Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

‘Het belangrijkst is dat een paard zich happy voelt’

Het Brabantse dorpje Haarsteeg is maar één straat lang. Middenin ligt manege Ars Longa, verscholen achter een groot herenhuis. De naam is Grieks en betekent: de kunst duurt lang. En dat is exact de gedachte waarmee eigenaar Walter van den Brand zijn manege runt. “Een mensenleven is eigenlijk te kort om goed te leren paardrijden.”
  
Manage Ars Longa vindt zijn oorsprong in de jaren vijftig. Wout van den Brand, de vader van Walter, besluit een eigen hengstenfokkerij op te zetten en bouwt een stal achter zijn huis in Haarsteeg. Het bedrijf loopt goed. “Toen al was ik meer in de stallen te vinden dan op school of waar dan ook”, zegt Walter van den Brand over die tijd. Zijn vader bouwde al snel een rijhal aan de stallen. Topruiters als Henk van den Bergen en Jan Pol berijden de hengsten. En ook zoon Van den Brand deed er met regelmaat dressuur- en springoefeningen. Deed, want nu rijdt hij niet meer. Walter heeft sinds zijn 21e een hernia. “Ik had zelf een hindernis gebouwd tussen twee bomen in het bos, hier vlakbij. Bij de sprong bleef ik met mijn been achter een boom haken. Hoppa, zo mijn bekken uiteen.”
  
Toch besloot Van den Brand in 1986 het bedrijf over te nemen. Hij zette de fokkerij definitief om in een manege. “Dat was rendabeler, de fokkerij werd steeds meer een hobby van de elite. Zij konden het financieel dragen als er een paard wegviel of zich blesseerde. Voor ons was dat veel moeilijker. Concurrentie is goed, maar daar konden wij niet tegenop.”
Manege Ars Longa bloeide op en heeft nu zowel een manege- als pensionfunctie. Het bedrijf telt twee rijhallen en herbergt rond de zeventig paarden: 25 manegepaarden, dertig pensionpaarden en vijf tot tien dieren voor de handel. Vijf paarden doen mee aan wedstrijden (klasse intermediair twee). Zij worden voornamelijk getraind en bereden door Chantal, sinds 2002 de vriendin van Van den Brand. “Dat doet ze heel goed, ze rijdt bijna Grand Prix”, glundert Van den Brand.
Het tweetal geeft ook les en wordt daarbij ondersteund door een nieuwe instructrice, Tamara de Voogd. De stijl is streng, gericht op de basis van het rijden en het paard. “Ik wil niet mee in die commercie en stijl van nu. Mensen willen te vaak na één les alles al kunnen en rekenen op een lintje. Dat kan niet, leren rijden kost tijd.” Van den Brand noemt dat proces: een paard op eigen benen laten lopen. “Dat ze weten hoe ze moeten lopen, een eigen manier vinden en elk spiertje losgaat en meewerkt. Dat lintje komt vanzelf wel.”
  
Het doet geen zeer, zegt Van den Brand, dat hij zelf niet kan rijden. “Je moet toch verder. En op deze manier heb ik de kans mijn filosofie over te brengen en mensen kennis te laten maken met paarden.” Eens in de zoveel tijd nodigt Van den Brand de verstandelijk en lichamelijk gehandicapte kinderen uit een instelling in de buurt uit om onder begeleiding een paar rondjes te komen rijden. Er zijn niet genoeg kinderen of middelen om dat met regelmaat te doen, maar zo geeft hij ze toch het plezier van even rijden en het bezig zijn met de paarden. “Dat is echt heel erg leuk om te zien. Ik vind het ook goed om me met dat soort initiatieven bezig te houden. Dat doen we overigens wel vaker. Even geleden hebben we hier op zaterdag een enorm feest gehouden in de kantine. De opbrengsten gaan naar een atelier hier in het dorp waar gehandicapte mensen werken. Ik ben er van tevoren even langsgegaan met Chantal, ik wil natuurlijk wel eerst weten waar ik aan doneer. Maar toen we er waren zag ik meteen: dit is leuk en ze kunnen het extraatje wel gebruiken. En waarom zou ik ze dat niet geven? De paarden hebben het goed, wij ook. Het voelt goed om dit te doen.”
  
Om de basis van het paardrijden goed aan te leren krijgen nieuwe leerlingen privélessen voor ze als ruiter in een groep de rijbaan in mogen. Volwassenen hebben gemiddeld tien nodig, kinderen twintig. Vanaf zes jaar mogen ze komen rijden, wel gaan ze zeker de eerste tien lessen aan de logeerlijn. Zo is Van den Brand er zeker van dat zijn paarden goed bereden worden. “Streven naar snel en goed leren rijden is prima, maar het moet wel op een verantwoordelijke manier. De paarden moeten er niet onder lijden. Misschien is het vanuit die fokkerijgedachte, maar het belangrijkst is dat een paard zich happy voelt. Dat zie ik echt nog veel te weinig. Voor meer informatie, www.manegearslonga.nl