Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Omgaan met paarden: waar moet je op letten?

Waarom treuren sommige paarden als ze alleen op de wei staan? Waarom loopt je paard weg als hij je ziet aankomen met zadel en hoofdstel? Veel heeft te maken met aangeboren of aangeleerd gedrag. Hoewel je je paard heel veel kunt leren, blijft hij van oorsprong een kuddedier dat zich duizenden jaren vrij van het ene voedselgebied naar het andere heeft kunnen begeven. En daar ligt vaak de verklaring voor onverwachte reacties of ‘moeilijk’ gedrag.
  
Om de reacties van je paard een stap voor te zijn, is het belangrijk om het gedrag van je paard in verschillende situaties in te schatten. Je moet begrijpen hoe je paard denkt, hoe hij dingen ziet en hoort en welke reflexen hij heeft.
 
Natuurlijk gedrag
Een paard is een kuddedier. Hij leeft van nature in een hechte groep op grote grasvlaktes. Omdat ze in groepen leven, hebben paarden ook een kudde-instinct. Als één paard van de groep vlucht, gaat de rest zonder nadenken mee. Pas na een tijdje kijken de paarden wat er eigenlijk aan de hand was. Een paard is ook een vluchtdier. Als hij iets hoort, ruikt of ziet dat beangstigend is, zal hij in eerste instantie wegrennen. Daarna kijkt hij pas wat er aan de hand was. De kracht van het paard is zijn snelheid. Hij probeert altijd naar een geruststellende plaats te rennen, bijvoorbeeld naar zijn stal of naar de andere paarden.
  
Straffen of belonen?
Ten slotte is een paard een gewoontedier. Bij het werken paarden zul je dan ook altijd in patronen moeten werken. Een paard leert door oefeningen te herhalen. Beloon goed gedrag altijd. Uit allerlei psychologische experimenten is namelijk gebleken dat belonen over het algemeen beter werkt dan straffen. Paarden associëren straffen namelijk eerder met de persoon die de straf uitdeelt, dan met de reden van de straf, met de overtreding die zij gemaakt hebben. Met andere woorden: als je een paard een klap geeft omdat hij jou een duw heeft gegeven, dan is de kans groter dat het paard de conclusie trekt dat jij iemand bent die hij beter kan vermijden, dan dat hij de conclusie trekt dat duwen niet mag. Belonen werkt veel beter, mits dat op de juiste manier wordt gedaan. Een beloning wordt door het paard als positief ervaren, omdat hij vaker geknuffeld wil worden, zal hij het door jou gewenste gedrag gaan herhalen.
 
Zintuigen
Paarden beleven de wereld niet zoals wij mensen dat doen. Een paard ruikt en hoort veel beter dan wij en maakt ook meer gebruik van deze zintuigen. Hij kan zijn oren in de richting van het geluid draaien, waardoor hij beter en gerichter kan luisteren. Nadeel is wel dat hij daardoor kan schrikken van een geluid dat wij mensen niet eens gehoord hebben.
Doordat de ogen van een paard aan de zijkant in het hoofd geplaatst zijn, kan een paard een groter gedeelte zien dan wij dat kunnen. Ga er echter nooit van uit dat hij je wel gezien zal hebben. Laat je paard door tegen hem te praten, altijd weten dat je er bent. De neus, lippen en vooral de flanken van een paard zijn erg gevoelig. Wees voorzichtig als je hier borstelt.
 
Lichaamstaal
Een paard praat via zijn lichaam. Door de stand van zijn hoofd, benen, staart en vooral van zijn oren laat het paard weten hoe hij zich voelt. Wij moeten deze signalen van het paard leren begrijpen. Kijk veel naar je paard, luister naar je instructeur op de manege, ga eens op een gedragscursus en lees veel boeken over het gedrag van paarden zodat jij altijd weet wat jouw paard je wil vertellen. Als het paard er helder uitziet, zijn oren recht naar voren heeft en zijn neusvleugels opzet, kan hij iets interessants of beangstigends zien. Let dan goed op, een vluchtreactie zit dan in een klein hoekje. Heeft het paard daarentegen zijn oren plat in zijn nek, heeft hij een verwrongen neus en zwiept hij met zijn staart, ga dan aan de kant. Hij is boos en de kans dat hij zal bijten of slaan is groot. Net als ieder mens heeft elk paard zijn eigen karakter. Hier moet je mee leren omgaan: oefening baart kunst!
 
10 tips voor een veilige omgang met je paard:
1 Een paard kan gevaar ‘ruiken’. Benader een paard dan ook nooit als je bang voor hem bent.
2 Zorg dat je je paard eerst bij zijn hals of schouder aanraakt, grijp niet meteen naar zijn hoofd.
3 Zet je paard vast aan een halster met halstertouw en gebruik daarbij altijd een veiligheidsknoop!
4 Doe altijd eerst het hoofdstel van je paard om, voordat je je paard opzadelt.
5 Check, voordat je met je paard de stal uit gaat, of je goed hebt aangesingeld.
6 Ga, tijdens het verzorgen van je paard, nooit achter hem staan en ga ook nooit op de grond of op je knieën zitten!
7 Is het niet mogelijk om voor je paard langs te lopen? Hou dan contact met je handen, terwijl je achter je paard langs loopt. Dan weet hij waar je bent.
8 Draag de juiste rijlaarzen of –schoenen en voorkom hiermee dat je met je voet in de beugels kunt blijven hangen.
9 Gil of schreeuw niet in de buurt van je paard. Daar kan hij van schrikken.
10 Zorg ervoor dat je iedere handeling die je bij je paard verricht, of een positieve manier afsluit.