog een toppaard onder het zadel: Allegretto (Kaliber x Indus), het voormalige Grand Prixpaard van Tineke Bartels, waarmee Madeleine ruim een jaar aan de start van de Grand Prix verschijnt. “Ik heb eigenlijk alleen paarden van anderen gereden, op Zaïre na”, constateert Madeleine. “Maar zij is nooit zo bekend geworden. Lord Glandale (v. Glendale) heb ik samen met mijn zus gehad. Hem heb ik later via Nico verkocht naar Amerika, waar hij nog in de Grand Prix is gestart.”
Het bekendste paard van Madeleine is toch wel Patser (Jazz x Ariban XX). “Hem heb ik helaas anderhalf jaar geleden moeten laten inslapen vanwege een blessure aan zijn achterbeen. Met Patser heb ik twee keer de Pavo Cup gewonnen, in 2001 en 2002. Toen ging een wereld voor me open. Ik stond opeens in allerlei bladen, met grote foto’s erbij. Ik wist niet wat me overkwam. Ik reed toen natuurlijk al Grand Prix, maar als je daar onder de middenmoot eindigt, wordt er in de bladen weinig aandacht aan je besteed. Bovendien, de Pavo Cup kun je alleen winnen met een getalenteerd paard. Ik had nog nooit zo’n getalenteerd paard als Patser gehad.” Maar ook Madorijke (Contango x Voltaire) mocht er volgens Madeleine zijn. “Zij was een enorm talent. Met haar werd ik beste Nederlander tijdens de wereldbekerwedstrijd in Maastricht. Een prachtige overwinning.”
  
Toekomstdromen
Behalve in de ring gaat het Madeleine ook privé voor de wind. De vonk tussen haar en Nico Witte slaat over. Samen krijgt het stel een zoontje. “Na de geboorte van Niels ben ik wel veranderd. Niet mijn paarden, maar mijn zoontje staat nu absoluut op nummer één. Ik ben een stuk voorzichtiger geworden, ik stap niet meer zomaar op een jong paard tenzij ik weet dat hij heel braaf is. Maar gelukkig hebben we nu Emmelie (Scholtens) op stal, die hartstikke goed met de jonge paarden om kan gaan.” Toch sluit Madeleine niet uit dat er een paar jonge paarden worden aangeschaft, wanneer Niels straks naar school gaat en Madeleine weer wat meer tijd heeft. “Nico heeft een ontzettend goed oog om talentvolle paarden als veulen al te selecteren. Als hij met iets moois aankomt, sla ik dat zeker niet af. Dat ik altijd zulke goede paarden heb kunnen rijden, heb ik absoluut te danken aan mijn man. Hij heeft natuurlijk Jazz als veulen gekocht, evenals Ampère. En kijk bijvoorbeeld naar Macrider Vontango-B (Contango x Jazz). Toen hij vier was, was hij al niet meer te betalen. Ik heb mooie tijden met Vontango beleefd. Helaas is hij onlangs overleden.”
 
In de toekomst zullen we nog veel van Madeleine horen. De amazone heeft namelijk een ontzettend getalenteerd paard op stal staan: Blom’s Wynton (Jazz x Matador II). “Mijn ultieme droom? Dat ik met dit paard echt bovenin kan meedoen. Dat ik wordt opgenomen in een team om deel te nemen aan een EK of WK. Dat lijkt me echt fantastisch.”