Fresh Bloemen & Planten Tuinontwerp Beet Duiken Rovers Karper Mama Wetenschap in beeld Historia GoodFood Hart voor dieren

Domme pech…

"Domme pech..." De woorden echoën in mijn hoofd. Ik kijk naar Oudste die de manen van Kólga vlecht. Het normaalgesproken prachtige lange haar is zeiknat en zit vol zand. Een schril contrast met Oudste haar eigen kapsel. Strak en glanzend in de lak. Vol met sierlijke steentjes.

Ik zit relaxed in de bank als de telefoon gaat. 23.53 uur. Oudste! Vast om even te melden dat ze goed zijn thuisgekomen van de danswedstrijd. "Je moet nú naar de paarden komen! Kólga is helemaal niet goed!" Wat noodzakelijkheden en dan zit ik in de auto. Ik heb alleen maar gezegd: "Ik kom er aan!" en weet eigenlijk niet eens wat er mogelijk aan de hand is. Weer iets met de dracht of iets anders?

Eén blik op Kólga is genoeg om te beseffen dat er serieus iets mis is. Ze is slechts een schim van de prachtige verschijning die ze hoort te zijn. Nat, vies en bovenal wankel op de benen. Om maar iets te doen, borstel ik haar voorzichtig nog wat schoon. De dierenarts stelt de gebruikelijke vragen en doet de standaard testjes. Koliek! Zoveel is duidelijk. Maar hij twijfelt over de ernst. Ze ziet er slecht uit, maar het ontbreken van een zwaar verhoogde hartslag past niet in het plaatje. Als we het zeker willen weten, moeten we naar een kliniek. Bloedtest en echo kunnen uitsluitsel geven, waarna er eventueel gelijk operatief ingegrepen kan worden als er een reële kans op succes is.

Eén ding weet ik zeker: we laten haar níét in deze omstandigheden achter. Dus kliniek! Wat noodzakelijkheden als telefoonnummer en routebeschrijving. Op advies van de dierenarts zetten we Kólga los op de trailer. Tijdens de lange rit houden we elkaar hoopvol en gaan alle schuldvragen subiet de prullenbak in.

Oudste had het niet vertrouwd toen Kólga zich bij het voeren niet meldde bij de ruif. Het zachte hinniken had haar onmiddellijk naar de schuilstal doen spoeden. Op hoge hakken door de paddock, hetgeen haar vriend gelijk ook verontrustte. Dierenarts bellen en daarna mij. En daar zitten we dan in het holst van de nacht in de auto.

Als we bij de kliniek uitstappen, hinnikt Kólga zachtjes en als de voorklep opengaat spitst ze heel even haar oren.

Opnieuw noodzakelijkheden. De Engelstalige medewerker vraagt om het paardenpaspoort en duwt me papieren in de handen. Paperwork.. Levensnummer, chipnummer, who the f*ck wil nú weten wie haar vader en moeder zijn, consumptie... Concentreren!

Ondertussen wordt door de arts Kólga haar lactaatwaarde bepaald. Torenhoog! Onder de twee is normaal, vijf is zorgelijk. Haar waarde is 25, hoger dan ze ooit gemeten hebben. Als ik me omdraai, krijgen we het plaatje. De kosten die gemoeid zijn met de operatie en het langdurige traject erna. Opereren vraagt commitment. Maar de lactaatwaarde is zorgelijk. Een teken dat er darmweefsel aan het afsterven is. De echo bevestigt dat. De normaal continu bewegende dunne darm ligt al helemaal stil.

Ik zeg: "Ik zal je maar niet vragen wat je zou doen als het je eigen paard zou zijn." Het triggert opnieuw de opmerking dat de lactaatwaarde zeer zorgelijk is. Zo zorgelijk dat de narcose uitermate risicovol is. Uiteraard kunnen ze er wel aan beginnen...

Ik voel me misselijk worden, wil wakker worden in de bank met het besef dat het allemaal een boze droom was. Maar... dat is het niet en de woorden die zojuist zijn uitgesproken, luiden een onvermijdelijk doodvonnis in.

De penetrante ziekenhuislucht dringt diep mijn neus binnen. Ik kijk naar mijn dochter die het hoofd van Kólga vasthoudt en het zachtjes streelt. Ik voel tot in het diepst van mijn vezels de intense pijn die om hen beiden heen hangt. Haar vriend die volslagen verslagen naast ons staat.

Oudste doorbreekt plots de stilte en roept het bijna uit: "Dit gaan we niet doen!" Ik antwoord zachtjes: "Eens" en omhels haar. We mogen er nog even over denken, maar we zijn vastbesloten en willen geen verder rekken van het zichtbare lijden van Kólga.

Zo maken we even later de laatste gang met Kólga. Naar de ruimte waar we haar achter zullen moeten laten. Bij de sedatie waarbij ze zal gaan liggen, moeten we op een afstandje blijven. We staan met ons drieën in het hoekje. De armen om elkaar heengeslagen. Liefdevol en heel gecontroleerd laten ze Kólga zakken.

Daarna volgt de narcose. Ondertussen mogen we bij haar zitten. Fluisteren we lieve woordjes en kussen haar nog warme en zachte neus. In deze fase glijdt ze al weg. Het in haar groeiende wondertje met zich meenemend. De overdosering is eigenlijk al niet meer nodig.

We worden met haar alleen gelaten. En zo kijk ik naar mijn dochter die liefdevol de vlechtjes maakt om mee te nemen naar huis. Ik geef haar zwijgend de gekregen elastiekjes aan, terwijl de tranen gestaag op mijn brillenglazen druppen. En ik denk aan de por die kreeg toen Oudste Kólga voor het eerst zag: "O, mam, die wil ik!" Wat hadden we een dromen. En hoe ruw worden die nu verstoord.

Het moment komt om te gaan. Nog één laatste blik. Op de lege huls van onze allerliefste Kollie. Vier jaar nog maar en drachtig. Weten dat het goed is zo. Maar het vóélt niet goed. De pijn is zo hartverscheurend en onbeschrijfelijk. Deze gifbeker had ik zó graag aan ons voorbij zien gaan. Wat.. domme pech...?!

Marja

Met dank aan onze dierenartspraktijk St. Oedenrode voor de altijd trouwe zorgen.

Met speciale dank aan de paardenkliniek in Someren waar we zo ongelooflijk liefdevol zijn opgevangen en begeleid in het traject van de besluitvorming en het definitieve afscheid. Het veranderde niets aan de situatie, maar was voor ons zeer waardevol.

 

Kólga frá Ævintýri

22-05-2013 - 23-10-2017 Rust zacht lieve Kollie!

 

  


 

Met geen pen te beschrijven!

Met geen pen te beschrijven! Hoe een bezoekje aan een evenement je hele leven voorgoed op zijn kop kan zetten. Onder zware druk van een puberdochter zwichtte ik ervoor om vanuit het werk ook nog even te gaan kijken.

Tien jaar later ben ik op hetzelfde evenement. Het WK IJslandse paarden in Oirschot. Zitplaatsen op de eerste rij. De passe-partout-kaarten al twee jaar lang in huis. Puur genieten! Tussen de wedstrijden door plannen maken voor de toekomst. En... terugblikken. Wat is er in die tien jaar ongelooflijk veel gebeurd!

Toen in 2007, een P-kaart en een toegangskaart lichter, zag ik nog net drie combinaties in actie bij de telgangproef. Maar... iets in de entourage prikkelde me om de volgende dag terug te keren om tölt- en gangenwedstrijden te kijken. Ik kende er niemand, wist niets van de gangen, maar was gefascineerd door de verscheidenheid aan vachtkleuren en de trotste oprichting en uitstraling van die toppaarden. Het virus sloeg toe!

Het WK-shirtje dat Oudste er kocht, bracht ons een jaar later in contact met 'de enge man' en zijn paarden. Twee voorjaarsvakanties naar een B&B met IJslanders in Frankrijk later: volledig besmet!

Onze eigen Grýla kwam en 'ons Diet'. Het netwerk breidde steeds maar verder uit. Vriendschappen voor het leven. De energieke hoefsmid met zijn gezin. Waardoor uiteindelijk ook Kólga kwam. Alles met vallen en opstaan. Letterlijk en figuurlijk. Om rij-technisch mijn meer dan unieke Hannah te vinden. Nu zijn we zelfs een volgende fase in gegaan, de fokkerij.

Niet te vergeten ook die andere paardenwereld. Jongste die haar weg vond in de dressuurwereld en met de Friezencarrousel Phaidra in oktober in het voorprogramma van de Spaanse Rijschool rijdt.

De WK-week zelf is slopend. We zijn medeverantwoordelijk voor de stand van het stamboek. ’s Avonds laat afsluiten, de paarden van de enge man verzorgen, onze eigen paarden voeren en iets goedmaken bij de rest van de kinderboerderij. Rugtas pakken voor de volgende dag en weer vroeg op om maar geen wedstrijd te missen.

Het is zó gaaf! Alleen al over de galashow kan ik blogs vol schrijven. Tijdens een VIP-borrel maken we een praatje met de chef de mission van de Nederlandse equipe. We hebben de grootste lol met onze medestandhouders en liggen slap van het lachen met een Australische standhouder, die -zo blijkt- logeert bij een goede bekende van ons; ook uit de paardenwereld.

Op de tribune weet ik nu wel waar ik naar moeten kijken mede door ons bezoek aan het WK-2013 in Berlijn en onze deelname aan het ruitercafé.

De sfeer is uitzinnig. Zet een paar vliegtuigen IJslanders op een tribune, rijd er een fantastisch IJslands paard langs en de boel ontploft! De ultieme uiting van 'paarden zijn emotie'. Met voor mij het absoluut emotionele hoogtepunt als een topruiter met een uitmuntend paard een jaloersmakend lesje paardrijkunst geeft. Die subtiele communicatie. Volledige harmonie!

Als blogger -zie voor genoemde onderwerpen mijn andere blogs- werd mij eerder een quote gevraagd. Die dekt volledig de lading van deze tien jaren. 'Paarden verrijken mijn leven. Dat… is met geen pen te beschrijven.'

Marja

Bij de foto’s (in tölt):

Jolly Schrenk (Duitsland) met Glæsir von Gut Wertheim

Winnares viergangen en de Golden FT Feather prijs

Máni Hilmarsson (IJsland) met Prestur frá Borgarnesi

Winnaar bij de Youth Riders van de vijfgangen en de Feather prijs

PS: Feather prijzen worden speciaal uitgereikt voor het meest harmonieus rijden.

 

 

 


Huhhh?!

Huhhh?! Ik kijk verbaasd naar het stilstaande beeld van de video. Kijk nog eens en zet het filmpje in beweging. Met stijgende verbazing klik 'm zeker nog twee keer aan.

De rensport is een tak van paardensport waar ik - buiten de boeken van Dick Francis - eigenlijk niks mee heb. Ik heb diep respect voor de jockey als het gaat om het houden van de balans in de verlichte zit bij die enorme snelheden, maar dan heb je het wel gehad. Het wereldje van wedden, het continue opzwepen van de dieren, het trekt mij totaal niet.

Naar blijkt uit het bericht bij de video, behalen te weinig jonge potentiële renpaarden de wedstrijdbaan. Dit is in het opleidingstraject deels te wijten aan de jockeys. En daar heeft trainer Kurt nu iets op gevonden. Een bedrijf in rollercoasters heeft in opdracht een overdekte ovaalbaan aangelegd van anderhalve kilometer waarin vijf karretjes met tien paarden rondjes kunnen draaien. Van stap tot galop. In het midden van elk karretje een begeleider en aan weerszijden een paard. Het ziet er bizar uit. Een stapmolen op pretparkniveau. Kosten: 40 miljoen euro.

Ik verbeeld me een Efteling-deuntje, zoals Wibi Soerjadi laatst speelde en zie bordjes met 'de wachttijd is vanaf hier 30 minuten'. Debby X staat in de wachtrij nerveus te trappelen en BoraBora Plus moet hoognodig plassen…

Maar ja, het past volledig bij de telkens oplaaiende discussie over het opleiden van jonge paarden. Bewegen en belasten zijn heel verschillende dingen. Dat weet iedereen. Jonge paarden moeten bewegen, maar te jong berijden is funest voor de rug met alle risico's op mentale problemen. Paarden zien er helaas al redelijk jong volwassen uit en mentaal lijken ze dan de hele wereld al aan te kunnen. Daar komt bij dat we zo vreselijk graag met ze aan de slag willen, helemaal als daar ook nog eens financiële belangen mee zijn gemoeid. Dus sussen we onszelf maar wat graag met het plaatje van de buitenkant.

Terug naar het 'Kurt system'. Wat ik me serieus afvraag: wat doet zo'n jockey dan eigenlijk verkeerd? Die kerels wegen helemaal niks. Ik vermoed dat het gebruikelijke wegen met een keukenweegschaal wordt gedaan. Het is verbazingwekkend dat ze met paard en al over de finish komen en niet door de gegenereerde tegenwind volledig van hun paard geblazen worden.

Heeft zo'n 'attractie' nu echt voordelen als je alleen het gewicht van de ruiter telt? Hoe geestdodend zijn die ritjes op termijn? Gaan ze met deze trainingsmethode wel de letterlijke en figuurlijke eindstreep halen?

Ik ben er nog niet over uit of dit nu een aanwinst is of niet. De tijd zal het leren. Vooralsnog kom ik niet veel verder dan wat is het volgende in de paardenwereld dat me gaat brengen tot … huhhh?!

Voor de geïnteresseerden, hierbij een link https://youtu.be/iHf_exw_5bw.

Marja


 

Leeg..! 

"Leeg..!" Met dat ene verlossende woord overspoelt me een enorme leegte. Aan Oudste hoor ik dat ze gehuild heeft. Ze is nog steeds op het randje van tranen en het liefst zou ik een potje meedoen. K-zooi!

Ruim een jaar geleden brachten we Kólga naar de hengst. Vol hoop en verwachting. Drie keer werd ze drachtig gescand. Op de laatste scan een kloppend hartje. Teken van leven! Toen begon het wachten. En vooral in de laatste maanden het nieuwsgierige kijken. Zien we iets? Voelen we iets? Af en toe dachten we van wel. Maar met het strijken van de dagen sloeg ook de twijfel toe. Die werd vakkundig weggeduwd. Het kon gewoon niet zo zijn! Begin april concludeerde de dierenarts nog dat ze er niet drachtig uit zag. De boventoon werd echter gevoerd door haar bijzin: “maar dat zegt helemaal niets.”

Een naam bedenken we als het veulen er is en we het geslacht, de vachtkleur en de eventuele aftekeningen weten. Ik verzin openingszinnen voor mijn blog om de heugelijke geboorte aan te kondigen. Niet aan de orde voor de blog van april? Dan toch zeker wel voor die van mei. Maar ook mei verstrijkt. Evenals de jaargrens van de dracht.

De realiteitszin daalt in en het moment wordt gekozen voor een formele bevestiging. Nerveus laat ik mijn mobiel geen moment buiten mijn gehoor. En dan is het zover. De boodschap hakt er hoe dan ook goed in. Leeg!

Het hoe en waarom zullen we nooit weten. In februari consulteerden we de dierenarts nog, omdat Kólga zo mager werd. Ze at slecht, maar was ook nog aan het wisselen. Was dat afvallen een oorzaak? Gevolg? Of heeft ze al veel eerder of wellicht veel later verworpen? Hadden we het moeten merken? Vragen die geen enkel nut meer hebben. We hebben gedaan wat we konden. De natuur heeft helaas anders bepaald. Punt!

Later thuis laat ik de emoties op volle sterkte toe. Even baf! vol de confrontatie. Niks nog langer wegduwen. De droom is uiteengespat. Alle frustratie en bittere teleurstelling er per direct uit. Het helpt mij in het proces van de acceptatie. Nog één keer samen met Oudste door het hele verloop van de afgelopen maanden. Dan kan de knop om. Het is goed zo.

 We spreken af het een paar dagen te laten rusten. Dan samen kijken of we heel rationeel tot een vervolgstap kunnen komen. Dit jaar nog een keer laten dekken of wachten tot volgend jaar? Willen we het fokken van een veulen sowieso nog wel een keer proberen?

Meest belangrijk is dat Kólga er blakend van gezondheid bij staat. Ook absoluut niet te dik. Geen weldoorvoede schijnbuik die nu weer af moet slanken. Maar leeg is toch wel heel erg.. leeg..!

Marja

 

 


 

 

Hee, een ezel!

"Hee, een ezel!" Ik neem een hap adem om iets te zeggen, maar twijfel over de strekking. Iets negatiefs over een uitgemolken grap of gewoon meegaan in het moment. Terwijl ik de man probeer in te schatten, neemt mijn brein een beslissing. Ik slik de lucht en de woorden weer in.

Sinds een aantal maanden ben ik samen met Oudste lid van de PR-commissie van het NSIJP, Nederlands Stamboek voor IJslandse Paarden. Doel: het promoten van dat fantastische ras. Na ons gebogen te hebben over de foto's voor de jaarfolder werd het tijd om deze folders aan de man te brengen. Op Animal Event! Tevens een evenement met een rassendefilé en een te geven demo.

Onze Grýla was uitverkoren om als knuffelpony op te treden. Bij de demonstratie zou Oudste het woord voeren en deze samen rijden met een jeugdruiter op een IJslander met meer potentie. Dat loopt even anders. De jeugdrijder breekt haar rib. Tijdens een voetbalwedstrijd! En hoewel we altijd overtuigend reclame maken voor de comfortabele zit in de tölt, er zijn grenzen. Oudste draait haar hand er echter niet voor om op het laatste moment de show alleen te rijden en Grýla doet mega haar best. Een toppres(en)tatie!

De vriend van Oudste ontpopt zich tot een ware promotor van het WK IJslandse Paarden in Oirschot later dit jaar. Ondertussen weerleg ik meermaals het misverstand dat een IJslander gezien zijn postuur en karakter per definitie een 'beginnerspaard' zou zijn.

Ik vind het interessant om te observeren hoe het publiek Grýla benadert. Van ronduit lomp tot heel voorzichtig. Grýla heeft zo haar eigen reacties op dit aandachtsgeweld. Subtiel afwenden met de boodschap: "Probeer het nog eens!" of gewoon lekker genieten van al dat gekroel.

Ze wordt uitgemaakt voor ezel, maar ook uitgeroepen tot lievelingspony. Haar nog plukkerige restanten van de wintervacht krijgen van babyhandjes en eeltige werkhanden de kwalificatie 'superzacht!'. Ze wordt alleen even onrustig als de Tinker naast haar zich met het halster vasthaakt aan de afzetting en met hek en al omhoog komt.

Meest bijzonder voor mij blijft de volwassen kerel die de stand binnenloopt, de omgeving vergetend totaal in haar opgaat, en een bijna therapeutisch moment met haar beleeft.

Gelukkig is er ook nog even tijd om de rest van het evenement te bezoeken. Voor een eigenaar van een 'kinderboerderij' zeker de moeite waard. Alles wat ook maar als huisdier gehouden kan worden, is aanwezig. Overal gepassioneerde verzorgers van clinics en een gezellig en geïnteresseerd publiek. Daartussen veel blaffende viervoeters, waarbij je je af en toe afvraagt: “Wie is met wie op stap?”

Ik heb de vuurdoop als standhouder goed en met veel plezier doorstaan. Ik kijk uit naar de volgende keer. Kom maar op met je.. "Hee, een ezel!"..

Marja

 


 

Zwabberende achterhand

Het ziet er uiterst koddig uit. Als de 'wiebel-wiebel'-pas in de rumba. Grýla verzet opnieuw slepend een achterbeen. Ze helt vervaarlijk over naar links. Corrigeert manmoedig, om vervolgens volledig over te hellen naar rechts.

Het is tijd voor de jaarlijkse apk. Zodanig gepland dat ook het op komst zijnde veulen zo optimaal mogelijk mee kan profiteren van de vaccinatie van zijn/haar moeder, Kólga. Moeders eet momenteel met lange tanden, dus wordt haar gebit gecontroleerd. De oefeningen met het hoofdstel en bit werpen hun vruchten af, want ze laat rustig een mondklem plaatsen. Een gebitsbehandelingetje kan geen kwaad, maar is niet dusdanig urgent om daar door stress en sedatie de dracht voor op het spel te zetten. Aandachtspuntje voor later.

Het tandarts-lot blijft de andere twee niet bespaard. Normaal gesproken gebeurt dat op de paddock. Tandartswagentje naast de afrastering en alle instrumenten tussen de draden door. Als het wagentje is geparkeerd, wordt het tijd om deze op de stroom aan te sluiten. Stroom! Aan alles gedacht dit keer, nou ja alles.. behalve aan de stroom. Oudste rent als een speer naar de schuur op zoek naar de haspel. Hoppa, stekker erin. En.. pats! Stop ligt eruit. Eigenaar zoeken, rommelen in de meterkast, nieuwe haspel, en… geen stroom. De dierenarts is van alle gemakken voorzien en heeft zelf ook een verlengsnoer bij zich. Nieuwe uitrol. En, twee meter te kort!

Enige oplossing: behandelen op de oprit. Even later ondergaat Grýla suf van het roesje gelaten haar behandeling. Haar terugbrengen naar de paddock om plaats te maken voor Dita is een ander verhaal. De sedatie heeft erin gehakt als een wijntje op de vermoeide nuchtere maag op een vrijdagmiddagborrel. Ze kan nauwelijks op haar benen staan. Laat staan lopen. Net als een paar weken geleden toen de osteopaat haar rug en ribben heerlijk had losgemaakt.

Uit voorzorg krijgt ‘ons Diet’, een paar maatjes kleiner, een nog verder aangepaste dosering. Maar Dita zou ‘ons Diet’ niet zijn als ze niet net zo alert bleef als een kat op een laserpointer. Bij spuiten! En terwijl Grýla stomdronken met open mond op de paddock staat, is Dita pas met een dubbele dosis net onder zeil te krijgen.

Helaas heeft ze spleetjes tussen de tanden. Groene drab wordt eruit gevist, beroken en onder de neus van Oudste gestoken. “Ruik maar eens!” Daar waar chemici juist als vanzelf leren werkafstand te bewaren, brengen dierenartsen alles onder de neus. Geur zegt zoveel.. Oudste deinst van de lucht een paar meter achteruit. Getver! Hét bewijs dat er etensresten blijven zitten. Vullingen kunnen dit eventueel verhelpen. Nog een aandachtspuntje voor later.

Dan mag ook Dita terug naar de paddock. Haar verzet blijkt gebroken. Daar gaat de tweede.. zwabberende achterhand..

Marja

 


 

Politiefuik..

Politiefuik.. Blazen! We komen net terug van het Ruitercafé en rijden nog even langs onze paardjes om ze bij te voeren. Enkele weken eerder. Oudste: "Ik heb P en jou ook maar opgegeven voor het Ruitercafé. Dat leek me wel nuttig zo vlak voor Ice Horse en het WK IJslandse paarden." Het Ruitercafé bestaat uit 3 avonden waarbij juryleden aan de hand van filmpjes uitleggen hoe het wel en vooral ook niet moet.

De eerste avond, 2 weken geleden werd besteed aan de verschillende gangen van de IJslander en hoe deze gangen er in optima forma uit horen te zien. Souplesse en takt zijn de sleutelwoorden.
De tweede avond, waar we net van thuiskomen, ging over de zogeheten firewalls die op de verschillende onderdelen op de schaal van 0 tot en met 10 zijn aangebracht. Als de takt niet goed is, kun je, ongeacht hoe het er verder uitziet, nooit boven een score van bijvoorbeeld 5 uitkomen.
Op de derde avond mogen we zelf proberen om combinaties te beoordelen en scores te geven.

De locatie is voor ons gelukkig bekend terrein, want deze is zeker in het donker niet zomaar te vinden. Onverharde toegangsweg, ver weg van de bewoonde wereld in een gebied verboden voor gemotoriseerd verkeer. Het zaaltje ademt de IJslandersfeer. Tekeningen van iconen, bokalen en een knetterende houtkachel. Uiteraard een beamer met scherm en vooral veel kannen met koffie en thee. 

De opkomst is verrassend hoog; elk plekje is bezet. Gaandeweg komen de vragen en discussies los. De juryleden zijn heel open en toegankelijk en zo wordt met de nodige dosis humor veel informatie gedeeld. Leer je kijken. Al klinkt dat - voor mij althans - makkelijker dan de praktijk veelal is. Op het moment dat de beelden vertraagd worden, is het vaak pas echt goed te zien. Die vertraging is fors als je kijkt naar snel tempo tölt, galop of rentelgang.

Wat mij opvalt, is dat zelfs op topniveau de ruiter de beperkende factor kan zijn. Niet meegaan in de beweging van het paard. Verzameling proberen af te dwingen door de rem erop te gooien bij voorkeur door de handen vast te zetten. Dat het paard dit niet bepaald een pretje vindt, is soms overduidelijk te zien. Gelukkig zijn ook daarvoor firewalls in het leven geroepen. Geen topscore meer mogelijk, al heeft het paard zelf nog zoveel potentie.

Er is genoeg stof om in de auto over door te praten. En dan is daar ineens dat stopteken. Niets om me zorgen over te maken. Alleen een sloot koffie naar binnen gekiept. We rijden overigens met regelmaat in het Brabantse landschap met jerrycans op de achterbank. Saignant detail: we zijn naast paardenhouders ook chemici. Nog nooit reden geweest voor.. een politiefuik..

Marja

 

 

 


Koortsachtig

Koortsachtig - en dit keer letterlijk - ben ik op zoek naar een onderwerp. In mijn favoriete stoel. Voeten op de verwarming. Maar er komt niks, helemaal niks..

Ik was al aan de late kant met mijn blog, maar dit weekend zou het zeker lukken. De natuur beslist echter anders. Griepje! M'n brein doet pijn, m'n maag is nog steeds onrustig en de beker warm suikerwater heb ik met een tussenstop uit de keuken moeten halen. Zweet aan alle kanten. Bovendien heb ik al een paar weken geen echt paard gezien. Dus ja.. dan beleef je er ook niets mee.
 
Voor de zomer kreeg ik een schouderaandoening. Heel veel pijn en de arm maar heel beperkt kunnen bewegen. Hannah zou Hannah niet zijn als ze geen oplossing wist met betrekking tot het rijden. Bij het paardrijden moeten je schouders volledig ontspannen zijn, dus dat is een goede oefening. Wel met wat hulp te paard en uiteindelijk heel merkwaardig via een buikwaartse sliding er weer af.

Een paar weken geleden heb ik een ingreep aan mijn schouder gehad en om het herstel niet te belemmeren toch maar even niet rijden. En dus volg ik al het paarden wel en wee uit mijn omgeving via Facebook. Zie ik dat er fantastische combinaties naar Ice Horse komen. Was ik net op tijd om via een livestream Tim Lips met Vakarlos een derde plaats te zien halen bij de indoor cross van Bordeaux. Top Tim!

Maar deze dagen kan ook Facebook me allemaal even niet boeien. En uitgerekend gisteren was er dan ook nog eens een jaloersmakende aflevering van 'Wie is de mol?' op NPO1. Een tweedaagse tocht met huifkarren door het wilde westen. Zo gaaf! Zo bucketlist! Om ziek van te worden..

Al die tijd al kan en mag ik het werk rondom de eigen paarden niet doen. Dat betekent een enorme aanslag op Oudste en haar vriend die zonder mopperen en als vanzelfsprekend de hele boel hebben overgenomen. Juist in de periode dat Oudste er vanwege een bedrijfsstage ook nog eens vier uur reistijd per dag gratis bij kreeg. Het doet me ook beseffen hoe fysiek kwetsbaar je bent als je bedrijfsmatig met paarden bezig bent. Even een jaartje niets doen, is eigenlijk geen optie. En het zit een klein hoekje.

Oudste is als elke zondag naar haar bijrijder-adres om daarna met de eigen paardjes nog iets te doen. Waar ik gelukkig wel naar uitkijk zijn de verhalen waar ze altijd vol mee is bij thuiskomst. En al ben ik dan enigszins inspiratieloos, is het wellicht wel het moment om langs deze weg mijn dank uit te spreken. Hee meis en P: heel, heel hartelijk dank voor jullie enorme inzet!! En dat meen ik oprecht al ben ik dan heel… koortsachtig.

Marja


Deze foto maakte ik van het tv-scherm:




 

Mijmeren

Mijmeren.. In de auto is het heerlijk warm. Buiten is het ijzig koud. De vacht van de paarden is bedekt met een laagje rijp. Vooral in de voorpluk en rond de oren ziet dat er fascinerend uit. Zijzelf zijn totaal niet bezig met de schoonheid van de natuur. 'Kom nu maar op met dat hooi!' Maar ze zullen nog even moeten wachten..

Woensdagochtend 28 december. Op het randje van de jaarwisseling. Ik ben niet zo van jaaroverzichten en goede voornemens. Elke dag opnieuw schrijf je geschiedenis en leg je het fundament van de toekomst. Maar mijmeren.. In m'n favoriete stoel bij het raam, voeten op de verwarming. Het merendeel van mijn blogs is daar ontstaan. Kijkend naar dat oer-Hollandse plaatje van drie paardjes bij een schuilstalletje, op een bevroren weide omgeven door knotwilgen, dwalen mijn gedachten toch naar wat is geweest en wat nog gaat komen..

Kólga, die alweer een jaar geleden onze kudde kwam verrijken. De perikelen met de trailer door de modder. Haar logeerpartij met Pinksteren. Ver weg in de polder. Bij de hengst, die we met veel zorg hadden uitgezocht. Als een van de eersten werd ze drachtig gescand. Een fantastisch avontuur!

Dita, onze tutmuts, die ons een maand geleden dwong om na te denken over een zware, risicovolle operatie of euthanaseren. Ik voel onmiddellijk weer de verlammende pijn van dat moment. Maar.. ze staat er nog!  De nachtelijke paraffinespoeling en haar enorme wilskracht trokken haar er doorheen.

Grýla. Wat een toppaard qua karakter! Die door de vele trainingsuurtjes met Oudste eindelijk het juiste tölt-knopje lijkt te vinden. Naar steeds minder lateraal. Die de harmonie in haar kudde goed bewaakt.

Zie ze daar nu eens samen staan! Het ultieme gevoel van trots en dankbaarheid!

Dit jaar leerde ik ook Hannah kennen. Een bijzondere ontmoeting, gevolgd door veel bijzondere momenten. Twee uitspraken staan in mijn geheugen gegrift. "Ze is hartstikke braaf hoor! Ze doet precies wat je vráágt. Dat is alleen niet wat je wílt!" En nog zo’n binnenkomer: "Waarom zou ze je uitproberen?! Wellicht doe je het de eerste keer nog niet goed genoeg en dwingt ze je om het de tweede keer wel voor de volle honderd procent te doen." De stappen in paardrijden die ik daar gezet heb..! Fysiek én mentaal! Dé bevestiging van dat het goed was dat ik ‘een Hannah’ heb gezocht. Ook dat emotioneert me..

En de toekomst..? Doorgaan! Gewoon lekker zo doorgaan! Met uiteraard de hoop dat de dracht van Kólga een voorspoedige afloop heeft met een pracht van een veulen. En.. dat ik (ooit) weer op Grýla kan stappen en haar kan rijden op een voor haar waardige wijze.
Natuurlijk weer genieten van Ice Horse en uiteraard van het WK IJslandse paarden.

Onze hoefsmid arriveert. Werk aan de winkel! Er komen nieuwe momenten om te.. mijmeren..

PS Voor je agenda in 2017:
Ice Horse: zaterdag 18 maart in Eindhoven
WK IJslandse paarden: maandag 7 t/m zondag 13 augustus in Oirschot (omgeving Eindhoven)

Marja

 

 


 

Diet is niet goed..

Telefoon. “Mam, Diet is niet goed.” Oudste probeert het neutraal te stellen, maar als moeder ken je alle vibraties. “Moet ik bellen?” “Ja, doe maar..” Ik toets het nummer in..

Zondagochtend. Ik zit met een beker koffie en een croissantje heerlijk te niksen. Straks lekker naar Hannah. Oudste is al vroeg naar de paarden vertrokken. Het rijden op het gebruikelijke adres ging niet door. Dus alle tijd voor de eigen paarden. Rondje met Grýla en dan later met mij mee. Leuk! Daar kwam al een tijdje niet van, omdat het zo vroeg donker is.

Het telefoontje schrikt mij op uit mijn gedachten en de boodschap maakt me acuut alert. Ik stel nog een paar vragen waarvan ik weet dat die geheid ook aan mij gesteld gaan worden. Ik vertrouw blind op het oordeel van Oudste en bel de dierenartspraktijk. Keuzemenu. ‘Bij spoed, kies 1’. Trillend toets ik 1. Een vriendelijke stem op de centrale staat mij te woord om me daarna gelijk door te verbinden met de dienstdoende dierenarts. Binnen 15 minuten is die ter plaatse. Om direct te bevestigen dat de koliekverschijnselen bij ‘ons Diet’ zeer ernstig zijn. Er wordt een verdikte streng gevoeld. Ze krijgt darmontspanners in combinatie met een pijnstiller. Even onder dwang longeren. De komende uren zullen uit moeten wijzen welke kant het op zal gaan. We krijgen de keiharde boodschap mee om ondertussen na te denken wat we zullen besluiten als het aan gaat komen op euthanaseren of opereren.

Omdat we machteloos zijn en op het randje van tranen gaan we sowieso naar Hannah. Even de gedachten verzetten. Op weg naar haar toe valt het gedeelde besluit al. Geen operatie! Aan het alternatief willen we niet denken. Dat doet pijn, heel veel pijn..!

Bij Hannah is het fijn als altijd. Maar het moment komt om thuis te gaan kijken hoe het erbij staat. Met lood in de schoenen rijden we naar huis. De tranen branden. Diet begroet ons dapper met haar gehinnik. Maar ze is niet goed. Niet goed genoeg..

Eerst maar eten en ‘s avonds opnieuw kijken. Ze oogt slechter dan aan het einde van de middag. De medicatie verliest haar werking. De lange nacht staat voor de deur. Ik ben er niet gerust op en bel opnieuw de dierenarts. Deze heeft nog 1 optie, een paraffinespoeling. Met zijn vieren in een donkere schuilstal bij het licht van mobieltjes gaan we voor die ultieme poging. Praam op de neus, sonde door de neus, trechter buitenboord, gieten en geruststellen. Onszelf net zo hard. Afwachten weer..

Toen Kólga kwam, werd me met regelmaat gevraagd: “Doen jullie het Shetje nu weg?” Huhh?!! We kunnen die eigenwijze tutmuts helemaal niet missen. ’s Nachts gaat Oudste nog een keer kijken. Spannend!. Voorlopig binnen handbereik, die.. telefoon..

Marja

 


 

Zoek een Hannah!

"Jij moet naar Hannah! Ik kan je op een paard zetten en vertellen wat je moet doen, maar ik kan niet wat Hannah wel kan. En... Hannah heeft hele geschikte IJslandse lespaarden."

Oudste heeft net les gehad van onze hoefsmid, die ook instructeur en wat al niet meer is op paardengebied. Als hij Grýla van nieuwe hoefijzers voorziet, praten we na. Als het gesprek een bepaalde wending neemt, raap ik alle moed bij elkaar om mijn vertwijfelde vraag te stellen: "Wat zou jij míj nu aanraden om te doen?" Want het rijden gaat niet goed en ik wil zó graag.

"Hannah! En ik denk dat het wel klikt." Uit de stelligheid klinkt hoop. Hoop! Op dat het ooit nog wat gaat worden. Met mij! Maar.. who the f*ck is Hannah?! Ik bezoek thuis gelijk haar website. En besluit, voor het sprankje hoop weer gedoofd is, haar een e-mail te sturen. Heel open, zodat ze dondersgoed weet waaraan ze begint. Ik ontvang een uiterst lieve reactie doorspekt van het respect voor mijn getoonde kwetsbaarheid. Met de uitnodigende woorden "ik kan zeker iets met iemand zoals jij". 

Drie dagen later heb ik les. En daar is Hannah. Iets ouder dan ik ben, (jammer-van-dat) sigaretje en rust. Een en al rust. Ik voel me gelijk op mijn gemak. Zwarta wordt mijn sparringpartner. Een al wat oudere, zeer ervaren en door en door betrouwbare merrie. Tegen de tijd dat ik op haar zit, zijn mijn gierende zenuwen tot zwijgen gekomen. Mag ik zijn wie ik ben en zoals ik ben. Hannah oordeelt niet. Die vraagt ook niet 'laat maar iets zien'. Nee, die begint gewoon van de basis af aan, een goede zit en een fijn contact met je paard. Vanuit liggend met mijn neus in de manen naar mijn loodlijn in zit. Het hele lichaam volledig ontspannen. Naar het dragen van een grote kermis-teddybeer met mijn armen. Met oeverloos geduld. Uitleggen op tig verschillende manieren en laten voelen. Voelen!

Met die fantastische conclusie: "Jij gaat het zeker leren! Er is geen enkele fysieke belemmering. Het gaat alleen tijd kosten. Tijd om bij jou als bèta je printplaatje wat verder uit te bouwen."
Wat een fantastische boodschap! Ik geloof het. Nee, ik wéét dat ze gelijk heeft. Mijn eerste les bij Hannah was op 3 april van dit jaar. Inmiddels ben ik vele lessen en stapjes verder. Naar balans én vertrouwen. Naar draf én galop. Alleen het sturen... Dat zat zo dwarsgebakken fout! Daar moet ik nog zó bij nadenken. Keukenkastje! Keukenkastje!

Over mijn Hannah-ervaringen valt nog veel te verhalen en dat zal ik zeker doen. Maar worstel je met het paardrijden en daarbij vooral met jezelf: Zoek een Hannah!
Voor mij is het inmiddels een uitje.. ik mág naar Hannah..

Marja

Zwarta, gefotografeerd door Lente Fokker

 

 

 


 

Nek breken

‘Die breekt haar nek!’ Ik zit als verlamd op mijn stoel. Mijn hersenen kunnen het exploderende conflict tussen wat ik verwachtte te zien en dat wat er gebeurt niet aan. Naast mij hoor ik Oudste roepen: "Moeder erbij, moeder erbij!"

Het is de periode van de veulenkeuringen bij de IJslandse paarden. En.. wie weet in de toekomst.. Dus als Oudste vraagt of ik meega, zeg ik geen nee. En veulenkeuring of niet, veulentjes zijn sowieso ongelooflijk leuk. Zo schuiven we ruim voor aanvang aan om maar niets te hoeven missen. De binnenbak is over de breedte in tweeën gedeeld door een hekwerk. In het keuringsdeel is een ovaalbaan gemaakt met in het midden een afzetting van planken als bij een dressuurring. In dit binnenterrein de jurytafel. Kannen met koffie en de benodigde papieren.

De speaker vraagt de eerste combinatie binnen. De merrie wordt aan een halstertouw binnengeleid. Het veulen volgt haar op de voet. Na het tonen aan de hand wordt ook de merrie losgelaten en aangemoedigd om met haar kroost een aantal rondjes te lopen. Bij voorkeur in verschillende tempo's en gangen.
Dan komt het vaste onderdeel dat de merrie even de baan moet verlaten, zodat men voor een korte tijd het veulen op zich kan beoordelen. De stress, die dit bij het merrieveulen oproept, maakt dat ze door de omheining wil. Het hek valt om. Zijzelf schiet daarbij tussen de planken en slaat met het paneel en al over de kop. De hele afscheiding klapt om. Het enige wat ik nog kan denken is: "Nee! Die breekt haar nek..!"

Ze staat echter in no-time weer op haar benen en kijkt beduusd maar ook met een 'had-je-wat?' om zich heen. Het moment om haar weer zo snel mogelijk met haar moeder te herenigen. En de rust keert weer.. Als later nog een veulen denkt dat ze Zenith is, groeit het aantal ringmeesters bij de omheining gestaag. Voorkomen is beter dan genezen.

De aanblik van al die dartelende veulens is echter veel te leuk om er lang bij stil te staan. Elk veulen springt overigens tijdens het solorondje spontaan en vol bravoure over de juryafzetting om zich daarna ineens serieus af te gaan vragen ‘hoe-kom-ik-hier-weer-weg?’. Dat hop erin met daarna die enorme vertwijfeling bij de hop eruit is uitermate lachwekkend. Alsof de hoogte van de dressuurplank ondertussen met immense proporties is toegenomen. Verder zijn ze allemaal heel verschillend. Vachtkleur, aftekening, gangen, expressie, het zijn stuk voor stuk heerlijk eigenwijze individuen. Geen wonder dat de eigenaren zo trots zijn.

Eén ding heb ik zeker geleerd. Het voorbrengen op een veulenkeuring vraagt een goede voorbereiding. Ik ga -áls het ervan komt- heel kritisch naar de locaties kijken. Zo min mogelijk risico's op ongelukken. Laatste wat je wilt is.. nek breken..

Marja

  


 

 

 

Stervensheet

Stervensheet! De zinderende lucht is vol van het geluid van krijsende roofvogels en het onophoudelijk knallen van geweerschoten. Wat een entourage om je debuut te maken…

't Is alweer even geleden dat Jongste een Friese merrie, Bieke, ging rijden. Als ze Bieke dressuurmatig wat verder heeft gebracht, wordt aan Jongste gevraagd of ze niet mee wil rijden in de Friezencarrousel Phaidra. Bieke heeft eerder al met wisselend succes meegelopen en een andere merrie van de eigenaren loopt ook mee.
“Leuk!”, stelt Jongste. Zes weken op proef om te kijken of het klikt met de andere leden en natuurlijk of het een beetje wil lukken. Ze wordt van harte welkom geheten en traint elke week fanatiek mee. Grootste uitdaging voor Bieke is het op één rij komen met de andere paarden en dan halthouden. In het gedrang van de vele paarden is haar reactie om daaraan te ontkomen, vol gas vooruit. En eerlijk is eerlijk: dat zien ze meteen!

Als het rooster voor de shows is samengesteld, meldt Jongste trots dat ze is opgesteld, zelfs voor Horse Event. Dat opstellen is een puzzel op zich. Wie kan? Wie plaats je waar? Niet elk paard kan voorop of achteraan en sommige paarden kun je beter uit elkaars buurt houden.

Dan is de dag daar. Jongste gaat haar eerste show rijden. Op ‘Jacht & Buitenleven’ in Liempde. 
's Ochtends op tijd naar de eigenaren. Zij fluistert mij bij de koffie toe: "Bieke heeft echt een band met je dochter gekregen!" Inladen, rijden en via de leveranciersingang het landgoed op. Het is snikheet. De piste ligt in de brandende zon naast het terrein van de roofvogelshow en het kleiduivenschieten. Rondvliegende parasols maken de schriktraining compleet. Gelukkig kunnen de paarden uitgeladen worden in een laan met hoge bomen. Schaduw!

De voorbereidingen gaan volgens het boekje. Uitrusting en kleding is allemaal op maat en gelabeld. Inrijden, voorbespreken en aankleden. Hij fluistert mij toe: “Ze is wel een beetje gespannen hè?” De stress neemt nog even een vogelvlucht als het hoedje niet wil blijven zitten. Maar een ruilhandeltje maakt daar al snel een einde aan.

“Welkom!” klinkt er uit de luidsprekers en de muziek wordt ingestart. Ik geniet met volle teugen. Het ziet er fantastisch uit. Zestien statige combinaties in vol ornaat. De complexe figuren worden ingeluid door het schrille fluitje van een van de voorruiters. Het is mij veel te snel voorbij.
Na afloop wordt er direct pittig geëvalueerd. Wat ging goed, en wat niet? Hoe werd het opgelost? Jongste krijgt de nodige complimenten. “Ging goed!” En met een grijns: “Je kwam niet eens voorbij stuiven!” En dan.. klaar!

Opruimen volgens het boekje. Uit! Die hete zooi! Met vooral veel zorg en verkoeling voor de paarden.
We nemen er eentje op. Morgen weer. Gelukkig wordt het niet zo.. stervensheet.

Marja

 


 

Deelgenoot

Deelgenoot zijn van. Niets is eenvoudiger in tijden van vreugde. Niets is moeilijker in tijden van verdriet. Juist als het eerste gehoopt en verwacht wordt en het laatste de praktijk blijkt te zijn.

De Olympische Spelen in Rio zijn begonnen. Een evenement dat ik op de voet volg. Het fascineert mij mateloos dat sporters vier jaar van hun leven volledig in het teken zetten van die ultieme droom, een Olympische plak. Goud!
Tim (Tim Lips, eventingruiter; zie ook mijn blog 'Ik ben een ezel!') nam mij mee op die reis. Op zijn web- en Facebookpagina deelde hij vanaf de Olympische Spelen in Londen zijn wel en vooral ook wee richting Rio.
Nu is het dan zo ver. Via de live stream volg ik Tim's dressuurproef met Bayro. Twee grote verstoringen in de galoponderdelen. Bij het afgroeten spreekt zijn gezicht boekdelen. Zijn doelstelling, hooguit veertig strafpunten, is niet behaald. Hij krijgt er zesenveertig. Weg kansen in het individuele klassement! Het beeld staat nog altijd op mijn netvlies. Een Tim die letterlijk ziek van teleurstelling tegen het hek hangt. Flesje water aan de mond. Een begeleider die uit machteloosheid - je staat erbij en kijkt ernaar - niets anders weet te doen dan de knopen van Tim's jasje los te maken. 't Is immers warm..

De cross staat al een jaar in mijn agenda. Ik cast de livestream naar de tv. Stikvol van spanning met betrekking tot de prestaties van het Nederlandse team. Tim komt als tweede van het NL-team aan de start. Na de ongelukkige val van Theo, die juist voor het team het succes had moeten inluiden. Bondscoach en vader Martin houdt Bayro tot het laatst aan een halstertouw. Bayro heeft er zin in! Helaas voor de kijker zijn er maar weinig beelden van Tim. De camera's focussen op de befaamde ruiters voor en na hem. Maar hij finisht! En opnieuw is daar de teleurstelling. Tim kwam niet goed in zijn ritme en liet zichzelf forceren tot een alternatieve route. Al met al achtentwintig tijdstrafpunten.
De cross is weer een echte scherprechter. Het parcours is technisch moeilijk, 4*-niveau in plaats van de op Olympische Spelen gebruikelijke 3*. De moeilijkheidsgraad in combinatie met die diepgewortelde Olympische drang maakt dat veel ruiters (te) veel risico nemen. In mijn ogen is het dan ook niet de meest fijne cross om naar te kijken. Ik zie fabuleuze combinaties een megaprestatie neerzetten. Maar helaas ook combinaties waarbij 'liever-lelijk-erover-dan-mooi-erlangs' hoog in het vaandel staat. Ik maak voor het eerst mee dat een ruiter door het publiek intens wordt uitgejoeld, omdat hij na een weigering zijn paard een aantal genadeloze klappen verkoopt.
Alice en Merel weten hun cross gelukkig ook tot een goede finish te brengen. Aan het einde van de strijd blijkt het NL-team heel verrassend gestegen te zijn van een elfde naar een vijfde plaats.

Het afsluitende springparcours biedt geen kansen meer op een betere klassering. Het gat met de top is te groot en er is geen wegstreepresultaat meer. Consolideren is het devies.
Ik zit er weer helemaal klaar voor. Tim springt twee balken. Een nachtmerrie voor een combinatie die wereldrecordhouder foutloos springen is. Het team wordt zesde en haalt daarmee net de felbegeerde top zes. Goud is er voor het Franse landenteam.
In de tweede springronde, die een Olympische Spelen kent voor de vijfentwintig beste combinaties, revancheert Tim zich prima. Met een foutloze ronde wordt hij uiteindelijk eenentwintigste. Het goud gaat zeer verdiend naar Michael Jung met Sam.

Tim: Hoe je er zelf ook op terugkijkt, mijn oprechte dank dat ík van deze bijzondere reis deelgenoot mocht zijn!

Marja

Eventing Team NL:
Tim Lips met Bayro N.O.P.
Theo van de Vendel met Zindane
Alice Naber-Lozeman met ACSI Peter Parker
Merel Blom met Rumour Has It

 

 


Echt gek

“Jij bent echt gek!”, zegt Jongste hartgrondig als ze weer naast me komt zitten. Tja, sommige stupide acties hebben nu eenmaal een point-of-no-return. Was je erbij en vroeg je je al af welke idioot bleef zitten, nou dat was.. IK.

Zondag op Wedstrijden Zuid en het NK IJslandse paarden. We zitten met ons vieren heel relaxed aan de baan. Dat was zaterdagochtend wel anders. Oudste moest al vroeg met onze Grýla starten in de viergangenproef. En altijd als een van de meiden moet rijden, stik ik van de zenuwen. Waarom? Vanwege die reusachtige ouderlijke gunfactor. Beide hebben geen toppaarden ter beschikking, maar bezitten wel een enorme inzet en passie. Proberen met respect en op een liefdevolle manier uit hun combinaties te halen wat er in zit. Op wedstrijd lukt dat niet altijd. Of wordt het niet gewaardeerd, omdat er logischerwijze door de jury op een heel andere manier naar de prestatie gekeken wordt. De scores zijn dit keer echter top. Hoogste scores voor Oudste met Grýla tot nu toe. De brede glimlach van Oudste zegt alles. Mijn Zuid kan niet meer stuk!

Finales zijn uiteraard niet aan de orde en dus kunnen we op zondag heerlijk toeschouwer zijn. Als altijd stoeltjes mee en op de eerste rij. Genieten van bekende en minder bekende namen. En ook bij hen gaat het wel eens mis. IJzer kwijt, onverwachte schrikreactie, paard dat een bepaalde gang niet wil lopen; het hoort bij de paardensport. 

Het weer zit dit weekend mee. Bewolkt, maar met een heerlijk temperatuurtje voor mens en paard. Totdat het rond de middag begint te regenen. Om mij heen hoor ik: “Klein buitje; zo over.” En dan, net nadat het wat zachter ging, begint het te gieten. Degenen die dat nog niet gedaan hadden, spoeden zich naar de tenten. Behalve.. ik.
Op het moment dat ik het water via de rugleuning van mijn stoeltje in mijn broek voel lopen, weet ik dat dat geen slim idee was. En.. mijn droge set kleren ligt in mijn auto en die.. staat nog bij huis. Een paar minuten later is het droog en volgt het programma alsof er niets gebeurd is. Wat ik zie, doet mijn nattigheid ook snel vergeten. IJslandse paarden in volle glorie! 

Pas als we richting huis gaan, komt het aan op strategie. Vest om het middel knopen. Mijn natte kont aan het oog onttrekken. Bij een vrouw op mijn leeftijd krijgt men anders maar rare ideeën.
Eén ding is zeker: ik kijk alweer uit naar volgend jaar. En helemaal naar het WK dat in augustus 2017 ook in Oirschot zal worden gehouden. We hebben al kaarten. Eerste rij! En.. overdekt! Dat scheelt alvast weer een.. “Jij bent echt gek!”

Marja

  

  


 

Mark my words

'Ziet er vriendelijk uit. Jammer van de verstoringen.' Verstoringen.. Juist, ja.. Ik dacht al dat ik iets totaal anders voorbij zag komen dan ik oplas uit het proevenboek.

Toen Jongste te oud werd voor de pony, mocht ze het paard van de eigenaren gaan rijden. Aan de ene kant een fantastisch aanbod; aan de andere kant was het ook een weten waar je 'ja' tegen zegt. Als paarden ADHD kunnen hebben, dan heeft deze ruin het zeker. De drukte in zijn hoofd in combinatie met energie voor tien maakten dat al meerdere ruiters tevergeefs hadden geprobeerd hem te beteugelen. Zijn manier van uitlaatklep: hoofd omhoog gooien, steigeren en het gas er vol op. En dat dan onvermoeibaar lang uit kunnen houden. Een instructeur van naam stapte na 45 minuten af om te stellen: "Ik ga er nooit weer op!".

En nu dan de beurt aan Jongste. Gelukkig wel een ruiter die volgens Paps 'aan het zadel geplakt zit met super glue'. Grootste uitdaging werd te voorkomen dat er spanning wordt opgebouwd en als dat toch gebeurt, deze zo snel mogelijk weer af te laten vloeien. Want wat je absoluut niet wilt, is een niet te winnen gevecht met zeshonderd kilo gestrest paard. Samen met haar instructrice ging ze er helemaal voor. En daar waar het eerst een sporadisch "ik heb fijn gereden" was, werd de frequentie daarvan steeds hoger. Het naast hem ook nog de Friese merrie rijden, maakte in elk geval dat het plezier in het paardrijden bleef. En zo kwam bijna twee jaar later de wens om met hem wedstrijden te starten.

Als vanouds gaan we met ons drieën op pad. Koffie, cake, de hele rataplan. Jongste zit nog niet in het zadel of de ruin komt almaar omhoog om daarna als een ware krab zich alleen nog zijwaarts te verplaatsen. Hij een krab; ik een struisvogel. Tot Paps mij aanstoot en zegt: "Moet je kijken!" En daar rijdt Jongste. Grote voltes met een volledig ontspannen paard. Zelfs langs het sissende geluid van het springkussen.

Tijdens het rijden van de eerste proef gaat hij rechtsom naar galop daar waar dat niet moet. Ik hoor Jongste heel kalm zeggen "Hee, hou eens op." Om al verrassend snel daarna te vervolgen: "Goed zo jongen!" De tweede proef kent helaas hetzelfde probleem. Jongste komt echter, daar waar de amazone voor haar voortijdig huilend afstapt van frustratie, met een big smile uit de ring. "Hij reed fijn!". De punten zijn allesbehalve om over naar huis te schrijven. Maar wat kan dat schelen. We gaan weer wedstrijdkilometers maken. Uiteindelijk komt er - mark my words! - alleen het eerste deel van het jurycommentaar te staan: 'ziet er vriendelijk uit!'.

Marja

 


Blind date

Blind date! Met een immigrant. Voornaam niet uit te spreken. Achternaam die ik na tig jaar waarschijnlijk nog niet kan onthouden. Vlinders in de buik van extase.

Een droom wordt werkelijkheid. Dat wat jaren geleden begon als een wensgedachte, is uitontwikkeld tot een vast omlijnd plan dat nu tot uitvoer gaat komen. Een veulen fokken! Met onze nieuwe IJslander Kólga. Voor ons een nieuw en spannend aspect van de paardenwereld.  
Kólga is lichamelijk inmiddels voldoende uitgegroeid om drachtig te kunnen worden en het komende jaar is ze voor een IJslander nog te jong om onder het zadel brengen. Prima moment dus!

Welke dekhengst kies je dan? Dat werd een ware zoektocht. Stamboekgegevens en keuringsrapporten napluizen. Wedstrijden en IceHorse bezoeken. En praten. Vooral heel veel praten. Oudste en ik. Wij samen met ervaringsdeskundigen in onze omgeving. Iedereen stelt als meest prangende vraag: “Wat is je doel met het paard dat het veulen gaat worden?” Dat antwoord is helder. Een paard dat recreatief gereden kan worden, maar wel ook kwalitatief goed genoeg is in de gangen dat Oudste er wedstrijden mee kan rijden. En bovenal - geen discussie over mogelijk - een coöperatief karakter.

Wat ook al snel duidelijk wordt, is dat we niet te simpel moeten denken over de dek-methode. KI is bij IJslanders minder gebruikelijk en wordt vooral toegepast bij hengsten die ook hoog in de sport lopen. Net als bij het dekken aan de hand is het minder geschikt voor een jonge, onervaren merrie. In dat opzicht is de keuze voor een onervaren dekhengst ook niet echt zonder risico’s. "Laat die jonge hengsten maar eerst wat hoffelijkheid leren van de oudere, ervaren merries", is het devies.

En zo slinkt ons lijstje verder en verder. Als er nog drie kandidaten over zijn, maken we bezoekafspraken met twee van de eigenaren. Daar worden we allerhartelijkst ontvangen. Presenteren ze vol trots hun hengsten - al dan niet onder het zadel - en de eventueel reeds aanwezige nakomelingen. Als sluitstuk gaan we voor nummer drie naar de jonge hengstenkeuring.
En dan.. weten we het gewoon! De jongste hengst is absoluut een belofte voor de toekomst. Een van de oudere hengsten past iets minder goed bij onze wensen tot verbetering van de eigenschappen van Kólga. En de ander? Tja, daar viel ik als een blok voor. Wat een karakter en uitstraling! En die gangen! Op de terugweg - en die was lang genoeg - raakten we over hem niet uitgepraat.

En Kólga? Die volgt nietsvermoedend de gestarte lessen in netjes meelopen. Onwetend van het feit dat ze over een paar weken haar nog nieuwe kudde voor een aantal weken zal verlaten. Naar.. haar prins op het witte paard? We zullen het meemaken. Dat is nu juist het verrassende van een.. blind date..

Marja

 

 

  


Dream on!

Dream on! Wat is er nu heerlijker dan genieten van het nagenieten. Voeten op de verwarming. Bakkie koffie. Tablet op schoot en foto’s kijken.

IceHorse komt naar Eindhoven. Een mededeling die bij mij gelijk een yep!-gevoel opriep. Dat is om de hoek! Info zoeken op de internetpagina en kaarten bestellen. Ik was gelijk in de ban van het logo en later de poster. Niet zomaar mooi, maar intrigerend mooi. Qua kleurstelling en uitstraling. Precies raak!

Op oudejaarsdag weet onze hoefsmid ‘het uitkijken naar’ nog verder aan te wakkeren. Als een van de hoefsmeden die elk jaar de paarden aan de vooravond van het evenement qua beslag gereed maken, weet hij alle ins en outs van de organisatie en de deelnemers. De paarden arriveren met de juiste hoefijzers. ’s Avonds worden de speciale kalkoenen ingedraaid en de ijsnagels ingeslagen. Daarna volgen trainingsrondjes om te zien of het paard voldoende vertrouwd is met het ijs en de ambiance. Zo niet, dan zal de combinatie in de wedstrijd niet starten. Veiligheid gaat voor alles. Deelname is ook alleen op uitnodiging. Het grootste risico is het verliezen of aftikken van een ijzer. Controle van het hoefbeslag is dan ook een regelmatig terugkerend gebeuren op de dag zelf.

Dan is het 19 maart 2016! Naar aanleiding van het rondzingen op social media over kou hebben we ons in vele laagjes gehuld. Plaids mee. Gedachteloos blijk ik de voormalige dekens van de honden te hebben meegenomen. Zijn we in no-time voorzien van een extra harig en kriebelend laagje.
Al in de eerste 5 minuten op een betonnen en koud optrekkende tribune vraag ik mij vertwijfeld af hoe ik het 9 uur lang uit ga houden bij 7°C. Maar die vertwijfeling verdwijnt als sneeuw voor de zon als de eerste paarden starten. Gelijk zie je waarom er wedstrijden op ijs bestaan in de IJslander-wereld. De paarden voelen van nature aan wat ze moeten doen. En juist die ijs-ondergrond maakt hun bewegingen soepeler en expressiever. Wauw!

De wedstrijd gaat met name om verrichtingen in tölt en rentelgang. Galop wordt niet getoond. Hooguit bij het leggen in de rentelgang. Of bij een paard dat ineens toch wel erg voorwaarts wordt. Het publiek is razend enthousiast. Zeker bij de telgangrace. Jammer dat al die handschoenen het applaus dempen en het stadion al geen dak heeft. Dat de internationale top aanwezig is, blijkt wel uit de cijfers. Achten en hoger; wauw! Daar word je warm van!

Nu dan foto’s kijken. Komt een bekende met Viktor voorbij. Viktor! Die had ik -en zij ook- zo mee naar huis willen nemen. Wat een hengst! Op de terugweg bij de M hebben we ons nog in zijn afstamming en dekgeld verdiept. Als combi voor onze Kólga. Nee, dat gaat hem niet worden. Dream on..!

PS: De betreffende foto’s van Omroep Brabant zijn auteursrechtelijk beschermd, maar zijn te vinden op https://www.flickr.com/photos/omroepbrabant/sets/72157665987687191
Volgend jaar is IceHorse opnieuw in Eindhoven. Zet in je agenda: zaterdag 18 maart 2017.

Marja

 

 


 

 

Verven!

Verven! Gefrustreerd doop ik mijn kwast in de pot. Gelukkig hoef ik op druipers en dekking niet te letten. Ik ‘verf’ namelijk met... groene zeep..

Toen de jonge IJslander Kólga in december kwam, was er net een periode met heerlijk weer. Inmiddels is het heel andere koek. De grond is door en door nat. Het niveau van het grondwater in de waterput staat tot aan de grasmat. Niks weidegang. Paddock! Die nu, ondanks de aangelegde drainage, ook tot modderpoel is omgedoopt.

De beperktere ruimte heeft zo zijn weerslag op de groepsdynamiek. Stress, verveling en gebitsfactoren steken bij Kólga de kop op. Eerst springt ze over de paddockafzetting. Nou ja.. erover? Erdoor! Draad kapot! Als ze dat een tweede keer doet, besluiten we à la minuut een nieuwe afzetting te maken en uit voorzorg de buitenomheining op te hogen. Grr.. ik had toch geen springpaard gekocht?!

Dan moet de overkapte hooibak eraan geloven. Binnen een week volledig doorgeknaagd. Op zich nog niet zo'n probleem, omdat deze van resthout en pallets aan elkaar getimmerd was. Er komt een metalen hooiruif. Met dak! Maar de paarden willen geen dak die van de ruif een slowfeeder maakt. Elke constructie om afwippen tegen te gaan, wordt vakkundig gesloopt. Met geklepper van metaal op metaal dat mijlenver iedereen wakker houdt. Oké.. Het dak krijgt een andere functie.

Daarna volgt de deur van de schuilstal, een metalen bouwkeet met hout afgewerkt. En dat is pas echt tegen mijn zere been. Die mooie deur in twee delen waarachter je nog eens handig een paard kunt opsluiten. Maatregelen! Weide geven heeft geen zin. Die fout maakten we in ons eerste jaar. Steeds een stukje erbij en dus steeds een stukje moeras erbij. Uiteindelijk opnieuw inzaaien en maanden wachten op een beloopbare grasmat. Naar buiten gaan is met Kólga nog geen optie. Dus wordt het uitzitten en wachten op betere tijden. Gelukkig zijn de wilgen net geknot en zijn er genoeg dikke takken beschikbaar om als knabbelstick dienst te doen. Voorlopig maar even geen dopingcontrole..

Als dan - als de grondeigenaren op reis zijn - ook nog de elektriciteit buiten uitvalt; er geen water gepompt kan worden met de nieuwe dompelpomp en er ook geen stroom op de draad staat, ben ik even helemaal klaar met het paardeneigenaarschap. Want met een bijtgraag paard zonder voldoende respect voor de draad zitten we op stroomuitval al helemaal niet te wachten… Voor de draad kunnen we snel een oplossing bewerkstelligen. Drinkwater wordt weer terug naar putten en slepen met jerrycans. Grr…!

Op internet vind ik de tip om groene zeep op het houtwerk te smeren. En zo geschiedde. Vooral niet te zuinig! En wat dat betreft is het heel simpel. Werkt de zeep niet dan is er altijd nog sambal.. Ga ik weer.. ‘verven’!

Marja

  

 


 

 

Bafff!

Bafff! Zelfs op de afstand waarop ik sta, is de klap goed te horen. Ik krimp even samen. Alsof ik het zelf onderga. Poeh, die kwam aan!

Na onze trubbelige heenreis met off road perikelen hebben we een voorspoedige terugreis. Onze nieuwe aanwinst, IJslander Kólga, staat voor een onervaren paard relatief rustig op de trailer. Bij thuiskomst wordt de combinatie strategisch voor het erf geparkeerd. De weide ligt nu eenmaal aan een drukke doorgaande N-weg. En trailerladen is één ding; een paard uitladen is weer van een heel andere categorie. Gelukkig heeft de trailer een voorklep en hoeven we niet achterwaarts te pionieren. Kólga loopt dan ook probleemloos mee.

Pas op het moment dat we haar via het hek de weide op willen begeleiden, zet ze de hoeven in het zand. Een ontmoeting
met voor haar onbekende paarden ziet ze blijkbaar niet zitten. Dat wordt Kólga aanmoedigen aan de ene kant en Dita tegenhouden aan de andere kant. Want Shetje 'ons Diet' vindt een open hek altijd mega-interessant. Als Kólga eenmaal op de weide staat en onze beide andere paardjes op haar afkomen, begint ze heel abrupt te grazen. 'Ik ben volkomen onschuldig!', lijkt ze te willen zeggen.

Van tevoren hebben we zorgvuldig overwogen hoe we het zouden aanpakken. Eerst een lijntje ertussen of toch niet? Het werd aan alle drie tezamen de gehele weide geven. Met alle obstakels, zoals de afzetting van de paddock, verwijderd. Ruimte! Ruimte om van elkaar weg te komen als dat nodig mocht zijn.
Het voelt heel bijzonder om de begroetingen te mogen aanschouwen. Neus aan neus. Voorhoofden tegen elkaar. Onze IJslander Grýla komt één keer dreigend omhoog. Kólga de weg versperrend. Daarmee lijkt Grýla  haar positie gezet te hebben. Dat was ook onze minste zorg. Grýla is een leidster. Punt!

‘Ons Diet’ heeft simpelweg in dit gebeuren haar karakter en postuur niet mee. Eigenwijs, uitdagend en.. klein..! Het laat dan ook niet lang op zich wachten. Diet is iets te opdringerig bij Kólga. Die draait zich bliksemsnel om. En.. haalt met twee achterbenen tegelijk vol uit. Bafff! Zeker één hoef raakt Diet vol in de flank. Diet blijft als in shock staan en wankelt dan volslagen beduusd weg. Naar om te zien. Maar.. lesje geleerd! Daarna zie je Diet met regelmaat uit voorzorg plotsklaps haar kont richting Kólga draaien. Een dreighouding die er bij haar uiterst koddig uitziet. Al heel snel lijken hiermee de rollen bevestigd. Gaat het wonderbaarlijk goed.

Het enige waar we na een paar weken nog doorheen moeten, is dat Grýla het door ons aanhalen van Kólga vaak maar niks vindt. In het ergste geval draait ze haar kont naar Kólga en haalt ze met twee achterbenen uit op haar flank. Een bekend plaatje. Met hetzelfde resultaat.. Bafff!

Marja

 


 

 

 



"Spannend! Ik heb gewoon een knoop in mijn maag. Denk niet dat ik er veel in krijg." Aldus Oudste aan het ontbijt. Ik voel zelf ook de nodige kriebels in de buik. Zo benieuwd!

Nog even een laatste check of we alles bij ons hebben. De trailer aanhaken en daar gaan we.
Volgens het navigatiesysteem moeten we het laatste stuk over onverharde wegen rijden. Het zandpad is zo smal dat ik het mis en Oudste moet keren. Na honderd meter zakt de moed me volledig in de schoenen. Een enorme modderpoel beslaat de hele breedte van de weg. Oudste aarzelt echter geen moment - die heeft vandaag maar één doel - en rijdt de combinatie overtuigend naar de overkant. Helaas wordt het er niet beter op. Diepe sporen in de drassige ondergrond. Het resultaat van een periode met zware regenval. Voor een 4-wheel drive al een opgave, laat staan voor een stationwagon met trailer. Vlak voor de eindbestemming volgt de ultieme test. De enige optie is tussen de rij afzetpaaltjes door te manoeuvreren en via het schelpenfietspad parallel aan de zandweg te rijden. De opluchting 'bestemming bereikt' is maar van korte duur. Rechts bevindt zich een slagboom met hangslot; links een wild-hek. Geen mens of paard te bekennen. K! Dit kan niet goed zijn.. Dus.. terug(!) naar de bewoonde wereld.
Daar - zonder mijn gevreesde inmenging van de brandweer - de volgende ellende: de 'middle of nowhere' heeft geen bereik. Tien belpogingen verder heb ik eindelijk iemand te pakken. "We kunnen het niet vinden!" De humor wil dat de werkelijke bestemming (Foutje, bedankt!) volledig over verharde wegen bereikbaar is. Vijf minuten later zijn we ter plaatse.

Daar komt de kudde IJslandse paarden met de begeleiders net aan bij de kraal. De paarden worden snel en effectief gescheiden in paarden die op transport gaan en dieren die nog een paar dagen blijven. Bij de paarden die op reis gaan is ook Kólga. Onze(!) Kólga!
Het begrazingsgebied krijgt een nieuwe bestemming. Wisenten. Dus moet de kudde IJslanders plaatsmaken. Aan ons is gevraagd of we het paardje waar Oudste haar zinnen op heeft gezet een jaar eerder over willen nemen. Dat werd een volmondig 'ja!'. Met wel de nodige schriftelijke afspraken en ik als voorlopige nieuwe eigenaar. Bij ons krijgt ze nog een jaartje rust. Qua opvoeding alleen de grondbeginselen in de omgang met mensen. En.. komend jaar of het jaar erop hopen we op een veulen.
De jonge en nog onervaren paarden worden wonderbaarlijk snel geladen. De rust en gedecideerdheid van de aanwezigen geeft vertrouwen en laat geen andere keuze. Zo ook Kólga. Tijd om afscheid te nemen en huiswaarts te keren. Kijken hoe de ontmoeting gaat met onze andere dametjes. Spannend..!

Marja

 


 

 

Voelen!

"Voelen! Waar doen ze je aan denken? Je bemoeizuchtige tante? Je lieve oma? Die vervelende broer? De arrogante baas? Elke associatie helpt. Daar baseer je je keuze op."

Onze instructrice weet mij te verleiden een cursus 'spiegelen met paarden' te doen. Ja, mij! Dat nuchtere, rationele persoontje. Als ik er diep over nadenk en eerlijk ben naar mezelf weet ik dat mijn weerstand niet is dat ik het 'zweverig' vind. Nee, dat gaat puur om mijn opgetrokken muurtjes. Ver wegblijven van je kwetsbaarheid. En dus.. geef ik mij op. Vooraf moet ik een formulier invullen. Waar wil je bij jezelf echt aan werken? Een confronterende vraag. Die ik uiteindelijk in tranen beantwoord.

Dan is de dag daar. Doodeng vind ik het. Er zit maar één ding op: me er volledig aan overgeven.
En zo sta ik bij de tweede opdracht opnieuw naar de groep IJslandse paarden te kijken. Het is bitter koud en ondertussen licht gaan miezeren. Tja, wat zie ik? Paarden met verschillende vachtkleuren. Etende paarden. Paarden die nieuwsgierig naar mij staan te kijken. Nieuwsgierig? Is dat wel zo? Kijken! Anders kijken. Al gauw weet ik het zeker: die wordt het!
Kies ik voor degene die achteraf blijft staan. Schijnbaar totaal niet in mij geïnteresseerd. Dat is mijn uitdaging later in de bak. Kan ik contact met haar maken? Ofwel, kan ik haar contact met mij laten maken? Mijn eerste pogingen falen jammerlijk. De negatieve emoties borrelen op. Ik voel me stom en bovenal intens alleen. In die grote bak met een paard dat enkel uitstraalt 'Zoek het maar lekker uit!'. Op het moment dat mijn gevoelens me beginnen te overweldigen, grijpt de ervaren cursusleidster in. "Je wilt het te graag. Je bent alleen nog maar met haar bezig. Waar ben jij? Ga eens iets meer terug in jezelf. Laat zien dat JIJ er bent. Voeten in de aarde. Zoals we eerder hebben geoefend."
Dan ineens is er die ommekeer. Komt de merrie plots naar mij toe. Snuffelen. "Wie ben JIJ?" Als ik  begin te lopen, volgt ze.
Door en door koud ga ik naar huis. Vanbinnen innig warm. Geestelijk volledig uitgeput, maar zeker wetend dat ik hier mentaal sterk uit ga komen.

Inmiddels is het acht maanden geleden. Maar dat ene contact met dat ene paard heeft mij zodanig veranderd dat mijn omgeving het opmerkt. Louter positief. Ik heb lang getwijfeld of ik er een blog over zou schrijven. Excuus zou kunnen zijn dat je moet beloven niets over je medecursisten te schrijven. Nee, mijn aarzeling zat weer in de muurtjes. Mijn kwetsbaarheid. De leerervaring trekt mij uiteindelijk toch over de streep. En wie weet.. Wie weet is er iemand -al is het er maar één- die nu denkt dat moet ik wellicht ook doen. Niet denken! Spiegelen! Ga.. voelen!

Marja

 


 

Geen vraag meer naar..

“Geen vraag meer naar..” Ik proef de teleurstelling in zijn stem. Alle schuurdeuren heeft hij opengegooid. Het daglicht stroomt naar binnen. Ik streel met mijn hand over de bekleding. Zes maanden heeft hij besteed aan de restauratie.

Jongste mag een jonge Fries verder inrijden. Na een paar keer vraagt ze of ik meega. Foto’s maken. Ter plaatse word ik allerhartelijkst begroet door een ouder echtpaar. Mensen met een passie voor dieren. Mensen die iets te vertellen hebben. Mijn vragen komen als vanzelf.
Vier imposante Friezen hebben ze. Uit eigen fok. Gisteren was de veearts er nog. Gaskoliek. Te veel suiker in het gras. En dan het grijs wordende, humeurige oudje van dik over de twintig. Het afscheid zit eraan te komen, zoals eerder dit jaar ook al een keer. De bezorgdheid straalt van hen af.
Hij met een knikje naar Jongste: “Zij is de beste ruiter die we hier ooit gehad hebben. Onder haar is het ineens een heel ander paard. Vandeweek was er nog een meisje. Ik dacht dat ze eraf zou gaan. Goed paardrijden is echt wel iets anders dan rondjes kunnen rijden op de manege.”
Zelf ment hij. Of ik de wagens wil zien. Bij het toestromende daglicht bewonder ik de twee prachtige koetsen. Poeh, dat is wel even iets anders dan ons Shetlanderkarretje. Een mathouten witte prinsessenwagen met gouden versieringen. Ik moet het spatbord echt even aanraken. En een statig, zwartglanzend rijtuig met de door hem aangebrachte nieuwe bekleding. Zacht als fluweel. Trouwerijen reed hij ermee. Inmiddels zijn ze al jaren de schuur niet meer uit geweest.
Voor de Friezen had hij Belsen (lees Belgische trekpaarden). Boomstammen slepen uit het woud. Vooral na de Watersnoodramp was er veel vraag naar het hout. “De truc is”, zo meldt hij trots, “de paarden zo op te leiden dat ze het helemaal zelf kunnen. Touw over de kont. Als je ertussen moet staan, is het risico te groot dat je een stam tegen je benen krijgt.” Nee, zijzelf heeft nooit leren paardrijden. Met een vader als loonwerker zat dat er echt niet in.

Als Jongste klaar is met rijden, vraagt zij ons mee naar binnen. Of ik niet bang ben voor de honden. Ik glimlach (zie mijn eerste blog) en aai ze even onder hun snuit. Even later zit ik volkomen op mijn gemak met een glas thee en een koekje aan de keukentafel. Mijn laarzen nog aan. Want “Nee die hoeven niet uit. We hebben tegels.”
Aan de muur een bescheiden foto. De zwarte koets met Friese paarden. Lichtelijk vergeeld. Een verder teken van gedane tijden. Uit alles blijkt echter dat ze volop in het leven staan. Als we wegrijden, voel ik me verrijkt. Zulke vriendelijke, gastvrije mensen -al wat ouder of niet- daar.. kan geen vraag genoeg naar zijn..

Marja

 


 


Raar lullen..

“Het zit zo raar te lullen. Bel de huisartsenpost maar. Hersenschudding. Gegarandeerd!” Krachtige, klinkklare taal van paps die met drie meiden thuis komt rijden. Ik grijp de telefoon..

Op Twitter lees ik het bericht dat het vandaag ‘helmet awareness day’ is. “Wattes?”, denk ik verbaasd. Om even later naast me Jongste in haar eigen stijl te horen zeggen: “What the f*ck! Bestaat dat ook al?!”
De tweet brengt me jaren terug. Oudste rijdt sinds kort op de manege. Haar pony struikelt in volle galop en gaat met ruiter en al onderuit. Ze klimt er braaf weer op, maar al kort na de les weet ze niet eens meer dat ze is gevallen. Het ritje naar huis is met een kletsende kip zonder kop op de achterbank. Als ze dan ook nog gaat braken, is het inderdaad overduidelijk. Hersenschudding! De huisartsenpost wil haar toch graag zien om eventuele verraderlijke inwendige verwondingen uit te sluiten. Het blijft gelukkig bij: “een nachtje elk uur wakker maken.” Dus bij mij in het grote bed. Elk uur de wekker zetten.. Joepie! Zij een dagje thuis. Ik volledig geradbraakt naar mijn werk. En dat was het dan..

Het dragen van een cap is bij de meiden dan ook nooit een issue geweest. Met cap al een fikse hersenschudding; zonder cap, dan.. Sterker nog, toen ik vorig jaar een flinke buiteling maakte, verplichtten de meiden mij tot de aanschaf van een nieuwe cap. 
Het meest gehoorde argument om geen cap te dragen, is het gebrek aan comfort al dan niet gepaard gaand met het krijgen van hoofdpijn. Ikzelf merk binnen een minuut al niet meer dat ik een cap draag. Bovendien is de klep bij regen uiterst plezierig. Hoofdpijn in combinatie met een mooie groef in het voorhoofd was bij de meiden altijd het signaal dat er een maatje groter moest komen. Probleem opgelost! Op Wedstrijden Zuid hoorde ik achter mij iemand vertellen: “Ik heb een nieuwe cap gekocht. Meer ovaal. Kreeg binnen een kwartier zo’n hoofdpijn van de oude. Nu ben ik op paardrijvakantie geweest en had ik zelfs na een dag rijden nergens last van.”

De regels met betrekking tot het dragen van een cap en de eisen aan een cap zijn aangescherpt. Ook zie je dat tijdschriften en websites geen foto’s meer willen plaatsen van ruiters zonder cap. Zo ook ROS-magazine. Een paar jaar geleden stond er nog een mooie foto in het blad van een moslima te paard. Vol trots met hoofddoek. Ik dacht alleen: “Waar is de cap?!” Dat denk ik overigens ook bij shows op Horse Event. Doorgeslagen?! De statistieken liegen er niet om. Paardrijden is een sport met relatief weinig blessures, maar de aard van de blessures is meestal relatief ernstig. Dat geeft toch te denken. Paarden zijn en blijven vluchtdieren. Je mag blij zijn als het blijft bij.. een beetje raar lullen..

                                                                                                                                    

 


 

Pislucht!

Pislucht! Er welt een enorme onwelriekende geur op van de achterbank. De auto is loeiheet door de brandende zon en de hitte versterkt de stank. Getver! En.. we hebben nog wel wat kilometers te gaan.

Oudste droomt al jaren van het fokken van een eigen veulen. Hele studies worden gemaakt van bloedlijnen. Een naam voor de toekomstige stal is ook al bedacht. Grootste vraag is uiteindelijk: zou je met je huidige IJslander-merrie wel moeten fokken? Is het wenselijk of voorzie je dan puur in een eigen behoefte? Van Grýla haar karakter kun je er niet genoeg hebben. Qua bouw en gangen is ze echter geen topper. Bovendien heeft ze een lichte vorm van eczeem.

Maar zoals zo vaak als je openstaat voor wat er op je pad komt, vallen de puzzelstukjes vanzelf op hun plaats.
Oudste is inmiddels goed bevriend met de eigenaren van een stoeterij. Zij (h)erkennen haar ambitie, talenten en passie voor paarden. En.. zij zijn de eigenaren van het jonge paard waar Oudste tijdens de fokkerijpresentatie als een blok voor viel. Serieuze plannen zijn er gemaakt. Als ze dit paard nu voor haar reserveren, dan kan deze merrie met 3 jaar een veulen krijgen en met 4 jaar worden ingereden. Tegen die tijd is Oudste klaar met haar studie. Daarmee is het hoofdstuk ‘Grýla met een veulen’ afgesloten.

Het mooie van het opgroeien van een IJslander is dat het plaatsvindt in de kudde in de vrije natuur. Ik zeg geen 'nee' als Oudste mij na een rondje met Grýla vraagt of ik meega wandelen in de begrazing. Ik ben er nog nooit geweest en wellicht zien we de kudde waarin haar favoriet ook staat. Even later lopen we met de honden in het prachtige natuurreservaat en spotten we al gauw de groep IJslanders. Als altijd zijn er paarden die je negeren en paarden die om de een of andere reden vinden dat ze je moeten ontmoeten. Hoe bijzonder kan dat zijn! Als ik in de vork van een boomstam zit, komt één van de merries aan mijn hals ruiken. Ik voel haar warme adem over mijn huid strijken. Ze legt haar hoofd over mijn schouder op mijn rug en blijft zo tijden staan. Ik rust op jou; rust jij maar op mij. Alles vloeit van me af. Zo overweldigend! Als ze eindelijk wegloopt, neemt een jaarling haar plaats in.

Het bijzondere moment wordt wreed verstoord door een uitroep van Oudste. Blijkbaar wil onze reu ook een duit in het
zakje doen. Als jij die merrie zo leuk vindt, neem ik haar geur wel mee. En.. rolt lekker door haar verse urine..

Op de terugweg dromen we vrolijk verder. Stank of niet. Oudste: "Wellicht moet je een eigen paard nemen."
Eén droom wordt bij thuiskomst gelijk verwezenlijkt. Onze reu gaat linea recta onder de tuinslang. De rest zien we wel.. Voor nu.. weg met die pislucht!

Marja

 

_____________________________________________________________________________ 

Stilte!

Stilte! Als ik de binnenplaats oploop en “dag poes” zeg tegen een van de katten die er altijd ligt, klinkt er geen gehinnik. De gebruikelijke reactie op het horen van mijn stem. Ook het hoefgetrappel van paarden die zich naar de omheining begeven, blijft uit. Een zacht knagend gevoel van gemis maakt zich van mij meester.

Paarden en emotie. Eén opmerking uit de documentaire ‘Totilas’ is me altijd bijgebleven. “De waarde van een paard is achthonderd euro. Dat is wat de slager ervoor geeft. De rest is emotie.”

Op een goede -wellicht kwade- dag besluit een paardeneigenaar zijn paard te verkopen aan een andere paardenbezitter en -liefhebber. Een transactie zoals deze met regelmaat geruisloos plaatsvindt. Enkel een drama voor de ruiter die afscheid moet nemen van zijn of haar paard.

Dan blijkt ineens het paard ‘Totilas’ te heten. Betreft het een potentieel winnaar van Olympisch goud. Is het bedrag dat ermee gemoeid is zo’n ruige vijftien miljoen euro. En.. is de koper een Duitser.

Dan is er ineens ook voor vijftien miljoen aan emotie. En commotie! Heel paarden minnend Nederland gaat los. Wat bezielt de eigenaar?! Daar gaan onze(!) medaillekansen. En bij voorkeur is veel van die kritiek, zoals we die blijkbaar graag op social media uiten: ongezouten, ongenuanceerd en respectloos. En bovenal.. anoniem.

Toen wij net onze paardjes hadden, bezocht ik nog wel eens een forum. In de hoop er kennis op te kunnen doen. Helaas! De reacties op vragen waar mensen mee worstelen, waren te vaak niet plezierig om te lezen. En dan wordt datgene wat echt niet door de beugel kan ook nog verwijderd.

Het heeft me in elk geval wel geleerd om de foto’s die ik bij mijn blogs plaats zorgvuldig te kiezen. Want wat er ook allemaal op zulke momentopnames op te merken valt..

Nu haal ik mijn kennis uit boeken en tijdschriften. Uit contacten met professionals, die wij gelukkig konden opbouwen. En.. uit vallen en weer opstaan. Helaas soms ook heel letterlijk.

Elke combinatie en situatie is nu eenmaal uniek. Dat heeft ook Rath ondervonden. Als hij dat al niet wist. Wat werd van zijn ‘falen’ gesmuld. De dressuurwereld kan daarin nog wel wat van de IJslandersport leren. Daar gaan de instructeursactiviteiten over de landsgrenzen heen. Gaat het publiek voor het beste paard. Hoe dan ook een IJslander. Dat deze door jouw land zo optimaal mogelijk wordt uitgebracht, is een mooie bijkomstigheid.

Vanwaar mijn emotie? Onze paardjes zijn twee weken met vakantie. Voor oudste was het handiger om ze tijdelijk op de stoeterij onder te brengen. Twee hele weken. Slechts vijfentwintig kilometer verderop. Voor je nu iets gaat vinden van mijn heimwee: Zoals de moeder van Stampertje uit Bambi al zei: “Als je niets aardigs weet te zeggen, zeg dan maar niets.” Zwijgen is goud. Stilte!

Marja

_____________________________________________________________________________ 

Hooi!

Hooi! Het zit werkelijk overal! De geur dringt diep in mijn neus. Een kruidige mengeling van nostalgie, zon en de naderende zomer.

Als kind al reed ik op de boerderij van mijn opa en oma uren mee op de hooischudder. Rondje na rondje achter de tractor. Maakte ik met mijn neefjes en nichtjes glijbanen in het hooi vanaf de hooizolder. Daarna met zijn allen in bad, want één ding is zeker: Het hooi en het stof zit overal!

Jaren later is het de manegehouder die me schaamteloos enthousiast weer bewust maakte van de geur van hooi. "Het nieuwe hooi is binnen. Moet je ruiken. Dat ruik je meteen!" En terwijl hij dat zei, duwde hij mij een flinke pluk vers hooi onder de neus.


Nu met onze eigen paarden is 'hooi' onderdeel geworden van ons dagelijks leven. De weilanden naast de paardenweide worden voor onze paarden en die van buurtbewoners gehooid. Van (door)zaaien, mesten en groeien naar maaien, drogen en inpakken. We volgen het op de voet. Meerdere cycli per seizoen. Minder geurende bollen worden apart gesorteerd. Hooi zonder geur. Ik sloeg steil achterover. Daar houden de B&B-gasten namelijk niet van. Dat lijkt verdikkeme Paul van Vliet zijn 'Dat zijn leuke dingen voor de mensen' wel. Boernebisnis. Googel er maar eens op. De conference over stadse mensen die willen ruiken aan het boerenleven. Nou ja, ruiken? Niet letterlijk dus. Maar sommige dingen hóren gewoon te ruiken. Koffie, warme broodjes, .. hooi..!


Eens in de zoveel tijd als we hooi uitvullen, maken Oudste en ik een hooibed. Liggen maar! Genieten we samen van de zon op ons gezicht. Kijken we in alle stilte naar de overdrijvende wolken. Observeren we in alle rust de paardjes. Hoe ze elkaar groomen. Eens lekker rollen. Elkaar uitdagen tot spel. Af en toe onderling de zaken even rechtzetten. Hoe ze reageren op wat er voorbij komt. Met alertheid, uitslovend showgedrag of daar ga ik me echt niet druk om maken. Merendeel van de tijd staan ze rustig te eten. Rustgevender kan een omgeving simpelweg niet zijn.

Het ligbed eindigt standaard in het opspringen van Oudste die inmiddels wel zen genoeg is geworden. Die de wei in rent en er met de paarden samen een dolle boel van weet te maken. Sinds die momenten weet ik dat Grýla, onze IJslander, serieus een handstand kan maken.

Soms vragen mensen zich bezorgd af of ik het niet veel te druk heb. Werk, huis, tuin, paarden.. Maar liggend op mijn hooibed weet ik dat ik bevoorrecht ben. Een fantastische baan gecombineerd met de mooie kanten van het boerenleven. Geniet ik van het aroma waar geen aromatherapie tegenop kan. En al zit het overal.. Ik wil het snuiven.. Hooi!

Marja

_____________________________________________________________________________ 

Tutmuts!

“Arrogante Tutmuts!” Denk ik als ik naar het tafereeltje voor mij kijk. Andere woorden zijn niet van toepassing. Ondertussen grijns ik van oor tot oor. Net als de anderen. Wie had ooit gedacht dat het er nog van zou komen.

Het is alweer een tijd geleden dat het mennen met ons Shetje op een debacle uitliep. Na fantastische buitenritten was er ineens dat moment dat ze onderweg niet meer halt wilde houden. Dat we onder hoogspanning een route moesten bedenken waarbij dat ook in geen enkele verkeerssituatie nog zou moeten. Dat hachelijke avontuur met de bijbehorende bibbers. Alsof het gisteren was.


De ‘Ho!’ werd snel teruggebracht. De animo om op pad te gaan niet. Dat werd er het seizoen erop niet beter op. Stom genoeg gingen we ervan uit dat we ‘Ons Diet’ zo weer in konden spannen en verder konden gaan met waar we gebleven waren. Maar Dita bleek het wagentje ontwend en zette een ware sjeestocht over de wei in. Spectaculair. Dat wel. Ook hoogst gevaarlijk. En toen was iedereen er echt even klaar mee. Rust! Voor ‘Ons Diet’. En voor ons.

Afgelopen winter begon het toch weer te kriebelen. Zeker toen bleek dat het voor de slee nog steeds uitermate goed ging. En.. we hadden toch fijne tochten gemaakt?!

Terug naar de basis. Grondwerk met veel aandacht voor gehoorzaamheid en controle. Longeren met een enkele lijn en daarna weer met dubbele.

En toen.. kwam Oudste met die advertentie op Marktplaats. Sulky te koop! Daarmee laaide de eerdere discussie weer op. Is het huidige wagentje niet toch te zwaar voor Dita? Op papier klopt het wel qua gewicht van het wagentje en gewicht van het paardje. Gevoelsmatig zijn er twijfels. De zwaarte op de wei. Zeker als het gras wat langer is. Was het Ho!-probleem ook niet juist ontstaan door een nare ervaring met een hellinkje bij een kruispunt? Maar een ander karretje. Wat betekent dat? Afscheid nemen van dat mooie houten wagentje? Waarop ik me destijds op ‘Kroningsdag’ de koning te rijk voelde..

Maar als altijd overwint het besef dat het welzijn van de dieren en de veiligheid voorop moeten staan.

Dus gaat Oudste met haar vriend achter de advertentie aan. Staat er nog geen twee dagen later een sulky voor de deur. Het inspannen van Dita wordt stap voor stap weer opgepakt. Er omheen lopen, tussen de bomen laten staan, zelf achter haar aan de sulky trekken. Dan Dita er weer echt voor. Met eerst de menner en begeleider ernaast en Jongste er heel stil op. Met uiteindelijk alleen de menner op de wagen. Eerst alles rustig in stap. Later een drafje. Binnen 3 weken ziet het er gecontroleerd en uitgebalanceerd uit. Ik leg alles met een grote grijns vast. ‘Ons Diet’ zelf? Die straalt uit dat ze plezier heeft. Oortjes erop en showen maar. Zoals zij alleen dat kan.. De Tutmuts! 

Marja

_____________________________________________________________________________ 

Punt.

"Ho. Punt. Niet: Ho? Vraagteken. Ook geen: Ho! Uitroepteken. Gewoon: Ho. Punt." Ik voel me allesbehalve comfortabel. Zou het liefst weg willen lopen. Weet dat dat het laatste is wat ik moet doen. Maar.. het is lang geleden dat ik zo met mezelf ben geconfronteerd.

Als ik in de zomermaanden vlak na elkaar twee keer hard van mijn paard ga, weet ik dat er iets moet gebeuren. Ik bouw spanning op in de vrees van 'wat als?'. En paardrijden was toch juist ontspannen..?

Dus spreek ik een les af bij het instructeurskoppel van Oudste. Als ik met Grýla aan kom lopen vanaf de trailer is het eerste wat hij zegt: "Zet je pony maar even op stal. We gaan eerst eens even praten." Als Oudste de hoek om komt met zadel en toebehoren, kijkt ze verbaasd als Grýla niet op de poetsplaats staat. "Eerst praten", sein ik door. En zo zitten we even later met z'n vieren aan de koffie. Boodschap aan Oudste is snel helder. “Mams is geen verlengstuk van je eigen trainingen. Rijd jij straks maar een van onze paarden onder zijn begeleiding; ik ga met je moeder aan de slag."  

Dat aan de slag begint met "Loop maar eens een rondje door de bak. Zet haar maar eens stil." Daar zit de gevoelige plek. Hoe communiceer je? Hoe consequent ben je? Waar liggen je grenzen en hoe geef je die aan? Ik ben een pleaser. Heb een groot bereik als het gaat om 'ach laat ook maar'. Mijn paard kan daar niets mee. Vult het gewenste naar eigen inzicht in. Dat is niet altijd hetgeen ik eigenlijk wil. En dus.. moet het anders! Zo zijn er de verschillen in 'ho' en is er een verschil in een zetje, een resolute duw of een tik. Eenmaal op Grýla gaat het niet anders. "Wil jij dressuurwedstrijden gaan rijden? Nee? Dan gaan we jou eerst eens in een voor jou comfortabele houding zetten." Al die opmerkingen worden kort en helder gesteld. Waarbij ze me elke keer recht aankijkt om aan te geven 'vertrouw me maar; ik heb het beste met je voor'. Na driekwartier ben ik mentaal volledig uitgewoond. Weet ik waarmee ik aan de slag moet. En.. voel ik dat er een noodzakelijke ommekeer heeft plaatsgevonden.

Thuis ga ik volop aan de wandel. Paard aan de lijn als een van de honden. De eerste ronde buiten is een ware uitdaging. Grýla reageert verrast op mijn veranderde gedrag en daagt mij keer op keer uit waar te maken waaraan ik begonnen ben. In mijn hoofd hamert het 'niet toegeven nu; consequent zijn; je kunt het!'. Op het moment dat het besef bij Grýla doordringt dat het mij menens is, geeft ze zich er volledig aan over. De vele kilometers die ik daarna met haar lopend maak, zijn een ontspannen verademing. Zo. Punt.

_____________________________________________________________________________ 

Oeoe…!

 

Oeoe...! Ik zit op het puntje van mijn stoel en knijp de zitting bijna fijn. Pffff.. dat ging maar net goed. Op naar de volgende..

 

Connecties? Altijd handig! Als Oudste een vrije entree voor Indoor Brabant aangeboden krijgt met de mogelijkheid een paar personen mee te nemen, zeg ik geen 'nee'. En zo zit ik op vrijdagavond met beide meiden bij de 'Gemeente 's-Hertogenbosch Prijs'. Op de eerste rij. Wel ja! Vlak naast de lastige oxer uit een driesprong en met goed zicht op de laatste brede hindernis. Met een internationaal deelnemersveld van 42 zie ik de ene na de andere spectaculaire sprong pal voor mijn neus.  

 

Het fascinerende bij het springen vind ik de grote verscheidenheid aan combinaties. Voorwaarts zijn ze allemaal, maar sommige paarden zijn zo pittig dat het publiek daar ook gelijk iets mee heeft. De waardering voor de ruiters die in staat zijn met zo'n paard een 0-ronde te rijden, wordt dan ook luidkeels geuit. Het mooie van springen is ook dat het parcours zelf de scheidsrechter is. Fout is fout; daar heb je geen jury voor nodig. Elke toeschouwer begrijpt dat ook. Daarbij maakt het niet uit of je Olympisch, Wereld of Europees Kampioen bent -en ze zijn er allemaal(!)- balk eraf is balk eraf.
 

Uiteindelijk weten 15 combinaties zich te plaatsen voor de 'winning round'. 
Al snel is duidelijk dat de meeste combinaties bij één bepaalde hindernis de bocht zo 
krap nemen dat het paard bijna uit stand moet springen. Dat wordt de echte Oe!-hindernis. Althans voor mij. 
Elke keer schuif ik naar voren, grijp ik mijn zitting vast en leef ik helemaal mee. "Oeoe!" Vaak gaat het goed, 
maar vaak ook niet.. "Sommige ruiters weten echter van de hele ronde een Oe!-parcours te maken. Jur Vrieling
is daar een van en zet met Arezzo VDL op spectaculaire wijze een uiterst snelle tijd neer. Kom daar nog maar 
eens aan! Als een aantal combinaties later de Braziliaan Marlon Modolo Zanotelli met Zerlin M start, weet 
binnen 2 seconden het hele publiek het. Dit wordt: 'de dood of de gladiolen'! De snelheid, de krapte van de 
wendingen en daarmee de risico's bij de sprong, dat kent maar twee uitkomsten. Iedereen is op slag 
gebiologeerd. Voor de totale duur van 32.66 seconden. En dan.. Yesss!! Door de hele hal. Want Braziliaan of 
niet; dit is wat men wil zien! En.. niemand komt er nog aan. Gladiolen!

 

Wat een fantastische avond! Het duurt nog wel even voor mijn adrenaline-niveau naar normale waarden zakt.
Nu maar hopen dat bij het uitzenden van de beelden ik niet al te beschamend prominent zichtbaar ben met
mijn "Oeoe…!".

 

Marja

 

Foto’s:

Marlon Modolo Zanotelli met Zerlin M (winnaar Gemeente ’s-Hertogenbosch Prijs 2015)

Maikel van der Vleuten met VDL Groep Eureka

Chantal Müller met U Tabasca

_____________________________________________________________________________ 

Wie gade gij begraven..? 


"Wie gade gij begraven?", vraagt de man die ongegeneerd bestudeert wat ik in mijn bouwmarktkarretje laad. "Jou", denk ik, maar spreek ik wijselijk niet uit. Hij kan het ook niet helpen dat ik mega chagrijnig ben, omdat er nergens losse klinkerstenen te verkrijgen zijn. Voor het vervoer van de paarden waren we altijd afhankelijk van de paardentrailer van een ander. De meest gebruikte trailer begon door zijn hoeven te zakken. Het veersysteem van de klep was al jaren kapot en het was bijna wachten totdat iemand door zijn rug zou gaan. Wat een gewicht! Met de eigenaar werd afgesproken dat het tijd werd voor een eigen trailer. De oude mocht gebruikt worden voor een inruil. Grote vraag werd: waar gaan we die nieuwe trailer laten? Als je meerdere keren per week op pad gaat, moet ie niet te ver weg staan en ook zo aangekoppeld kunnen worden. Na veel wikken en wegen en buurtoverleg werd besloten dat een deel van de zijtuin plaats moest maken voor een 'stalling'. Na zorgvuldig meten werd namelijk geconcludeerd dat naast de zijmuur -en daarmee uit het zicht- precies een 1-paardstrailer kon staan. Begin 2014 werd gestart met het inkorten van de berging. De schutting aan de zijkant van het huis werd doorgetrokken naar voren en het deel aan de voorkant naar achteren verplaatst. Grootste klus was het verharden van de stallingsruimte en de oprit ernaar toe. Daarvoor moesten enorme struiken het veld ruimen. Na het geweld van de motorzaag kwam er een grondbedrijf aan te pas om de vele kluiten eruit te trekken. Het afgraven van de tuingrond was een heidens karwei gezien de vele boomwortels. Daarna opvullen met ophoogzand. Gewoon met tractor en afschuifwagen. Gratis grindtegels op Marktplaats zoeken, afhalen en afwaterend leggen. Klaar is Kees! Al die maanden was het hét bekijks in de buurt. Groot materieel in een 30km-buurt is ook geen dagelijkse kost. Iedereen die langskwam, moest er ook wel iets over opmerken. "Geen vrouwenwerk", "moet je niet zelf doen", "wie moet er in dat graf",.. Met uiteindelijk de vraag van de klant in de bouwmarkt als ik de laatste opsluitbanden haal. Gelukkig ook veel complimenten. Iedereen is het erover eens: het ziet er goed uit. Natuurlijk ook deze klus niet zonder de broodnodige klushumor. Een buurjongen kreeg een verdwaalde pad mee in zijn broekzak met de opdracht: "Laat maar aan je moeder zien!" Drie keer raden wat moeder vond van deze verstekeling.. En nu.. staat er als trots bezit een praktische eigen trailer. Oudste haalde mooi nog even E achter haar B-rijbewijs, zodat ze nu ook zelf op stap kan. Tja, paardensport is meer dan alleen paardrijden. De volgende grote klus staat alweer op de kalender. Het ophogen én draineren van de paddock. Dat wordt weer graven. Benieuwd wie zich dan af zal vragen wie ik onder de grond ga stoppen.. 

Marja

  

_____________________________________________________________________________ 
 

WEGSMELTEN…

Ik smelt helemaal weg... Als een pakje boter, maar dan alleen wat groter... Juffrouw Scholten van Annie M.G. Schmidt is er werkelijk niets bij. Enkel nog mijn tasje ligt daar in een plasje... Oudste werd door onze instructeur uitgenodigd om met Grýla een futurity-proef te rijden ter ere van de opening van de ovaalbaan. Uiteraard zei ze geen nee. En zo zit ik op een zonovergoten oktoberdag op een bankje naar hun verrichtingen te kijken. Het live-commentaar van de 2 juryleden is positief en opbouwend. Er is nog een lange weg te gaan, maar er is zeker potentie. En... in dit stadium niet geheel onbelangrijk: Het ziet er gecontroleerd uit. Want zet Grýla samen met een ander paard op een ovaalbaan en je weet niet wat je meemaakt. Dat alleen al vergt oefenen en oefenen. Na een heerlijke, uitgebreide lunch met verschillende soorten soep en broodjes hamburger is het tijd voor de fokkerijpresentatie. Oudste heeft nog verwoede pogingen gedaan te helpen achterhalen waar een aantal van de verkochte paarden uiteindelijk is terecht gekomen. Vol trots en liefde voor hun paarden presenteert de instructeur zijn fokproducten en die van zijn partner. En benadrukt hij overtuigend de doelstellingen die ze voorstaan: het bewegingsmechanisme verbeteren en daarbij te allen tijde aandacht houden voor de berijdbaarheid in brede zin. Bjartur frá Aquadraat, de Nederlands kampioen 4-gangen met het beste puntentotaal ooit, is het sluitstuk van de presentatie en de sportieve klapper. Zijn uitstraling en gangen blijven verbazen. Inmiddels heeft hij ook duidelijk gewonnen aan wedstrijdervaring. Zoveel rust!

Maar... ik smelt gelijk helemaal weg als de groep uit de opfok en begrazing het terrein opkomt. De veulens en jaarlingen vormen met de merries letterlijk en figuurlijk een bont gezelschap. "Oooo... die wildkleurige in combinatie met dat beetje bont", verzucht ik tegen Oudste die naast mij ook zit te oe-en en aa-en. En dan... die veulens...! Oeps… een bloembak! En… oeps... nog een bloembak! De gekste capriolen. Zó vertederend en grappig!

De volgende dag weet Oudste mij precies te vertellen hoe die wildkleurige, bonte jaarling heet. Waarom verbaast mij dat nou niet...? Nou, zo ging het ook ooit met Grýla. Na het WK-IJslandse paarden in 2007 wist Oudste dondersgoed dat ik mijn hart had verpand aan de wildkleur zwarte variant met zo'n mooie aalstreep.
Toen de tijd dan ook rijp was om over de aanschaf van een eigen IJslander na te gaan denken, kwam ze niet voor niets aan met... een wildkleur zwarte. "Mam, kijk eens!” Natuurlijk was dat niet doorslaggevend, maar het hielp wel mee. Men had het mij destijds zonde rmeer voorspeld: 'Pas op, juffrouw, je smelt!'

 

_____________________________________________________________________________ 


Standje rode waas...

"Ik sta in standje rode waas!”, constateert Oudste naast me. Een open deur van jewelste! Ik heb haar zelden zó kwaad meegemaakt. Toch moet ik heimelijk lachen om de gekozen bewoording. Het is heerlijk weer voor een buitenrit. Het fietspad langs het afwateringskanaal is ideaal voor tölt-oefeningen. In de verte naderen een man en een vrouw met vier loslopende honden. "Ah, daar heb je die twee Staffordshire-puppy’s weer”, zegt Oudste. "Die lopen hinderlijk met je mee, maar doen verder niets.” Zoals gebruikelijk ga ik tijdig terug naar stap en passeren we rustig het gezelschap.

"Ik kan niet garanderen dat ze niet trapt!”, hoor ik Oudste ineens schreeuwen. Ik voel iets onder Grýla haar voorbeen doorgaan.. En.. de gigantische spanning die ze ineens opbouwt. ”O nee! Niet nu! Niet nu ík erop zit!” Mijn denkend brein klapt eruit en ik schakel over op de mantra’s van de oeverloze inprenting. ‘Blijven stappen! Blijven stappen! Nooit stil gaan staan in gevaarlijke situaties!’ Nou, dat niet stilstaan is niet zo’n probleem. Het niet vol vooruit wel! ‘Afbuigen! Afbuigen! Rechte lijn eruit halen!’ Ik wend het eerste de beste inhammetje in en heb daar gelijk gruwelijk spijt van. Voor ons ligt namelijk de eindeloze vlakte van een winterklaar gemaakte akker. Grýla maakt het typische klepperende geluid ten teken van het feit dat ze echt bang is. ‘Draaien! Draaien!’ Ik draai terug naar het fietspad en voel bij Grýla de spanning weer oplopen. ‘Je moet te allen tijde af kunnen stappen! Je moet te allen..’ Met al mijn overtuiging hoor ik mezelf "Ho!” zeggen. Grýla blijft abrupt staan. In een oogwenk ben ik eraf en leidt haar weg. In haar volgzaamheid zie ik in één keer de spanning uit haar wegvloeien. Ze loopt gedwee mee.

Al die tijd hoor ik de vrouw en de man schreeuwen. "Blijf dan staan!” "Je mag hier niet komen!” "Het is losloopgebied!” Oudste heeft ondertussen de honden op afstand weten te houden met de zweep. Eén van hen krijgt een tik. Waarop de man schreeuwt: "Jij slaat mijn hond niet! Kom eens op als je durft!” Blijkbaar zit de adrenaline bij hen ook hoog, maar onderschatten ze nog steeds de ernst van de situatie. De hond kan beter een tik met de zweep krijgen dan een gerichte trap van Grýla. In het slechtste geval ‘blaft’ hij dat niet na. Bovendien, ooit van ‘onder appel staan’ gehoord?!
Als we verder lopen, vertelt Oudste dat één van de honden zich in Grýla haar staart vastbeet en bleef hangen, waarop de andere honden al happend tegen haar op begonnen te springen. En dat.. was iets te veel van het goede. Ik raad Oudste aan om als het zich voordoet eens met deze mensen het gesprek aan te gaan. Niet nu.. met iedereen.. in standje rode waas..

 

 _____________________________________________________________________________ 
 
 

Tranen…

En dan... zijn er de tranen. Hét moment van volledige ontlading. Het afvloeien van de wedstrijdspanning in combinatie met het besef 'dit was het dan'. Als moeder kun je dan maar één ding doen: troosten. En... toch ook zelf even een traantje wegpinken.

Jongste werd door KNHS-Brabant geselecteerd als 'belofte voor de toekomst' in de dressuur en kon in die hoedanigheid een speciaal trainingsprogramma volgen. Daar hoorde ook bij: reële doelen stellen. Een van de langere termijn doelen was: met de E-pony in de Z starten voordat Jongste daarvoor te oud zou zijn. Het mocht helaas niet zo zijn. Draafden ze samen nog met gemak door de L1-, L2- (standaard met fikse bokkensprong bij stap naar galop) en M1-klasse, de M2-klasse werd een echt struikelblok. Het begon met een peesblessure die de schimmelruin vorige zomer opliep. En ondanks het feit dat Jongste hem met veel geduld weer op wedstrijdniveau wist te brengen, was het beste er af. En.. begon zijn leeftijd (20 jaar) zijn tol te eisen.

Werd hij voor de wedstrijd (te) kort ingereden dan was hij drammerig en dribbelig in de verzamelde stap; werd hij langer ingereden dan verdween de gratie uit zijn gangen en met name ook de sprong in zijn galop. Als je dan keer op keer op z'n best rijdt en dan toch geen winstpunten meer weet te behalen, hooguit nog als je toevallig een mildere jury treft, dan moet je jezelf op een gegeven moment toch afvragen: Hoe nu verder?. Toen Jongste dan ook de mogelijkheid kreeg om op het jaarlijkse clubevenement toch een keer in de Z1 te starten, was ze daarover heel helder. "Dit wordt onze laatste wedstrijd. Hij mag met pensioen!"

En net als bij het afscheid van de grote kampioenen rijden ze nog één keer samen de sterren van de hemel. In het bijzijn van instructrice, bekenden en eigenaren. Met als bizar gevolg dat ze uiteindelijk eerste worden met een score die in het officiële circuit ruim een winstpunt had opgeleverd. En dan... is er uiteraard dat emotionele moment.. Voor de allerlaatste keer afgroeten.. Met 'Bun', die door zijn ervaring, karakter en onvoorspelbaar schrikgedrag -hij weet het precies als de hooibollen 2 cm zijn opgeschoven- van Jongste een fantastisch technische ruiter maakte. Capriolen die mij echter met regelmaat deden verzuchten: "Ik ga er voor geen goud op...!”. En nu.. hebben we de beelden nog.. En.. mag Jongste van de eigenaren een paard gaan uitbrengen op wedstrijd. Gelukkig is hij zeker zo uitdagend om te berijden en bovendien nog lekker jong. Hopelijk zal het dan ook nog lang duren... die... afscheidstranen...

 
_____________________________________________________________________________ 

 

Enge man...

"Ik ben die vreselijk enge man", zegt de man met het petje als hij met uitgestoken hand op mij af loopt. "Aangenaam kennis te maken", reageer ik lachend terwijl ik hem stevig de hand druk.

Oudste had tijdens het WK IJslandse paarden in 2007, dat in Nederland gehouden werd, een WK-shirtje gekocht. In de zomer van 2008 werd het inmiddels te kleine shirtje gebombardeerd tot vakantiewerk-tenue. Op een middag als ze terugfietst van het frambozenplukken wordt ze aangesproken door een man met de vraag hoe ze aan dat shirtje komt. Het gesprek eindigt ermee dat ze 2 vrijkaartjes krijgt voor de finale dag van Wedstrijden Zuid (het NK IJslandse paarden) in Oirschot.  Enthousiast komt ze met de kaartjes thuis. "Mam, kijk eens!" Ik kijk naar de 2 papiertjes die ze omhoog houdt en vraag mij serieus af hoe die in vredesnaam geldig zouden kunnen zijn voor wat dan ook. Voorzichtig deel ik mijn scepsis. En.. besluit eens te kijken op de website van Wedstrijden Zuid. Uiteraard kent de website contactinformatie -lang leve internet!- en al snel heb ik een e-mailtje getypt met de vraag of ik dergelijke kaartjes als geldig kan beschouwen. Nog geen half uur later gaat de telefoon. "Ik ben die enge man van de kaartjes", zegt een vriendelijke mannenstem. "Ik lees net uw berichtje en besloot gelijk maar even te bellen." Twee weken later ontmoeten we elkaar op het wedstrijdterrein en drukken we elkaar lachend de hand. Weer drie maanden later wordt Oudste door dezelfde man gevraagd of ze bijrijder wil worden op hun IJslanders. Dat werd een volmondig 'ja'. Inmiddels is dat uitgegroeid tot een hechte band en wordt er nog altijd elke zondag voor onze eigen paardjes op de paarden van de 'enge man' gereden.

Sinds die eerste kennismaking met Wedstrijden Zuid zijn we elk jaar het hele weekend van de partij. De slogan is niet voor niets 'Tot Ziens Tot Zuid!'. Het evenement is altijd perfect georganiseerd en het vrijwilligersteam draait als een goed geoliede machine. De ‘enge man’ draait er jaar in jaar uit fanatiek in mee. Ook de beide meiden maken er als lintenmeisjes een aantal jaren deel van uit. In 2013 nam Oudste met Grýla, onze eigen IJslander, zelfs deel aan de wedstrijden en konden we proeven van de sfeer op het deelnemersterrein. Stoeltjes, prikweitje, honden mee, gezelligheid, ... Zuid op z'n best!
Half augustus was het weer zo ver. En genoten we weer - als altijd op de eerste rij - volop van dat fantastische paardensportevenement. En uiteraard... - petje op, lichtblauwe polo met opschrift 'STAFF' - was hij er ook weer, die... enge man..

PS: Noteer in je agenda: WK IJslandse paarden 2017 in Oirschot, Nederland

 

'Het gaat hier helemaal niet goed!'

"Mam, wil jij naar Zwitserland bellen? Het gaat hier niet helemaal goed!” Elke keer als iemand aan ons vraagt of we op de paarden willen passen, komt die zin weer bij mij naar boven. En altijd zeggen we ‘ja natuurlijk’, maar lang niet meer zo onbevangen als eerst.

Het verzorgen van andermans dieren gaat gepaard met bewust of onbewust een grote verantwoordelijkheid. Zolang alles goed gaat, is er niets aan de hand, maar o wee als er zich onvoorziene omstandigheden voordoen.

Zo zijn we tijdens een rhino-uitbraak een week lang aan het poetsen, omdat van 6 verschillende paardenadressen alle laarzen en jassen in onze hal samenkomen. Is één van onze eigen winters zo streng dat we nauwelijks bij de paarden kunnen komen en moet vanwege de vorst het water voor 5 paarden bij de buren 150 meter verderop gehaald worden. Blijft een paard met een been in het hek vastzitten en wordt door zeer accuraat optreden van Jongste en de dochter van de eigenaren het leed beperkt tot een blessure van ‘slechts’ een half jaar.

Gevalletje Zwitserland was tot nu toe (kloppen we gelijk af!) wel de meest hilarische. Ik word aan het eind van de middag door Oudste gebeld op mijn werk. De kraan op het weiland bij de verzorg-IJslanders is afgebroken. Het water spuit in het rond en inmiddels staat een groot deel van de wei volledig blank. Samen met Jongste en de buurman zijn alle tapkranen in de schuur en in huis uitgeprobeerd, maar aan de watervloed komt maar geen einde. In een vuurrood regenpak - zo laat ik mij later vertellen - probeert de buurman nog om de kraan dan maar zo te repareren, maar de waterdruk is zo hoog dat het alleen maar een dolkomisch plaatje oplevert en verder helemaal niets. Naar het buitenland bellen lukt niet dus komt die vraag bij mij terecht. Enigszins bezwaard bel ik naar Zwitserland. De eigenaren zijn niet zonder reden naar Zwitserland afgereisd en ik wil ze dan ook zeker niet ongerust maken. De eigenaar weet mij echter al spoedig uit te leggen waar de desbetreffende aftapkraan te vinden is. Enkele minuten later bel ik Oudste om de boodschap door te geven. Ergens tussen de kamer en de keuken bevindt zich in het parket een losse plank. Daaronder zitten 3 kranen. De meest linkse zou de redding moeten brengen. Een voor mijn gevoel hele lange tijd hoor ik helemaal niets. Dan een bevrijdend telefoontje met de boodschap dat de beschrijving ‘losse plank’ wel iets explicieter had gemogen. Met z’n drieën over de grond kruipend, werd het desbetreffende plankje(!) uiteindelijk gevonden onder een kast. De reparatie door de buurman was daarna gelukkig een peulenschil.

Inmiddels ben ik heimelijk alweer aan het aftellen. Nog 2 dagen.. En nog even duimen.. geen telefoontjes naar Zwitserland of waar dan ook..


AU!!!

Au!! Ik voel een felle pijnscheut door mijn onderlichaam. En... hoe in één klap alle lucht uit mijn longen geslagen wordt. Ik snak naar adem en krijg een tweede dreun. Dit keer iets hoger op de rug. Ik kijk omhoog en kijk recht in de paardensnuit van Grýla die over de omheining heen op mij neerkijkt. Vallen was altijd een van mijn grootste angsten als het om paardrijden gaat. De eerste keer dat het mij overkwam, voelde haast als een bevrijding. Ik kon net een beetje lichtrijden op een IJslander en draafde vrolijk met Grýla over de wei. Het katje had ik wel gezien - en gewoonlijk lopen er ook katten - dus de schrikreactie van Grýla kwam voor mij totaal onverwacht. Ik ging dan ook in de opwaartse beweging 'hop' over de schouder eraf. Omdat een collega die week een fikse blessure had opgelopen door een val met de fiets was het enige dat ik nog dacht: "Niet je arm uitsteken!" En dus... 'baf' volledig gestrekt. Gewoon weer opstappen, uiteindelijk een blauwe plek van de autosleutels in mijn zak, en dat was het dan.

En nu jaren later gebeurt het me opnieuw. Maar dit keer is het anders. Dit keer is het pure ongehoorzaamheid en gaat het met zo'n ongecontroleerde snelheid dat het heel anders af had kunnen lopen. Ik was lekker aan het rijden onder aanwijzingen van Oudste. Zelfs het aanspringen in rechtergalop ging meerdere keren in één keer goed. Omdat dat ook mijn moeilijke kant is, galoppeerde ik de laatste keer nog even een paar voltes om het juiste gevoel te krijgen. En juist bij de inzet van de laatste volte breekt Grýla onverwacht uit en zet ze gelijk vol het gas erop. Ik raak uit balans en doe verwoede pogingen om gelijk de rem erop te zetten. Tevergeefs!! Ik denk van alles. "Toch nog volte inzetten?" Maar dat is zinloos. Door de paddock is de wei op dat stuk veel te smal voor een bocht op topsnelheid. "Nog harder aan de teugels trekken of trek ik juist al te hard?" En dan: "De omheining komt nu wel heel dichtbij; ik wil eraf voor ik gespietst word op één van de paaltjes." Terwijl ik dat wil, ga ik ook al.

En daar zit ik dan. Op mijn kont in het gras. Aan de andere kant van de omheining. Grýla staat er nog voor. Remsporen getuigen van een flinke noodstop. Ondertussen heb ik haar nog steeds netjes aan de teugel vast. Het is een bizar plaatje met de omheining zo tussen ons in. Ik weet gelijk dat ik een giga blauwe bil en spierpijn ga krijgen. En ook dat het meest gekwetst… mijn (zelf)vertrouwen zal zijn. Een paar minuten later rijd ik weer. Toch zal dit tijd nodig hebben en hoop ik maar dat het me nog lang bespaard zal blijven zo'n… Au!!


Loslopende pony’s

‘Loslopende pony's zetten buurt op stelten’, kopt het plaatselijke nieuws. Erbij een foto van agenten die verwoede pogingen doen om een groep eigenwijsheid uitstralende Shetjes bij elkaar te drijven.Pfff… gelukkig niet die van ons!

Ik herinner me ook gelijk een telefoontje van Oudste. "Mam, weet jij raad? De IJslanders die sinds kort even verderop staan, lopen los. Het lukt mij niet ze te benaderen en er is een politielint met 'niet betreden' gespannen."

Ik weet gelijk over welke paarden ze het heeft. De groep is er recent -onder discutabele omstandigheden- gehuisvest en ons is niet bekend wie de eigenaar is. De drukke verkeerssituatie kennende, zie ik net als haar gelijk het enorme risico van dit vrijbuiteren in. Op meer dan een uur reisafstand kan ik uiteindelijk niet anders dan advies geven. "Bel de politie!", opper ik. "Die weet of dat lint ergens voor dient en zij kunnen eventueel verder actie ondernemen." Een tijd later spreek ik een woedende Oudste. Wat of de politie wel niet denkt?! Bij 0900-8844 is ze eerst 30 minuten in de wacht gezet met als gevolg een einde aan haar beltegoed. Daarna heeft ze drie kwartier moeten wachten op een motoragent, die onmiddellijk constateert dat hij versterking nodig heeft. In het volgende half uur wachten doet hij -een broekie nog- vast een poging een verklaring op te nemen.
Als Oudste aangeeft eerst te denken dat het mogelijk ons IJsje was dat ze onderaan de weg zag lopen, vraagt hij meesmuilend of ze eigenlijk wel goed weet hoe haar eigen paard eruit ziet.  Daarna valt hij over het feit dat ze geen ID bij zich heeft en weet ze zich nog net onder een boete daarvoor uit te praten. Als de versterking uiteindelijk is gearriveerd, lukt het de paarden weer achter een afzetting te krijgen. De geplande buitenrit zit er helaas voor Oudste inmiddels niet meer in. En haar vertrouwen in 'blauw op straat' is daarbij tot ver onder het nulpunt gekelderd.

Als ik later samen met Oudste op de wei bezig ben, komt de motoragent -bij ons nog steeds bekend onder zijn 4-cijferige meldcode- nog even 'buurten'. Als ik naar hem toeloop, sist Oudste -mij langer kennend dan vandaag- "Niet tegen hem gaan preken!" Maar tegen mij is hij poeslief en voorkomend. Hij weet te vertellen dat nader onderzoek naar de eigenaar en omstandigheden elders hebben uitgewezen dat dit al de derde(!) keer is in korte tijd dat de paarden zijn uitgebroken. Trots meldt hij dan ook dat hij.. een bon heeft uitgeschreven. Tja.. 't Is wat.. die loslopende pony 's!


Meer buik!

"Meer buik!", roept de instructeur opnieuw tegen Oudste. Ze tölt met Grýla over de recent aangelegde ovaalbaan. Pan-nen-koe-ken, pan-nen-koe-ken. Het klinkt taktzuiver en ziet er fantastisch uit. Onwillekeurig span ik mijn buikspieren aan. In mijn verbeelding voel ik de verzuring. Tja.. ik weet precies hoe dit gaat eindigen.

Een paar dagen later rijd ik op Grýla en loopt oudste met ons mee. "Als je nu je buikspieren rustig aanspant, zul je merken dat Grýla steeds korter zal gaan stappen. Als ze voldoende verzameld is, kun je een klein beetje aandrijven en dan tölt ze vanzelf goed weg." En zo geschiedde. Het voelt zo te gek dat ik heel hard 'wauw' wil roepen. Daarbij merk ik meteen dat het heel nuttig kan zijn om tijdens het aanspannen van de spieren adem te blijven halen. Bovendien laat ik met de geslaakte kreet in één zucht al mijn spieren los met als gevolg dat Grýla in één klap lang wordt en ontspannen begint te draven. En dan komt het volgende: Dat is niet langer de bedoeling. Van de instructeur moet Grýla vanuit tölt voorlopig telkens terug naar stap. En ja... let wel... op het aller- allerlaatste stukje buik.
Bij de volgende poging word ik dus geacht om na een paar töltpassen Grýla te laten stappen puur op mijn buik. Daar gaan we dan... Stappen, buik aanspannen, aandrijven, paar töltpassen, buik ondertussen aangespannen houden, tegelijkertijd ademhalen, buik nog verder aanspannen en dan stap. Althans.. dat was het idee.

Voor Oudste is dat ook geen enkel probleem. Naast studeren en fanatiek paardrijden wordt er ook nog op topsportniveau aan ballroomdansen gedaan. Vijf trainingsdagen per week. En zo zijn er zondagen waarop ze eerst 4 paarden rijdt en daarna nog gerust 3 tot 4 uur op de dansvloer doorbrengt. Nee, dan ik... Voor een 50+’er als ik met een kantoorbaan, die liever de auto pakt dan de fiets, die in geen jaren een sportschool van binnen heeft gezien en waarbij de fysieke inspanning niet verder gaat dan (huishoudelijke) karweitjes en paarden verzorgen, is dat toch een ander verhaal. Ik heb het gevoel dat ik mijn navel door mijn rug heentrek, maar er gebeurt niks.
Grýla tölt vrolijk door. Pan-nen-koe-ken, pan-nen-koe-ken.. "Meer buik!", hoor ik naast mij. En dan bevrijdend: "Neem er maar iets teugel bij." Met teugel én stem gaan we eindelijk naar stap. Oudste diplomatiek: "Ze vindt tölt ook veel te leuk!” En... "Om jouw spieren niet over te belasten en Grýla haar tölt taktzuiver te houden, is telkens een paar passen meer dan genoeg." Dat wordt dus oefenen, oefenen, oefenen.. Inmiddels span ik overal te pas en te onpas mijn buikspieren aan. Dat wordt een wasbord in de betekenis van een sixpack! Wie had dat ooit gedacht?! Vooralsnog echter is het enige verschijnsel... spierpijn! Ik geef 't je te doen, dat paardrijden met... 'meer buik!'.


Ruk aan de staart...

Ik geef een flinke ruk aan 'ons Diet' haar staart. Ze wankelt, verliest haar evenwicht en valt - baffff - vol op haar zij. Midden op het fietspad. Ik voel tranen branden als ik haar overeind help. We lopen vijf meter en dan... geef ik opnieuw een ruk... Op een dag zien we gelijk dat er iets mis is met ons Shetje.

Kreupel is zacht uitgedrukt. Ze haalt haar linker achterbeen met halve cirkels voorwaarts. Geen enkele buiging. De dierenarts weet spoedig te melden dat het een patella fixatie - de knieschijf op slot - betreft. Een aandoening die bij jonge Shetjes wel vaker voorkomt. Hij leert ons handigheidjes om het been uit die positie te krijgen. Ze krijgt iets tegen de pijn en uiteindelijk lijkt het leed snel geleden.
Een paar maanden later treffen we haar aan met hetzelfde euvel. En wat wij ook proberen - en later de dierenarts - het been blijft vastzitten of schiet binnen een paar tellen weer vast. Ze heeft duidelijk pijn en bovendien kampt ze ook nog eens met een kaakontsteking. De dierenarts raadt aan Dita naar de kliniek te brengen en om te voorkomen dat onze IJslander naar haar gaat dolen, moet zij ook maar mee. Foto's wijzen uit dat er geen sprake is van een afwijking in het been en dat is bemoedigend. Na een paar rare dagen zo zonder paarden mogen ze beide weer naar huis.

Op het terrein van de kliniek leren we hoe we Diet moeten dwingen haar 'manke poot' te gebruiken. Zoveel mogelijk rechtuit lopen en bij elke vastschietende stap een flinke ruk aan haar staart naar opzij. Bij het zoeken naar evenwicht kan ze haar been dan niet ontzien.En zo lopen we dagenlang kilometers over het fietspad met de eerste dagen om de paar meter een ruk. Een enkele keer kan ze haar balans niet tijdig herstellen en valt ze op haar zij. Elke tegenligger begroet ik met een stomme grijns alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. En.. hoop ik maar dat ze niet het net ingerichte meldpunt '144 Red een dier' gaan bellen.
Als ik dat deel met de dierenarts moet ze lachen. "Stuur ze dan maar door naar ons. Ik ken weinig mensen die zoveel overhebben voor hun dieren. Normaalgesproken zou ze er niet meer geweest zijn." Diet zelf is helaas het vertrouwen in ons een tijdje volledig kwijt. Aan de pijnlijke wandelingetjes probeert ze te ontkomen en de weken durende antibioticaspuiten met appelmoes komen letterlijk en figuurlijk haar neus uit.

Uiteindelijk is het enige wat ze eraan overhoudt de speciale manier van bekappen. Nog altijd laten we de achterhoeven 'binnendoor zetten' om een bepaalde stand van het been af te dwingen. Dus elke keer als de hoefsmid komt, is het tevens om te voorkomen dat ik ooit weer..  een flinke ruk aan ‘ons Diet’ haar staart moet geven.


Mam, ik ben gevallen!

"Mam, ik ben gevallen! Ik kan niet lopen, mijn broek is kapot, en.. mijn paard is weg!" Aan deze woorden wordt in familiekring nog vaak gememoreerd.
Ik krijg het telefoontje aan het einde van een zaterdagmiddag. Mijn ouders zijn een weekend op bezoek en mijn vader komt net fris gewassen uit de douche. Ik stel wat vragen en maak een inschatting over wat te doen. Naar een verbouwereerde vader beveel ik: "Meekomen, nú! Ik leg het onderweg wel uit." En zo stappen we samen in de auto. Mijn moeder in opperste verbazing achterlatend.
Ter hoogte van het bos vraag ik mijn vader om vast uit te kijken naar een loslopend paard. We zien haar overigens onmiddellijk als we de lange onverharde weg naar de afgelegen huizen inslaan. De chauffeur van een pick-up die daar op dat moment toevallig rijdt, stapt gelijk met mij uit in de wetenschap dat er ergens iets mis is met een gezadeld paard aan de wandel. Ik informeer hem kort en hij stelt voor om het nog steeds verschrikte dier voorzichtig klem te rijden zodat ik haar kan pakken voordat ze de weg kan bereiken. Dat lukt wonderwel snel.
Ik neem haar aan de hand mee richting het huis van de eigenaar. Mijn vader heeft inmiddels het stuur van de auto overgenomen en tuft achter mij aan. Vlak bij het huis zien we van de andere kant uit het bos de beide meiden aan komen. Oudste zwaar leunend op haar zusje. Dat ziet er gelukkig redelijk goed uit.
Even later bij de eigenaar aan de thee krijgen we het hele verhaal te horen. Beide meiden waren samen een buitenrit gaan maken. Opeens kwam er een jogger uit de struiken. De verzorg-IJslander van oudste schrikt en stapt de berm in. Daar vliegt plotsklaps een vogel uit en hoppa: oudste eraf en paard ervan tussen. De verzorg-IJslander van jongste schrikt op zijn beurt van al dit gedoe en gaat - in termen van jongste - aan de kletter. Een eind verderop krijgt ze hem onder controle en keert ze terug naar haar zus. Deze heeft haar been flink geblesseerd, maar lijkt verder oké. Haar paard is echter in geen velden of wegen te bekennen. Evenals overigens de jogger.
Inmiddels heeft oudste het bekende telefoontje gepleegd met als eindresultaat het theekransje in de keuken. Als iedereen enigszins is bijgekomen van de schrik blijkt oudste niet te kunnen fietsen. Dus springt mijn 80+-vader op haar mountainbike. De broekspijpen van zijn nette broek keurig in de sokken gestoken. Het ontbreken van spatborden zorgt ervoor dat hij zich bij thuiskomst nog een keer moet omkleden.Het was al een regel, maar sinds dat voorval nog strikter: Altijd.. een opgeladen mobieltje mee!Al zit ik er totaal niet op te wachten nog een keer gebeld te worden met: Mam, ..ik ben gevallen..

PS: Vergeet niet op www.knhs.nl de petitie ‘Red de buitenrit’ m.b.t. het onderhouden van ruiterpaden te tekenen.


Zweep!

"Jij gaat met zweep rijden!", zegt oudste tegen mij. De toon waarop spreekt boekdelen. Geen tegenspraak!
Ik slik een keer, want ik háát zwepen! De laatste keer dat ik er iemand mee in actie zag op een manier die mijn nekharen rechtovereind zet, was een paar weken geleden op een dressuurwedstrijd met jongste. In de inrijring reed een meisje van een jaar of 17 op een pony die het aardig moest ontgelden. De striemen bleven in zijn vacht staan. Het dier zelf was op de inwerking volledig afgestompt en reageerde totaal niet. De andere pony's in de bak des temeer. De een na de ander sloeg van het gezwaai en gezwiep op hol. Als na de proef van het desbetreffende meisje het jurylid de spoorplaatsen meent te moeten controleren, hoop ik stiekem op een diskwalificatie. Zo rijd je niet!

Naast de nare associatie met dierenmishandeling vind ik rijden met een zweep een regelrechte ramp. Ik krijg er kramp van in mijn handen en ben een absolute kluns in het overpakken van buiten- naar binnenhand. In de tijd dat ik nog op de manege leste, werd ik er ook heel erg lui van. Hoezo been gebruiken als een tikje met de zweep ook werkt.

En nu is onze IJslander, Grýla, in een nieuwe trainingsfase en is de zweep als hulpmiddel even onvermijdelijk. Kreun!

Ik begin met vanaf de paardenrug het leren oppakken van de zweep, die rechtop tegen de omheining is gezet. Dat vergt sowieso al het nodige van mijn balans. Dan heel voorzichtig naar een goede greep. Grýla heeft heilig ontzag voor de zweep en dat is aan haar onrust goed te merken. Bovendien zijn een thermobroek en een wind- en waterdichte jas in de winter zalig om te dragen, maar het even aanraken ervan met de zweep gaat direct gepaard met een hoop schrikgedrag oproepend geritsel. Pff..

De bedoeling is om naar meer stelling en buiging te gaan en de zweep te gebruiken als versterking om aan te geven dat ze naar buiten moet of om te begrenzen dat ze naar binnen valt. Bovendien, vindt oudste, kan ik zo gelijk eens proberen te voorkomen dat Grýla bij mij consequent probeert in draf de bochten af te snijden. De eerste keer dat ze dat laatste probeert, haal ik de zweep alleen even naar voren, zodat ze 'm goed kan zien. Van schrik stapt ze onmiddellijk diep de hoek in. Mij een flinke balansverstoring cadeau doend. Oudste moet verschrikkelijk lachen. "Ik zou gelijk even aangetikt hebben. Natúúrlijk doe jij dat niet! Maar het werkt wel!"

Tja.. eigenwijs als altijd. Eerst laten zien, eventueel even aanleggen en als het echt niet anders kan een klein tikje. En indien niet nodig.. weg ermee! Dus als oudste bij de galop vraagt waar de zweep is gebleven, wijs ik vrolijk naar de andere kant van de draad.

Je moet het niet overdrijven, dat rijden.. mét zweep!

 

Hé, Frankie!

"Hé, Frankie! Je mag!" Roep ik tegen jongste als ik aan de overkant iemand naar me zie zwaaien. Een grotere grijns als antwoord is niet mogelijk.

Jongste is een groot fan van zanger René van Kooten. Uiteraard wilde ze dus naar Jersey Boys, de musical over het leven van Frankie Valli en The Four Seasons. Na ons eerste bezoek wist ze nog een keer kaartjes cadeau te krijgen voor de eerste(!) rij. Na afloop scoren we als echte pubermeisjes handtekeningen en gaat ze samen met René en Hugo op de foto. Een fantastische avond!

De volgende dag rijd ik samen met jongste naar haar verzorgpony. Wedstrijddag! Tijdens de rit zegt ze ineens: "De cast van Jersey Boys moet elke voorstelling een topprestatie neerzetten en toch zie je ze ondertussen zó genieten. Dat ga ik vandaag op wedstrijd óók doen."Aangekomen bij de paarden volgt het gebruikelijke ritueel. Samen de blauwschimmel onder handen nemen. Ik was zijn staart met gewone shampoo, met blauwshampoo voor grijs haar en met conditioner. Ondertussen wast jongste zijn hoofd en de manen. Daarna snel het lijf wassen en de deken er weer op. Terwijl jongste vlecht en knotjes maakt, help ik nog even met mesten. Tegen de tijd dat de ruin onherkenbaar veranderd is, arriveert paps met koffie en broodjes. Tijd om de trailer aan te koppelen en af te reizen.

Als jongste met paps inschrijft, komt een moeder met dochter al ruziënd dichterbij. "Op de trailer jij!" snauwt moeders tegen de pony. Deze loopt gewillig de laadplank op en als dank daarvoor krijgt hij een trap na. Mijn maag krimpt en beschaamd wend ik me af. Ik weet allang dat bij haar een 'Mevrouw hoe was uw week?' een volkomen zinloze actie is. Bij de inrijring ontmoet ik het volgende moeder-dochter-koppel dat het zichtbaar en hoorbaar niet eens is. Gevolg: een gefrustreerde ruiter, een gefrustreerde pony en een kansloze wedstrijd. Tegen jongste en paps smeek ik vervolgens: "Laten we het alsjeblieft gezellig houden!" Want eerlijk gezegd, wie heeft er nu niet eens zo'n moment dat je denkt 'Wat doe ik hier?'. Maar de afspraak die ik in de auto met jongste maakte, blijft staan.
Om haar aan haar doelstelling te herinneren zou ik haar met regelmaat 'Frankie' noemen. En elke keer als ik dat doe, komt er een glimlach van oor tot oor. Zo dus ook bij de eerste proef als ik opgesteld bij A roep: "Hé, Frankie! Je mag! Bij A binnenkomen in arbeidsdraf; op X halthouden en groeten." Ze rijdt heerlijk ontspannen een goede proef. Hetgeen later ook uit de winstpunten zou blijken. Ondertussen houdt paps 'Mevrouw-hoe-was-uw-week' aan de praat om te voorkomen dat ze op jongste de onhebbelijke gewoonte -elke ruiter even vertellen wat er allemaal niet goed ging- zou kunnen toepassen.

Dan is het tijd voor de tweede proef. Ik wacht op het handgebaar van het jurylid. En roep enthousiast: "Hé, Frankie, ..!"


‘Old Heroes’

"Mijn hemel, wie doen ze daar nu een plezier mee?" Is mijn eerste gedachte als ik in de verte bij een stralende zon een groep paarden aan zie komen sukkelen.
 
In dezelfde week als Bonfire sterft Týrson vom Saringhof. Týrson..?! Ja, Týrson. Wat een Bonfire is in de dressuurwereld is een Týrson in de sportwereld van de IJslandse Paarden. Als ik het bericht van zijn eigenaren op Twitter lees, gaan mijn gedachten terug naar de laatste keer dat ik hem in actie zag: het WK IJslandse Paarden 2013 in Berlijn. Last minute boekte ik met oudste een lang weekend Berlijn met tickets voor het WK voor de finale zaterdag. Na een dag heerlijk de stad verkennen, reizen we op de vroege zaterdagochtend met de trein naar het wedstrijdterrein. De ovaalbaan en telgangbaan zijn ingericht op wat normaalgesproken een renbaan is. 'One world, five gaits', is de slogan die ons en 12.000 anderen vriendelijk verwelkomt.
 
En dan zie ik 's middags vanaf mijn kuipstoel op de stalen opbouwtribune de groep oud-kampioenen aan komen. De jongste 19, de oudste inmiddels 32. Mijn 'mijn hemel' wordt gelijk teniet gedaan als ze een voor een door de speaker naar binnen worden geroepen. Het betreden van de ovaalbaan met het proeven van de sfeer transformeert een ieder van hen terstond van een stram oudje in de winnaar van toen. Als alle paarden en begeleiders op het middenterrein zijn verzameld, mogen degenen die dat kunnen hun kwaliteiten nog eens aan het publiek tonen. Týrson is een van hen. Yoni Blom, die hem in Nederland uitbracht, berijdt hem. Met enkel een neck-rope! Meer is niet nodig om nog eens het uiterste uit hem te halen. Onder luid gejuich tölt hij over de baan. Zijn manen golven met het tempo en de hoge knieactie mee. Een en al trots!
Het applaus volgt de combinatie als een wave over de tribune. Paard en ruiter tot nog grotere hoogte opzwepend. Als uiteindelijk de laatste ‘hero’ de baan verlaat, valt de uitzinnige menigte emotioneel stil.
Die dag zie ik ook de nieuwe generatie Týrsons. Paarden met niet alleen grandioze fysieke kwaliteiten, maar ook met het juiste karakter en temperament. Paarden die zelf dolgraag aan enthousiast publiek willen tonen wat ze kunnen. Er wordt zelfs een 10(!) gescoord voor de galop. Sensationeel!
 
Terug in het heden naar het bericht in 140 tekens overvalt me een leeg gevoel. Het magische van de band met een dier dat jou in zijn hart heeft gesloten. Alleen mensen die dat hele speciale hebben mogen ervaren, weten hoe verdrietig het is om van zo'n dier afscheid te moeten nemen. Terugkijkend op al die mooie momenten met Týrson, Bonfire, ..., en mijn eigen, gelukkig nog in leven zijnde, paardjes denk ik: "Mijn hemel, wat doen jullie mij een plezier!"

Foto’s: WK Berlijn 2013; Yoni Blom met Týrson vom S,  Nederlands Kampioen T2 2009.

 

Ik ben een ezel!

Dat is helaas een associatie die ik heb met de cross country.
Eventing en vooral de term military hadden jarenlang voor mij een negatieve betekenis. Tot ik op Horse Event 2010 een clinic bijwoonde van Tim Lips. Zijn enthousiaste presentatie, maar vooral zijn respect en liefde voor het paard, maakten dat ik mij maar eens in de eventingsport ben gaan verdiepen. En.. tot de conclusie kwam dat mijn kritische houding het resultaat was van pure onwetendheid. Sindsdien volg ik Tim op Twitter, bezoek ik elk jaar Outdoor Brabant en kijk ik trouw Boekelo op RTV Oost.
 
Het mooie van het bijwonen van de cross vind ik de toegankelijkheid van het parcours. Niets leuker dan van start tot finish alle hindernissen te zien springen. Boeiend is ook elke keer weer om te ervaren dat de paarden niet kunnen wachten om te starten en juist in de startruimte vaak van hun ruiters het uiterste vergen. En dan onderweg: op volle snelheid met de oortjes erop. Dat zie en hoor je niet alleen, dat vóél je ook.

Er is alleen één groot nadeel aan de toegankelijkheid van het parcours: het oversteken van de baan. Op drukke punten wordt deze na een fluitsignaal afgesloten met touwen als de volgende combi eraan komt. Op een zo'n moment, als ik samen met jongste wil oversteken, is de tijd na het fluitje eigenlijk te krap en moeten we het op een hollen zetten. Aan de overkant blijkt dat gelijk met ons een oudere dame aan de oversteek is begonnen. En met haar rollator-tempo zit een drafje er bij haar echt meer niet in.

En dan.. ben ik dus typisch een ezel. Volledig blokkeren, geen woord uit kunnen brengen en ondertussen allemaal 'leuk-voor-YouTube-filmpjes' in mijn hoofd. Handig als vluchten geen optie is (militairen zweren bij muildieren), maar niet in zo'n situatie. Terwijl ik bij mijn positieven probeer te komen -er móét iets gebeuren- komt er een terreinman op een vouwfietsje aan gesjeesd. Hij, duidelijk allesbehalve een ezel, schreeuwt met een volume waarbij de luidsprekers in een keer volledig verstommen: "Blijf staan!". Het gezag dat erin doorklinkt, nagelt de dame in kwestie terstond volledig aan de grond. En dan.. dendert de imposante combinatie voorbij.. Nietsvermoedend op weg naar de volgende hindernis.

Als ik dit jaar tijdens de cross een hoop commotie hoor bij het bekende fluitje krijg ik acuut last van flashbacks. Dit keer is het een oudere man met stok die zorgt voor de nodige opwinding. Hij wil met opzet onder de afzetting door en wordt daar terecht op aangesproken. Dat laatste mag echter niet baten. Hij zet zijn poging gewoon door en geeft achterom kijkend nog een grote mond tegen de terreinwachten.
Wat nou als het door zijn stommiteit was fout gegaan? Tja.. Ik doe.. helemaal.. niets.. Ik ben een ezel!

 
HO?!

"Hooo! Ho nou meisje!"
Mijn collega's liggen dubbel als ik het verhaal uit de doeken doe. Ze zien het helemaal voor zich.
'Ons Diet', een mini-Shet, kwam als veulen bij ons als gezelschapspaardje voor onze IJslander. Al snel bleek dat ze erg werkwillig is. Toen ze last kreeg van patella fixaties (knieschijf op slot) moest er echt iets gaan gebeuren. Maar wat? Berijden was geen optie. Maar ja, als je er dan niet op kunt dan maar... er achter. Mennen dus!
Na een paar jaar basistraining met dubbele lijnen en verkeersmak maken, brak er een winterperiode aan met heel veel sneeuw. Dus.. sleeën! En dat ging zo gaaf! Inmiddels hadden we een prachtig tweedehands houten wagentje weten te bemachtigen. Op Koninginnedag reden we voor het eerst onze eigen rijtoer op de wei. Fantastisch! Ook op de tochtjes buiten deed ze prima. Tot op een dag...
Ze ineens besloot om niet meer te stoppen. Dat het opnieuw op gang trekken van de wagen maar een overbodige actie was. Hoe er ook "Ho!" gezegd werd ze bleef doorlopen. En dat op een buitenrit. Koortsachtig probeerden we gedrieën van alles te bedenken. Halstertouwen aanhaken, aan de wagen hangen, proberen klem te rijden; niets hielp. Ook voeten als remblok op het wiel had geen enkel resultaat. Zo'n klein paardje blijkt dan ineens verrassend sterk te zijn.
Ondertussen ben je wel op weg en wachten er allerlei verkeerssituaties. Dus op het fietspad maar draaien en keren, keren en draaien. De sloot ernaast kwam op een gegeven moment akelig dichtbij en in mijn hoofd begonnen zich allerlei doemscenario's af te spelen. In spoedoverleg planden we een route waarbij we geen enkele keer meer voorrang zouden hoeven te verlenen. En zo kwamen we heelhuids, maar volslagen shaky thuis.
De volgende rijtraining werd dus weer op de wei. Onder het mom ze wordt vanzelf wel een keer moe gingen we aan de slag. Maar dat viel dik tegen. Na drie kwartier draafde ze nog steeds met de kar erachter vrolijk rond, terwijl vrolijk allang niet meer op ons van toepassing was. De wendbaarheid van de wagen keerde zich ook tegen ons, want ze wist zich uit alle versperringen weg te draaien. Toen ze dan ook eindelijk stilstond, was de enige optie zo snel mogelijk uitspannen.
Terug naar de basis besloten we dat het tijd werd om de leidsels direct aan het bit te bevestigen en niet meer via het halster. Die directe inwerking deed het 'm. Ook voor de wagen! Even 1 keer die druk direct in de mond gevolgd door enige verbaasde weerstand met daarna gelukkig die volledige overgave: Ho is ho!
Kijkend naar mijn bijna in tranen zijnde collega's moet ik er zelf voor het eerst ook vreselijk om lachen. "Ho nou meisje!"

 

Op de kinderboerderij 

 

 

"Wij hebben een Kinderboerderij!”, schreef Oudste op een vragenlijst van school bij ‘Heb je huisdieren en zo ja, Welke?’.
Als iemand mij in mijn jeugd gezegd zou hebben dat ik later honden, katten, ratten, gerbils, cavia’s, hamsters en zelfs paarden zou hebben, zou ik die persoon per direct voor volslagen krankjorum hebben versleten. Dieren waren mooi en imposant en net als veel kinderen droomde ik van Lassie, Rex en Black Beauty. En natuurlijk, als groot fan van Arendsoog en Witte Veder, van Lightfeet, die aan de meest subtiele fluitsignalen van zijn ruiter gehoorzaamde.
In de dagelijkse praktijk echter vormde alles op meer dan twee benen een regelrechte nachtmerrie. Mijden! Het bracht me met regelmaat in problemen. Ik ging echt geen briefje doen in een brievenbus met achter die deur een waakse herdershond. Of boodschappen halen terwijl die Dobermann pincher in het park werd uitgelaten.

Op mijn 29ste werkte ik een tijdje in Canada en ging ik weer op kamers. Tot mijn eigen grote verbijstering bij een gezin met twee honden. Daar leerde ik in no-time dat een hond geen bijtmachine is, maar een fantastisch gezelschapsdier. Bij terugkomst in Nederland hadden we al snel onze eerste eigen hond, een Border Terriër puppy.

Onze beide dochters, die met huisdieren opgroeiden, kenden geen angst; ook niet voor dat dier dat nog altijd synoniem was met trappen, bokken, en op hol slaan: het PAARD. Zij genoten bij vriendinnetjes thuis van het vertroetelen en later het berijden ervan. Dat werd opnieuw een keer slikken. Doorpakken of voor altijd als een schijtluis langs de bakrand. Op mijn 45ste stapte ik voor het eerst op een paard. De eer was aan de bomproof verzorg-IJslander van Oudste. Wat een sensatie! Niet veel later begon ik met lessen op de manege. Om een paar jaar later met de zeer ervaren Oudste een eigen IJslander aan te schaffen met een miniShetje als gezelschapspaardje.

Recent bracht Jongste een vriendinnetje mee. De hele Kinderboerderij moest achter slot en grendel. Panisch was ze! Ik zie nog haar ogen vol ongeloof toen ik zei dat ik ooit net zo was als zij. Met onze kater goed gefixeerd op mijn arm zei ik: "Voel maar eens hoe zacht hij is”. Op een zo groot mogelijke afstand kwam er toch één uitgestoken vinger om hem heel eventjes aan te raken. Ik droom voor haar dat zij ooit mag ervaren hoe het is om een trouwe viervoeter aan je voeten te hebben of een kat die al spinnend op je schoot ondoorgrondelijk naar je ligt te kijken. En misschien wel het meest ultieme: mag ervaren hoe je intens kunt genieten van een buitenrit te paard.

Ik kan het iedereen aanraden.. zo’n Kinderboerderij!