Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Is jouw paard gelukkig?

Alleen wanneer jouw paard tevreden is en goed in zijn vel zit, kunnen jullie beiden genieten van jullie samenwerking in het zadel. Hoe zie je of je paard gelukkig is? Wat heeft hij nodig om goed in zijn vel te zitten?

Tekst: Ilja v.d. Kasteele / Foto’s: IMAGO, Ilja v.d. Kasteele, pa/dpa, Maximilian Schreiner, www.pferdefotoarchiv.de, www.slawik.com, www.stuewer-tierfoto.de


De tienjarige schimmel Laola is een droom van een paard. "Ze doet altijd haar best, is braaf, alert en gek op uitdagingen”, vertelt haar eigenaresse Gabi Messerschmidt. Maar vroeger was dit heel anders. Toen Laola een jaar of drie geleden bij Gabi op stal kwam, was ze helemaal in de war, broodmager, onberekenbaar en dus ook niet berijdbaar. Bovendien had het paard een maagzweer. "Bij haar was alles misgegaan wat maar mis kon gaan”, aldus de voormalige Grand Prix amazone.

Als driejarige zou Laola per opbod worden verkocht, maar ze raakte volledig in de stress tijdens de veiling. Alle verschillende ruiters die haar wilden testen, werden haar teveel. Laola werd kreupel teruggebracht naar haar fokker. Daar heeft ze tot haar zevende haar leven voornamelijk in een kleine box doorgebracht. Ze werd slechts twee tot drie keer in de week gelongeerd. Bovendien kreeg ze te weinig ruwvoer en dat heeft bij haar tot frustratie en zelfs tot een maagzweer geleid. Gelukkig is deze periode voor Laola nu verleden tijd.


Basisbehoeften
Laola is het voorbeeld van hoe je met weinig middelen een ongelukkig of zelfs onberekenbaar paard tot een gelukkige en evenwichtige partner op vier hoeven kunt maken. "Maar in de gedragsbiologie wordt helaas niet gevraagd of een dier wel gelukkig is, alleen of hij lekker in zijn vel zit”, vertelt Dr. Willa Bohnet, medewerkster van de Veterinaire Hogeschool te Hannover. En om dat te bereiken, moet aan de basisbehoeften van het dier worden voldaan. Als kudde- en steppedier heeft het paard voldoende beweging nodig en (minstens) één soortgenoot om mee te communiceren. In de meest ideale situatie leeft het paard in een stabiele kudde en in een open stal. Paarden die constant van de ene kudde naar de andere worden doorgeschoven, raken helemaal ontheemd en krijgen de kans niet om een hechte paardenvriendschap op te bouwen. En vooral die vriendschap met een weidegenoot is erg belangrijk voor een paard.

Een paard moet altijd beschikken over schoon water en bescherming bij ‘slecht’ weer. Dit laatste kun je eenvoudig realiseren door een schuilstal in de weide te plaatsen met een droge, zachte ondergrond om op te liggen. Paarden rusten ongeveer tachtig procent van de dag staand, maar hebben ook een mogelijkheid nodig om te gaan liggen. En dat doen ze, zo blijkt uit ervaring, bepaald niet graag op een vochtige, moerasachtige ondergrond.


Voeding
Paarden in de vrije natuur eten tot zestien uur per etmaal. Daarom hebben ze ook altijd toegang nodig tot structuurrijk voer. En daarmee wordt niet de dagelijkse weidegang op een sappige groene wei in de lente bedoeld, ook al is dat voor veel paarden een waar paradijs. "Mijn pony ruin zou heel gelukkig zijn wanneer hij de hele dag door gras zou kunnen eten”, vertelt Dr. Willa Bohnet. "Maar als ik dat zou toestaan, zou hij binnen de kortste keren zo vet zijn als een varken en ziektes als hoefbevangenheid kunnen krijgen. En dat veroorzaakt veel pijn, wat het welbevinden van de pony niet ten goede komt.”
Je moet je daarom afvragen wat voor elk paard de sleutel is tot zijn geluk. Je paard moet in elk geval over voldoende, kwalitatief goed hooi kunnen beschikken. Een richtlijn hierbij luidt dat hij minstens twaalf uur per dag ruwvoer moet kunnen eten. De pauzes tussen twee maaltijden mogen nooit langer zijn dan vier uur. Uiteraard mag het voer niet beschimmeld of vervuild zijn, want dat maakt paarden op den duur ziek. En dat is dan weer slecht voor hun welzijn.


Wat voor invloed het zo natuurlijk mogelijk houden van paarden heeft, is bij Laola heel goed te zien. "Zij mag tegenwoordig dagelijks twee tot drie keer naar buiten en beschikt altijd over goed hooi”, aldus Gabi Messerschmidt. De merrie heeft geen last meer van maagzweren en het voorheen zo onrustige en driftige paard is braaf, kalm en evenwichtig geworden. Maar op andere stallen hebben paarden helaas niet altijd zoveel geluk als Laola. Veel paarden die voornamelijk in boxen staan, kunnen uitsluitend tussen de tralies door contact maken met soortgenoten. Geen gewenste situatie. Als je paard in de winter altijd binnen staat, zou je hem minimaal vanaf de lente tot in de herfst in een kudde in de wei moeten zetten, om toch aan zijn behoefte te voldoen. De meest ideale omstandigheid is als de paarden de winter in hun eigen kudde in een paddock kunnen doorbrengen, want rijden of longeren vervangt nooit het contact met zijn soortgenoten. "Als je paard in de winter binnen moet staan en geen paddock tot zijn beschikking heeft waardoor hij zich niet vrij kan bewegen, doe je er goed aan om een plek te zoeken waar hij wel contact kan maken met zijn soortgenoten”, aldus Bohnet.

De relatie tussen paard en eigenaar
Net zo belangrijk als de manier waarop je paard wordt gehouden, is de relatie met zijn eigenaar. En die relatie begint niet pas onder het zadel. "Ongeacht hoe je je paard houdt, als eigenaar moet je je paard goed leren aanvoelen”, adviseert gedragswetenschapper Dr. Barbara Schöning. "Alleen zo herken je tijdig stress, vermoeidheid, onzekerheid en overvraging.” Om je paard te leren kennen, kun je hem het best langere tijd observeren. Breng eens in alle rust een hele dag of minimaal een paar uur met hem in de paddock of in de weide door. Zo kun je zien wanneer je paard zich prettig voelt en hoe hij dat uit: een tevreden paard is nieuwsgierig en alert. Hij speelt graag met zijn soortgenoten en geniet van het contact met zijn maatje. Gelukkige paarden hebben een glanzende vacht, ze zijn op gewicht en vrij van pijn of blessures.

Paarden zijn gek op het gezelschap van ‘hun’ eigenaar. Althans, wanneer hun eigenaar hen op de juiste manier benadert en behandelt. Als je gestrest thuiskomt van je werk, kun je beter niet meteen je paard uit zijn box halen, poetsen, opzadelen en dan het gebruikelijke programma afdraaien. In plaats van je stress op je paard over te brengen, kun je beter rustig bij hem in de box of in de weide gaan zitten en naar hem kijken, totdat je volledig tot rust gekomen bent.


Bedenk regelmatig een nieuwe activiteit om met je paard te gaan doen. Wanneer je je paard hebt opgezadeld, zou je hem een keer aan de lange teugel kunnen laten grazen in plaats van te gaan rijden. Zo leert je paard om zijn zadel niet alleen met (hard) werken te associëren, maar ook met iets aangenaams. Sportpaarden, die de reis in de trailer alleen maar met het volgende toernooi associëren, kun je met de trailer gewoon een keer meenemen naar een lekkere weide of naar een plek waar zij kunnen zwemmen.

Karakters
Het is raadzaam om eerst te bedenken wat voor type paard je hebt: is hij rustig en zelfverzekerd of eerder bang en onzeker? In het laatste geval kan een alledaagse routine je paard meer zekerheid bieden. Maar los van het type paard, hebben paarden vooral twee dingen nodig: duidelijkheid en consequent gedrag. Immers, inconsequent gedrag zorgt voor een grote mate van onzekerheid. En dat moet je omwille van het welzijn van je paard zien te voorkomen.
Zorg dat je elke dag duidelijke signalen richting je paard afgeeft en dat je altijd dezelfde begrijpelijke instructies gebruikt. Wie de ene dag zijn paard lekker naast zich laat lopen wanneer hij naar de weide wordt gebracht maar de volgende dag – wanneer hij geïrriteerd is – zijn paard dwingt om te volgen, geeft verkeerde, tegenstrijdige signalen af. Corrigeer je paard nooit omdat je zelf niet lekker in je vel zit en dus niet veel kunt hebben. "Op die manier wordt je als eigenaar onvoorspelbaar voor je paard. Hij gaat zich hierdoor steeds onzekerder voelen, omdat hij angstig wordt”, benadrukt Bohnet.

Ook tijdens het rijden zijn duidelijke signalen van groot belang. "Voordat je in het zadel stijgt, moet je nagaan of je paard geen spierspanningen of pijn heeft”, adviseert Anja Beran, een opleider voor klassieke dressuur uit Bidingen. Behalve regelmatige hoefverzorging, inentingen en wormkuren kan het noodzakelijk zijn om je paard door een chiropractor, een fysiotherapeut of een osteopaat te laten onderzoeken. En uiteraard moet zijn harnachement goed passen. Als je paard last heeft van gespannen spieren, probeer dan om hem correct te laten lopen en beweeglijker te laten worden, zodat hij zich prettig voelt in zijn lichaam. Want een gezonde geest zit alleen in een gezond lichaam.

Je kunt het leergedrag van je paard bevorderen met duidelijke signalen en door een juiste manier van opleiden. "In principe moet je een paard met veel rust, geduld en lof opleiden, zodat hij begrijpt wat je van hem wilt”, adviseert Anja Beran. Zo leert hij trots te zijn op zijn eigen prestaties, is hij geïnteresseerd in zijn omgeving en hij heeft zin in nieuwe taken. En dat kun je zien: "Hoe meer een paard kan, hoe meer uitdrukking hij heeft”, zegt een leerling van de Portugese topruiter Manuel Jorge de Oliviera. "Daarom is afwisseling zo belangrijk. Je probeert het beste uit je paard te halen en van hem te eisen wat hij op zijn niveau kan presteren, waarbij afwisseling natuurlijk niet betekent dat je elke dag een ander oefenschema in de manege toepast. Richt je de ene dag op dressuur, de volgende keer op springen, dan longeren, een buitenritje maken of grondwerk doen. Of doe eens onderzoeks- of leeroefeningen met je paard. Een genoegen voor paard en eigenaar.”

"Het is belangrijk om te weten wat je paard leuk vindt”, vult Willa Bohnet aan. "Een belangrijke geluksfactor voor je paard is geduld en begrip van zijn ruiter. Vooral nu er zoveel verschillende rijmethodes en opleidingsvariaties bestaan die met elkaar concurreren, zijn veel ruiters geneigd de ene keer dit, de andere keer dat uit te proberen, wanneer het allemaal niet direct lukt zoals gewenst. Op die manier mist je paard een heldere omgang en de eenduidige signalen die hij nodig heeft.”


"Het is belangrijk om de schuld voor eventuele mislukkingen nooit bij het paard te leggen maar steeds weer bij jezelf te zoeken”, aldus Anja Beran. "Lukt iets niet, vraag je dan af of je paard heeft begrepen wat je van hem vraagt. En of hij lichamelijk wel in staat is om een bepaalde prestatie te leveren.” Van veel paarden wordt teveel geëist. Het gevolg is dat ze zich verzetten. Berans twaalfjarige Westfalen-ruin Flamingo is hier een voorbeeld van. "In het begin stond hij altijd met zijn achterste naar de deur, legde hij zijn oren plat in zijn nek en verzette hij zich bij alles wat ik met hem wilde doen. Intussen staat hij nieuwsgierig en vol werklust op me te wachten. Het dagelijkse werk vindt hij erg leuk om te doen.” En dat is toch precies wat je met je paard wilt bereiken en wat relatief makkelijk te verwezenlijken valt…

Tip Annemarie van der Toorn:
Wat je ook doet met je paard, zorg voor veel afwisseling. Iedere dag dressuuroefeningen doen, is echt niet altijd even leuk voor hem. Maak eens een buitenrit of een sprongetje, doe grondwerk of ga loswerken. Zo houd je het samen bezig zijn ook interessant voor je paard.

 
Klik hier voor de gouden regels voor een gelukkig paard