Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Hoe slapen paarden?

Dat paarden minder en anders slapen dan mensen, is wel duidelijk. Maar hoe lang slaapt een paard precies en waarom slaapt hij meestal staand?

Tekst: Kerstin Philipp / Foto’s: Privat, Natalie Stiedele, www.slawik.com

Als het gaat om hun ideale slaapplaats, zijn paarden erg kieskeurig. Alleen als het paard vindt dat aan alle factoren is voldaan, zal hij lekker gaan liggen. Als de grond niet helemaal naar zijn zin is, zal hij blijven staan en duurt de rustfase langer. Zoals bijvoorbeeld bij de zeven Przewalskihengsten, die Dr. Natalie Steidele in het natuurgebied Tennenloher Forst observeerde. Van november tot en met maart zag de dierenarts geen enkel paard liggend rusten. In plaats daarvan rustten zij staand. "In deze maanden was het stressniveau van de paarden het laagst gedurende het hele jaar, daarom is het waarschijnlijk dat de paarden behalve het dutten ook andere ruststadia kennen. Het is bijna zeker dat de paarden ook staand de nodige diepe rust kregen”, benadrukt Dr. Steidele.

Een half jaar lang uitsluitend staand slapen? Onze gedomesticeerde huispaarden hebben het op dat gebied een stuk beter. Ook al brengen ze net als hun wilde soortgenoten maar een klein deel van hun rusttijd daadwerkelijk liggend door. Of ze daadwerkelijk gaan liggen is daarbij, net als bij hun wilde soortgenoot, vooral afhankelijk van de juiste ondergrond. Zacht, droog en vormbaar zijn de criteria voor een perfect paardenbed. Agrarisch en paardenwetenschapper Aline Gülden heeft in 2007 onderzocht hoe de verschillende strooisels op de plek waar de paarden gaan liggen, het uiteindelijke liggedrag van kudde beïnvloeden. Zij heeft op de nationale Zwitserse stoeterij vijf paarden in een open stal geobserveerd. Daarbij heeft ze het gebruikelijke strooisel, zoals stro en zaagsel, evenals een rubberen mat, speciaal voor het liggedeelte in open stallen, getest. Als vierde onderzoeksvariant heeft ze een dunne laag zaagsel op de rubberen mat gestrooid. Na een gewenningsperiode van vier dagen werd het gedrag van de paarden op elke strooiselvariant met drie keer 20,5 uur via een video-opname gevolgd.

"Bij het gebruik van stro en zaagsel was er geen verschil wat het liggedrag betreft”, beschrijft Aline Gülden de resultaten. "Bij het gebruik van de rubberen matten lagen de paarden beduidend kortere periodes. Ook na het bestrooien van de matten met zaagsel werd de ligtijd niet echt langer.” Op het stro lagen de paarden gemiddeld 129 minuten, op zaagsel 95 minuten, op de rubberen matten maar 4 minuten en met zaagsel op de matten 29 minuten. Omdat de paarden de rubberen matten niet kenden, werd de gewenningsperiode naar vijf weken verlengd. "Ook daarna lagen de paarden niet langer”, aldus Gülden. "De paarden gingen in plaats daarvan gewoon op de plek slapen, waar ze normaalgesproken rollen. Deze plek was bij de andere varianten veel minder belangrijk als ligplaats.”

Veiligheid
Volgens de huidige wetenschappelijke inzichten schijnen paarden uiteindelijk na een bepaalde tijd wel aan de rubberen matten te wennen. Hoe lang deze periode met het oog op de bescherming van dieren mag/moet zijn, is nog niet bekend.
In de vrije natuur is het veiligheidsaspect erg belangrijk voor het slaapcomfort. Paarden gaan alleen in een vertrouwde omgeving liggen. Voor een gezamenlijk dutje zoeken ze bepaalde slaapplekken op, zoals Natalie Steidele bij de Przewalskipaarden heeft kunnen observeren. "Paarden die staande rustten, zochten echter niet deze voorkeurplekken op. Terwijl sommige paarden gewoon bleven grazen, rustten de anderen voor een korte duur staand”, aldus Steidele. "Voor langere rustperioden, waarbij meerdere of zelfs alle paarden rustten, werden net zoals bij het liggen, bepaalde slaapplekken opgezocht.” Het liefst rustten de paarden op droge plekken, door de zon opgewarmd en vanwaar zij de hele omgeving goed in de gaten konden houden. "De voorkeur van de paarden ging vooral uit naar de open plekken; het rusten gebeurde op de dichter begroeide heide maar zelden”, aldus Dr. Steidele.

De hengsten rustten het grootste gedeelte van de tijd (zestig procent) samen met hun kuddegenoten. Behalve korte, individuele rustmomenten, die elk paard onafhankelijk van de rest van de kudde hield, waren er tevens relatief vaste primaire rustfasen. Welk paard bepaalde dat het tijd was voor een gemeenschappelijk dutje, was niet afhankelijk van de rang van het paard: paarden die op diverse plekken in de rangorde stonden, luidden de rustfase in. De rang van een paard bepaalde uiteindelijk wel hoe lang de afzonderlijke paarden in totaal in de groep mochten slapen. "De drie ranghoogste paarden brachten maar ongeveer zestig tot 65 procentvan hun rusttijd in de groep door, bij de overige paarden was dat meer dan zeventig procent.” Een onderzoek van Claudia Fader aan de technische Universität München heeft uitgewezen dat de grootte van de groep ook invloed heeft op het slaapgedrag van paarden. Paarden die in grotere groepen van tien tot vijftien paarden leefden, lagen gemiddeld kortere tijd dan hun soortgenoten in kleinere groepen van vijf tot zes paarden.
In andere onderzoeken werd ook de invloed van de rangorde op het liggedrag van paarden in kuddes aangetoond. Zo heeft gedragsdeskundige Dr. Margit Zeitler-Feicht van de Technische Universität München in een onderzoek aangetoond dat ranghogere dieren ranglageren regelmatig stoorden tijdens het liggen. Ranghogere paarden lagen gemiddeld 7,8 procent van de 24 uur, terwijl ranglagere dieren maar 2,8 procent van de tijd lagen, hoewel alle paarden dezelfde behoefte vertoonden om te gaan liggen.

Sociale rangorde
"De sociale rangorde heeft een indirecte invloed op het liggedrag van ranglagere dieren”, licht Aline Gülden toe. "Dit schijnt vooral dan belangrijk te zijn als het beschikbare oppervlak om te gaan liggen te klein is, als de stalindeling slecht is of als de ranglagere paarden niet kunnen uitwijken.” Ze adviseert om, voor het houden van paarden in groepen, een altijd toegankelijke uitloop en een naar functie gescheiden indeling aan te houden, evenals aparte eet- en ligplaatsen. Daarbij moeten de afmetingen van de ligplaats per paard volgens de formule driemaal schofthoogte bedragen. Een paard met een schofthoogte van 1,65 m heeft dus minstens 8,2 vierkante meter ligplaats nodig. Als de stal gunstig is ingedeeld en het management ervan klopt, kan de ligplaats volgens de richtlijnen worden beperkt tot 2,5 x schofthoogte.

"In de praktijk is gebleken dat het handig is om de ligplaatsen te structureren”, vertelt Aline Gülden. "Zo kunnen bijvoorbeeld lage scheidingswanden of verschuifbare gordijnen als ruimteverdeler fungeren. Je kunt ook meerdere rustruimtes aanbieden om de situatie voor ranglagere paarden te vergemakkelijken.” Met het oog op de actuele kennis hieromtrent adviseert de expert op het gebied van ligplaatsen geen eetbaar strooisel te gebruiken, om lig- en eetplaatsen streng gescheiden te houden. Zo brengen ranghogere paarden minder tijd door met eten in de ligruimtes en de ranglageren ervaren minder beperkingen als ze willen gaan liggen. Het is ook aan te raden de uitgangen zodanig gunstig te plaatsen, dat ranglagere paarden meer comfort hebben. "Er moeten minimaal twee uitgangen zijn, zo ver mogelijk van elkaar verwijderd en zo groot dat of maar één of twee paarden makkelijk langs elkaar kunnen lopen”, vertelt Aline Gülden. "Een alternatief kan zijn om ook de voorkant van het gebouw open te laten.” Daarmee voorkom je dat een ranghoger paard de uitgang bezet houdt. Als de samenstelling van de kudde echter relatief constant en harmonisch is, is slapen in de buurt van de kudde het meest natuurlijk en verkwikkend. En als ze dan hun soortgenoten ook nog kunnen zien, ruiken en horen en als ze contact hebben met de omgeving, levert dat het perfecte paardenbed op.

Tip Annemarie van der Toorn:
Het zoeken naar aparte rustplaatsen voor paarden in een manege- of pensionomgeving is vaak nog niet zo makkelijk. Maar wanneer dit kan, is het wel fijn om te kijken of jouw paard het goed kan vinden met zijn buurman of -vrouw. Dat geeft een hoop rust. Ook moeten de afscheidingen, mocht je in staat zijn om het te regelen, voldoende veilig zijn.

Tip Annemarie van der Toorn:
Een paard kan staand slapen door zijn passieve stamechanisme. Zijn bespiering, pezen en knie werken samen om dit mogelijk te maken. Het paard haakt als het ware één van zijn knieschijven bij zijn achterbeen over een haakje, waardoor hij letterlijk op dat been kan leunen. Hij moet altijd nog een klein beetje spierkracht leveren, waardoor je zult zien dat hij af en toe wisselt van het been waarop hij rust.